kashba

Home


KASHBA Asiatica


Ais Loupatty & Ton Lankreijer


Staalstraat 6

1011 JL Amsterdam



Open 12:00 – 17:00

Zondag / Sunday 14:00 - 17:00




Contact:


31-20- 6 23 55 64

lankreijer@me.com

kashba@planet.nl


Tibetaanse Dzi Kralen


Waar ik bij stond, kocht vriend Pemba een losse zwarte kraal met enkele witte streepjes en cirkeltjes voor honderd dollar.


Het was 1975, Nepal – ik vroeg of hij wel goed bij z’n hoofd was.


De volgende dag had hij de kraal voor tweehonderd dollar verkocht – aan een andere Tibetaanse vluchteling.


Phemba lachte me uit.

‘Zo’n kraal is duizenden jaren oud! Dit patroon is héél zeldzaam en brengt veel geluk!’


Dergelijke dzi kralen hadden volgens hem magische krachten.

Naast koraal, turkoois en parels vormden ze het begeerde toefje op de bruidsschat.


Maar waarom zijn ze zo zeldzaam?


‘Omdat ze nauwelijks nog worden gevonden.’

- Bij opgravingen?


‘Nee, als er weer ’ns eentje uit de lucht is gevallen.’

De Tibetaanse hoogvlaktes liggen dicht onder het hemelgewelf en dan vind je nogal ’ns wat – kennelijk. De verzamelnaam voor die uit het firmament neergekomen stukjes en brokjes is tokchas  – of tockcha, thokcha, togcha, thogchag, thogchak, tokche, thog-lcag…

Nee, tokchas zijn geen afgebroken fragmenten of verloren ‘dingetjes’ die karavanen of soldaten de afgelopen millennia achterlieten tijdens een lange, barre tocht over het plateau. 


Nee, tokchas zijn evenmin afgebroken stukjes van paardentuigen, zadels of stijgbeugels. 


Ze zijn hemels – wat bij Tibetanen gelijk staat aan zeldzaam, oud, magisch en mystiek.


Ook hemelse schaarste vertaalt zich echter in geld – en met wat extra bijgeloof of een sterk verhaal zelfs in goud geld.


Met de jaren stegen de prijzen van bijzondere dzi kralen van honderden naar duizenden dollars per stuk. Het verhaal veranderde mee: de stenen waren weliswaar mensenwerk, maar niemand wist meer hoe ze duizenden jaren geleden werden gemaakt, de methode was definitief verloren gegaan.


Ergens in de negentiger jaren verschenen er plots recent gemaakte dzi kralen op de markt. Uit Taiwan, bleek pas na enige tijd. 


Handelaren wezen met veel nadruk en bravoure op het verschil in glans en dat hun voorraadje uit louter ‘authentieke dus antieke’ exemplaren bestond.

De heldere, harde glans van de nieuwe kralen was inderdaad onmiskenbaar – maar hoe moeilijk kon het zijn om een film van krasjes op het oppervlak aan te brengen? 


Voorheen diende een oude kraal na aankoop ‘gereinigd’ te worden van het eventuele, slechte karma van de vorige eigenaar.


Nu werd het belang van de herkomst (provenance) echter onmisbaar als ‘bewijs voor de prijs’.

Maar hoe moeilijk kon het zijn om onder een gevlucht volk een fictief verhaal met familielijnen te fabriceren?

Hoe meer je weet, hoe meer je ziet. Zolang het maakproces mysterieus en geheim bleef, was de koper aangewez

‘Aangezien de kennis van de kraal stamt uit verschillende mondelinge tradities, hebben de kralen aanleiding gegeven tot controverse over hun oorsprong, hun vervaardiging en zelfs hun precieze omschrijving.


Ambachtslieden gebruikten agaat als basissteen en verfraaiden vervolgens de lijnen en vormen van de kralen met behulp van oude methoden die mysterieus bleven. De behandelingen konden bestaan uit het donker maken met plantensuikers en hitte, het bleken, het etsen van witte lijnen met natron (een zoutmengsel uit opgedroogde rivierbeddingen) en het beschermen van bepaalde delen met vet, klei of was. - wikipedia

Afgelopen mei '22 vond ik in een schoolboeken-winkel te Chiang Mai Ancient Jewellery of Myanmar, from the prehistory to Pyu Period door Terence Tan. 

Het boek was in 2015 gedrukt in Yangon en best pittig geprijsd – maar het had dan ook een uitgeknipte foto van een gouden ring op de omslag.

De familie van Terence Tan handelt volgens het voorwoord reeds enkele generaties in de vele soorten edelsteen waar Myanmar (Burma) puissant rijk aan is: robijn, saffieren, spinel, granaat, topaas, amethist, peridot, maansteen, enzovoorts.


De jongste telg besloot er archeologie bij te studeren. Eind 19de eeuw was er door de Britse kolonialen een Epigrafisch Bureau opgericht voor het bestuderen van de inscripties op bijvoorbeeld stenen tabletten bij tempels. 

Het onderzoek werd geleid vanuit het archeologisch departement in Brits India.


 

Daar werden nieuwe rekruten uit Burma echter alleen opgeleid voor restauratie-werkzaamheden. 


Nog steeds is er sprake van deze samenwerking.

Pas in 1997 kwam er archeologisch onderwijs in Myanmar – vanuit cultuur-historisch oogpunt toch een van de interessantste landen in Azië. 


Inmiddels geeft Terence Tan gastcolleges op universiteiten in de VS en de VK over de proto-historische Pyu periode in Zuidoost-Azië.

In het boek legt Tan uit hoe in de brons-ijzer periode ambachtslieden begonnen te experimenteren door lijnen, stippen en cirkels te kerven in kralen van halfedelsteen. 


De ontstane motieven vulden ze op met poedervormige chemicaliën, als arsenicum, gele orpiment, kopersulfaat (blauwe vitriool), zwavel, cinnaber, ammoniak en borax. Vervolgens werd de steen verhit. 

Al doende ontstond er een traditionele techniek van bleken, etsen en alkalisch verven. Een methode die vooral effectief is op karneool en versteend hout. De verhitting maakte de steenstructuur wat losser, waardoor de chemische pasta naar binnen kon sijpelen. 


De wit-op-zwart en de wit-op-rood motieven waren het effectiefst en blijkbaar het meest gewild. Misschien ook omdat hiervoor maar vier soorten chemicaliën benodigd waren: salpeter, natron, ongebluste kalk en natriumchloride (zout).

’Eerst werden zwarte stroken geverfd op rode karneool-stenen. Daarna werden witte lijnen geëtst op de rand van zwart en rood, zodat de zwarte rand werd overlapt, voor een net ontwerp. Deze driekleurige geëtste kralen worden beschouwd als meesterwerken uit die periode.’ – Terence Tan

’Een populaire veronderstelling is dat de oude kralen van Myanmar verwant zijn met de geëtste kralen van de buurlanden.

De Tibetaanse geëtste agaat dZi kralen bijvoorbeeld, waarvan wordt aangenomen dat zij gunstige en heilige betekenissen hebben, die door recente Tibetaanse en Nepalese gemeenschappen aan hen worden toegekend. 

Birmese, geëtste kralen worden soms in verband gebracht met de zeer gewaardeerde dZi kralen, maar hun verband blijft onduidelijk.’ - Terence Tan


Onbekend is nog of de dzi kralen werden gemaakt in Tibet, Burma, India of elders. 

‘Hoewel agaatkralen van het dzi type werden gemaakt in de Indusvallei tijdens de Harappan-periode en op verschillende plaatsen die rijk zijn aan agaat-afzettingen in India, is de vroegste archeologisch gecontroleerde vondst van een agaatkraal met dzi stijl versiering van rechte en gebogen lijnen en cirkelvormige ogen afkomstig van een opgraving in de Saka-cultuur (Uigarak) in Kazachstan, gedateerd 7e - 5e eeuw v. Chr. Het zou gaan om import uit India, die wijst op handel over lange afstand met de meer nomadische Saka of Scythische stammen.’ - wikipedia

Oftewel: edelstenen en edelmetaal reizen mee de wereld rond, vroeger vaak als betaal- respectievelijk ruilmiddel. Dat Tibetanen alles wat van ver kwam fascinerend vonden, blijkt wel uit hun traditionele kleding en sieraden. 

Het bloedkoraal kwam voornamelijk uit de Chinese of Middellandse zee (de Zijderoute). De turkooizen kwamen voor het grootste deel uit Iran, de lapis lazuli uit Afghanistan, de parels uit Indiase wateren en de fossiele barnsteen wellicht uit Burma (dat zelfs een eigen soortnaam kent: Burmite). 

(Voor alle duidelijkheid: Kashba verkoopt geen oude dzi kralen.)



 


 


 


 


 


 

06 juni  2022 10:57









All photographs and texts ©Kashba  Ais Loupatty & Ton Lankreijer.Webdesign:William Loupatty