Transit

Naast ons strijkt een groep Nepalese contract-arbeiders neer. Meteen kijk ik op: zitten wij eigenlijk wel bij de juiste gate…? 

Maar al gauw begrijp zelfs ik de lichaamstaal van hun zeer aanwezige voorman: hier zitten, het kan uren duren, wacht tot ik jullie weer kom halen!

Heuvels 1

De kleine Nepalese man die naast me belandt, schrikt op als ik hem aanspreek maar vindt m’n nieuwsgierigheid even later toch ook wel weer leuk. 

Hij heeft vijf jaar in ‘Saoudi’ gewerkt en is nu op weg naar huis, naar zijn dorp ergens in het westelijk middengebergte van de Himalaya.

Dwars door de hal klinkt luid dat ene 'Mister Patrick, onderweg naar Kathmandu' zich bij de balie dient te melden. Op slag is hij mij vergeten en echoot naar de groep: ‘Kathmandu?!’

’Is jouw naam Patrick dan?’ vragen ze enigzins vermoeid.

Even is hij stil.

‘Wéten ze mijn naam daar dan wel?’

‘Jaa-haa... die staat net als alle andere in de computer.’

Even heeft hij daar verder geen idee bij, z’n hand friemelt wat aan z’n petje.

Delhi airport


- Verderop in de hal is het leuker, zeg ik, je kunt er nog wat eten of kadootjes kopen.

Een paar keer herhaalt hij niet-begrijpend het woord kosseli naar de groep. Ze lachen en leggen hem uit wat kadootje inhoudt. 

Daarop opent hij z’n handen en draait ze een paar keer om. 

D'r valt geen geld uit, nee.

Himal 2

- Maar je hebt toch vijf jaar in Saoudi gewerkt?

‘Op!'

- Alles op…?!

‘Zowat alles! Vraag me niet waaraan, ik weet het niet. Wèg, zeggen zij.’ 

Aangezien ongeletterde heuvelbewoners als contract-arbeiders van alle kanten belazerd worden, vraag ik er maar niet verder naar. Het is te laat, hij is al onderweg.

Himal 3

- Weten ze thuis dat je eraan komt?

‘M’n vrouw is in de tussentijd overleden.’

- Kinderen? probeer ik vlug.

Hij schudt z’n schouders en kijkt met een ruk een andere kant op. De lijnen en groeven in z’n gezicht zijn duidelijk niet alleen het resultaat van werken in Arabische hoogbouw bij 50 graden celsius.

Hoe oud bent u? vraag ik in de beleefde vorm.

‘Zestig. En jij?’

- Zeventig, zeg ik – omdat ik het getal 67 me niet zo snel te binnen schiet. Elk getal heeft in het Nepalees (en Hindi) een geheel eigen vervoeging; je dient zowat honderd namen te kennen - en te onthouden - om tot honderd te kunnen tellen.


Himal 4

Dan wendt hij zich tot de jongen naast hem: 

‘Hoe kan die man beweren dat ie ouder is dan ik?’

‘Omdat ie z’n leven lang al beter eet dan jij!’ 

Het ontbreekt de jongen in het leren jasje een beetje aan respect; hij is in het buitenland geweest en vindt de man met pet nu maar 'n beetje dom.

- Omdat ik geen vlees eet, antwoord ik om z’n klinklare waarheid wat te verbloemen – hetgeen in deze contreien niet een vreemde reactie is.

Sceptisch kijkt de kleine man van m’n laptop naar m’n gezicht en terug: géén vlees als je het betàlen kan..?

Himal 5

En weer keert hij zich tot de groep: 

’Hoe kan die man onze taal spreken..?’

‘Vraag 't hèm,’ lachen ze hem uit, ‘hij verstaat je toch!’

Met opgetrokken wenkbrauwen kijkt hij me zwijgend aan; ik heb kennelijk wat uit te leggen.

Ach, doe ik luchtig, dat kleine beetje Nepalees is me komen aanwaaien. De lucht van de Himalaya is zoveel beter dan hier….

Delhi vliegveld

Met een breed gebaar wijs ik naar de ramen en zie dat Ais daar omstandig een foto staat te nemen – iets waarvoor hij vijf, tien jaar geleden nog met zwaailichten zou zijn afgevoerd. 

Newspaper

Door de smog is het vliegtuig aan de gate nauwelijks te ontwaren. 

Delhi can’t breath! en Gas Chamber! koppen de kranten vanochtend boven enkele ijle, wit uitgeslagen foto’s.


– Heel het dorp loopt straks uit als ze je omhoog zien klimmen, opper ik. 

Hij verstaat het maar reageert niet. Het stelt hem niet gerust of vrolijk.

Naast me staart hij een end weg, terwijl ik  dit stukje tik. 

Het enige dat de man die vijf jaar voor niets werkte en de man die een vakantiedag verloren ziet gaan gemeen hebben, is Air India’s vertraging op vertraging…


Air India logo




Terug naar blog index

Home


tAll photographs and texts © Kashba, Ais Loupatty & Ton Lankreijer. Webdesign: William Loupatty.