BLOG Ned


Samuel van de Putte 4

Terug naar deel†3


Van Bengalen naar Nepal - deel 4


Cochin, 1724. Evenals de aangelegde zeilschepen, moet Samuel voor vertrek z’n voorraden verversen. Zoals het vullen van z’n geldbuidel.†

Kopergeld

Om een kredietbrief te verzilveren moet hij langs bij het VOC-kantoor dat om de stevige provisie graag als bank fungeert.

In wezen wisselt hij papiergeld voor zilvergeld, dat hij zo nodig weer inwisselt voor strengen geregen kopergeld om z’n dagelijks natje en droogje te betalen.


map india z w kopie 4

Ook probeert hij z’n gekoesterde medicijnkoffertje uit te breiden door te smoezen met de hoofd-chirurgijn. Tijdens het hete middaguur mag hij graag de landkaarten op het compagnie-kantoor bestuderen om te zien welke route hij zou kunnen volgen. Maar het zijn natuurlijk einzelgšnger als hij die onbekende gebieden in kaart brengen.

Eťn tekort kan hij slechts opheffen door te proberen de archieven van de†VOC-bolwerken binnen te komen. Maar dat kost de mysterieuze landreiziger doorgaans weinig moeite. Na een paar spannende of vermakelijke verhalen in de late namiddag lukt het hem altijd wel een stapeltje oude, ťťnzijdig beschreven documenten toegeschoven te krijgen.†

Na zo’n vijf jaren alsmaar verder trekken, is het anticiperen op gevaarlijke situaties of ziek worden z’n tweede natuur geworden. Samuel is alert, nauwgezet, kieskeurig en streng voor zichzelf. In een zelfde eenzaamheid als de befaamde Italiaanse reisboekenschrijver, z’n voorloper Gemelli Careri, maakt hij aantekeningen over route, mensen en omstandigheden – zij het zonder alle lamento bij het zoveelste desolato kampvuurtje.


SvdP brief 17 mei 1725

Z’n journaal, z’n trouwe toeverlaat, is onmisbaar geworden. Het bevat vele namen, adressen, routes, medicinale recepten, vondsten en bevindingen. De aantekeningen moeten nog jaren mee, door weer en wind. Aan de bestendigheid van papier is hem veel gelegen. Na alle omzwervingen heeft het stoere†VOC†papier uit Zaandam altijd nog z’n voorkeur.

In voorgaande jaren brachten compagnieschepen velletjes chinees papier mee terug naar Amsterdam. Ze waren gemaakt van geweekt en geslagen zijde. Rembrandt legde er veel geld voor neer om enkele ervan op z’n etspers te kunnen leggen.†


VOC postboot

In Europa probeerde men het proces te na te bootsen. In Holland verving men zijde door afgedragen lompen. Dat wil zeggen: vervangen door geselecteerd, gewassen, geweekt en tenslotte fijngehakt linnen.†



Dankzij de aanwezigheid van molens en water fabriceerde de Zaanstreek een goede, stevige kwaliteit, zij het in kleine hoeveelheden. Sinds de opkomst van de boekdrukkunst en de toegenomen bedrijvigheid in Europa, viel aan de vraag naar papier echter nauwelijks te voldoen.

Zelfs gestage aanvoer van lompen uit omringende landen kon het tekort niet verhelpen. Een paar decennia voor Samuel vertrok, vaardigde een Amsterdamse rechtbank zelfs een decreet uit dat een overledene niet langer in linnen doeken mocht worden begraven.†

Frankrijk maakte witter en eleganter papier, maar de Zaanse molens vervaardigden een veel duurzamer soort.

SvdP aantekeningen 97x133 mm

De opmerkelijke sterkte ervan bereikten ze door de geweekte en gebleekte lompenpap niet te stampen, zoals overal elders, maar door er messen op los te laten. Hierdoor konden ze de lengte der vezels bepalen.†Een vel papier werd naar wens geschikt gemaakt voor ganzenveer, penseel, drukpers of om iets mee in te pakken.

Lange tijd was het vervuilende procedť een zeer winstgevende nijverheid. De omringende boeren konden weinig inbrengen tegen de stank en het smerige restwater, hun vrouwen vonden er immers volop werk. Behalve de aanpak met messen bestond het Zaanse ‘geheim’ er namelijk uit dat de oude, soms zelfs met ziektekiemen besmette lompen door vele vrouwenhanden tot minstens zeven gradaties werden uitgesorteerd.

In elk gebied dat hij doorkruist, bekijkt Samuel met belangstelling de materialen waarop de bewoners hun kerven en krabbels bewaren: steen, boomschors, hennep, bamboe, plantenvezel…

Belangrijk geachte teksten worden veelal op perkament genoteerd. Dierenhuid is echter overal even kostbaar en omslachtig. Een eenvoudig gebedenboek behoeft zo’n honderdzeventig kalfshuiden.

Behalve sterker is het Zaanse papier uit de lokale†VOC†archieven ook nog eens redelijk vocht-bestendig – voor Samuel geen onbelangrijk detail.


Perkament


Map route

Van Cochin aan de westkust trekt hij dwars door het binnenland naar Negapatnam aan de oostkust. Hij vindt er een lokaal schip dat naar West-Bengalen zeilt. Nog steeds hoopt hij langs de Hugli rivier naar Delhi in het noorden te kunnen reizen. Om vervolgens in het nog noordelijkere, bergachtige Uttarakhand de oude handelspas door de Himalaya te vinden. Van Portugese broeders vernam hij dat het de jezuÔeten Antůnio de Andrade en Manuel Marques een eeuw eerder gelukt was om via die route het Tibetaanse hoogland te betreden.

Ganges

Maar eerst voert het zeilschip hem nog dagenlang door het onmetelijke, totaal onoverzichtelijke estuarium van de Ganges. Alleen ervaren, lokaal geboren kapiteins lukt het om het begin van de Hugli-rivier te vinden. De oevers van de eindeloos vele binnenwateren zijn overwoekerd met mangroven, waar lokale, Europese of Aziatische piraten eenvoudig de aanval kunnen openen. Al helemaal op plekken als het schip is vastgelopen in het het doolhof van zich verschuivende zandbanken.

Samuel, beslist geen zeeheld als z’n vader, houdt sowieso z’n hart vast sinds hij erachter kwam dat z’n boot waterdicht wordt gehouden met olie en vislijm.


Geldstukken

Eenlingen die in vroegere tijden verder trokken dan eigen streek of land waren doorgaans handelaren. Arabieren, ArmeniŽrs, Turken, Joden, SyriŽrs, IndiŽrs, Chinezen, Italianen. Bevriende, doch duizenden kilometers van elkaar wonende handelsfamilies verzorgen elkaars verblijf. Men kent elkaars zakelijke belangen, cultuur, gewoonten, streken, sores – alsook de opvolgende generatie.

Dit klinkt misschien idyllischer dan bedoeld. Wat handelaren eveneens al eeuwen bindt, is namelijk de algemene verguizing van hun nering. Het steekt dat de winst die een koopman, ogenschijnlijk zonder al teveel arbeid, op kosten van anderen werd gemaakt.

Op het subcontinent beschouwt men handelaren als een soort van lagere kaste op zich. De minachting wordt soms aangewakkerd en uitgebuit door jaloerse vorstenhuizen en legers die als altijd klagen over onvoldoende middelen te beschikken.†

Koopman met hoeden

Door het onderling uitwisselen van wissels en kredietbrieven – waar Samuel onderweg, tussen de†VOC†kantoren, soms van afhankelijk is – zijn de handelsfamilies tevens bankier. Hun verondersteld parasitair gedrag is wereldwijd een terugkerend thema in boeken en theater.†

Toch zijn het van oudsher kleine handelaren die als eersten grenzen overschrijden en het thuis heersende wereldbeeld met het eigen land als middelpunt der aarde doorbreken.†

Hun handel is een onmisbare schakel tussen afzonderlijke samenlevingen. Zonder uitwisseling tussen culturen is er weinig economische dynamiek en dreigt een gemeenschap te blijven steken in dogmatische machtsverhoudingen tussen rentenierende en verpauperende bevolkingsgroepen.†

‘De adel houdt je arm en de kerk houdt je dom.’ Samuel hoorde het al zeggen tijdens zijn studiejaren in Leiden –†en hij zag het patroon zo ongeveer overal onderweg.

Samuel – met z’n talent voor talen –†gaat in handelshuizen en herbergen graag in gesprek met rondreizende handelaren om routes en adviezen uit te wisselen. Het liefst klampt hij roomse missionarissen aan, maar die komt hij slechts sporadisch tegen.


Tempelcomplex

Omgekeerd ligt dat anders. Geen van hen legde ooit zulke immense afstanden over land af. Laat staan om niets anders dan z’n reislust te verzaden. Ook al doet hij dat sonder aanstoot te geven aan iemand int bijsonder, hij wordt vertrouwd noch begrepen. Een stel benen dat aan een stel hersenen de wereld laat zien? Hoe komt die landloper aan z’n geld!

Samuel gaat lokaal gekleed en houdt zich het liefst terzijde. Dat hij de plaatselijke taal niet spreekt, verwondert niet echt. Elke streek telt wel meerdere stammen en dialecten, men is niet anders gewend. De enige geschreven taal is die van paleis en tempel – en wordt gewoonlijk onder vertrouwelingen gehouden.

Zijn grootste probleem is het dagelijks afrekenen voor maaltijden, onderdak, kleding, tolheffing of omkoping. Niet het betalen, maar het betaalmiddel.


Geldstukjken- Blauwe stuiverskopie kopie


In Voor-IndiŽ spreken Europese compagnies van drie geldsoorten: christelijke, mohammedaanse en heidense. Oftewel: Europese, Arabische, Mogol munten. Het geldverkeer is echter eindeloos veelsoortig en ingewikkeld. Behalve plaatselijke vorsten slaan ook buitenlandse compagnies geldstukken, bijvoorbeeld Engelse roepies. De acceptatie en waarde van de munten varieert met de mate van hun macht in het betreffende gebied.†

Reaal van achten, Mexico

Alle munten moeten sowieso worden gewogen en bevonden. Onder andere om te bepalen of er niet – opzettelijk – teveel edelmetaal vanaf is gesleten. In dat geval moet er meer van ter tafel komen, een vrij visuele vorm van inflatie. Om het onderling eens te worden over de kwaliteit van de aangekochte handelswaar als wel over de waarde van het betaalmiddel is ook Samuel veroordeeld tot heel wat kopjes zoete thee.


Hoe ouder de geldstukken des te minder waard en gewild ze zijn. Zodra de ontwaarding gelijk is geworden aan de kosten van het munten, worden de oude exemplaren omgesmolten tot nieuwe – wat weer zoveel procent voor vorst of compagnie oplevert en voor gebruikers weer een hoop merktekens, kenmerkjes en details om te onthouden.

Evenals elke handelaar of winkelier heeft Samuel een zwart toets-steentje bij zich om edelmetalen te testen.


granles zilver

Voor noodgevallen in geÔsoleerde streken naaide Samuel wat zilver- en goudkorrels in kledingzomen. Z’n geldbuidel telt gerenommeerde, internationale munten, zoals de gouden Arabische dinar en de gouden Venetiaanse dukaat. Op het Indiase subcontinent loopt hij vooral met zilveren realen en roepies op zak. Waar nodig wisselt hij ze voor kopergeld om z’n dagelijks kostje of slaapplaats te betalen.


Brok zilver

Geldwisselaars legden hem uit hoe het komt dat hij – sinds SyriŽ – steeds vaker met zilveren Spaanse Realen op zak loopt. Vreemd, want de Spaanse koopvaardij mag van paus en koning geen zaken doen met de islam wereld – want Moren!


Bij gevolg vervoeren Spaanse handelaren hun gigantische hoeveelheden Indiaas en Bengaals textiel via de Filipijnen naar de Nieuwe Wereld, een gigantische markt. Betaling geschiedt in realen of in staven van Zuid-Amerikaans zilver. Met behulp van genocidale slavenarbeid wordt het edelmetaal in Mexico en Peru geroofd. In handelstermen: inkoop nul, verkoop maximaal, winst gigantesque.

Feitelijk zijn de textielprijzen – voornamelijk bestaande uit lonen – omgekeerd evenredig aan de macht die de betreffende compagnie ter plekke uitoefent.†

Geld reaal van achten

De naam ‘reaal’ stamt uit de Romeinse taal en herinnert het volk er dagelijks aan dat al het edelmetaal feitelijk de keizer toebehoort. Over de verschrikkelijke bloedbaden om het goud en zilver in Zuid-Amerika gratis te verkrijgen, zwijgt paaps Rome en christelijk Spanje in alle talen.†

Ten tijde van Samuel is de vraag naar zilver in AziŽ al ruim een eeuw bijkans onverzadigbaar. Zowel de Chinese als de Indiase bevolking neemt rap in aantal toe – en bij gevolg hun economieŽn. Aan betaalmiddelen is een chronisch gebrek.

Toen wrede rebellen in 1368 de Ming dynastie stichtten, probeerde hun eerste keizer papiergeld opnieuw door te voeren. Uiteindelijk zelfs met geweld. Maar het algemene wantrouwen bleek te taai. Heimelijk verrekende men onderling grotere schulden als vanouds met edelmetaal.

Binnen een halve eeuw werd zilver het officieel erkende betaalmiddel. De rebellen ontdekten dat het veel eenvoudiger was om belasting te heffen op edelmetaal dan via het incasseren van bijvoorbeeld herendiensten of oogstgedeelten.

Helaas zit er in China – maar ook in India – weinig edelmetaal in de grond. Binnenlandse handelaren haalden een tijdlang extra zilver in Japan en IndonesiŽ. Maar het bleef te weinig. De productie en export van luxe zaken als zijde en porselein moesten drastisch omhoog ter verkrijging van meer zilver.

Chinees zilverbootje

In Chinese havens werden de staven door waarborgbeambten getoetst, gemerkt en ter plekke tot wettig betaalmiddel verklaard. Voor dagelijks gebruik smolt men een deel van de staven om tot de bekende bootvormpjes vol merktekens.


Zo’n vijftig jaar voor Samuels geboorte kwam er een wereldomspannende markt tot stand. Sinds zijn geboorte verdienen slimme Europese handelsconstructies – dankzij de centrale ligging tussen oost en west – buitensporige provisies aan tussenhandel.†

Vooral van West naar Oost: zilver.

‘Ons echte goud in de Gouden Eeuw was zilver,’ stellen historici soms. Bij roof lijkt me alles per definitie van goud.


World GPD kopie


Samuels wieg stond aan het begin van het kapitalisme.†In dit politiek-economische stelsel gaat bezit feitelijk over de schuld van de ander – als een vordering op bijvoorbeeld uitstaande arbeid (in wezen koopt men nooit iets anders dan de inspanning van anderen).

wereldwerk

Niet gehinderd door academische nuance lijkt me dat niet het geplunderde zilver maar de mijnarbeid samen met de onderbetaalde textielarbeid uiteindelijk de continenten tot een mondiaal economisch geheel aaneen smeedden.



Zilvervat

Gedurende Samuels reis vervoert de Spaanse vloot het leeuwendeel van het Amerikaanse zilver al een lange tijd rechtstreeks naar India en China. Dat wil zeggen: via de Filipijnen om het gezichtsverlies van koning en paus te camoufleren.

Zelfs in Europa wordt zilver schaars. De twintig procent van de Hollandse bevolking die belasting moet betalen, laat geregeld grote tafelpronkstukken eenvoudig omsmelten.†


Zilver met verguldsel

Niet zozeer omdat ze niet kunnen betalen maar omdat ze over te weinig betaalmiddelen beschikken.†

De regering gebruikt hun zilver om oorlogen te voeren, maar op langere termijn vloeit het edelmetaal als kwikzilver toch richting het Oosten.


Munten

Sinds SyriŽ reist Samuel met zilver op zak, gemunt door de Mogols in Delhi of door de Spanjaarden in Mexico. Hoe de waarde van zijn laatste gouden dukaten uit VenetiŽ zich verhoudt met zilveren roepies, hangt af van waar, bij wie en met welke noodzaak hij wisselde. Alsmede de staat van de munt.


Temple zuid india


Zelf munt de†VOC†zwaar zilverendukatons, min of meer gelijk aan de half zo zware, gouden dukaat. Binnen het bedrijf verschilt de wisselwaarde ervan in de boekhouding van elk vestingkantoor. Het is het beste bewijs waarom VOC-jaarcijfers nooit bedoeld zijn om te kloppen. De East Indian Company, bijvoorbeeld, gaat akkoord met belastingcontrole van het grootboek per 21 jaar maar vindt het lichtelijk overdreven. Of de betreffende papieren dan in de tropen nog te lezen zijn of Łberhaupt nog bestaan, is irrelevant.

VOC bij vorsten Huderbad

Aangekomen in Chinesura, stroomopwaarts boven Kolkata gelegen, bemerkt Samuel hoe anders hier de mentaliteit bij de plaatselijke compagnie is: nÚg achterdochtiger en corrupter dan in voorgaande vestingen. De haven verstouwt vooral enorme hoeveelheden textiel, ruwe zijde en wol.

Het duurt niet lang voordat hij de geur van een heel andere, minder openlijke handel opsnuift: amphioen.†

Daarom gaat het hier zo hard tegen hard, begrijpt Samuel.

'Wat wil je,' haalt een compagnie-dienaar z'n schouders op, ‘dit hier is de vetste weide.'†

VOC factorij Hugli


Door de hoge prijs trekt opium veel smokkelhandel aan. Daarom richtten de†VOC-dienaren in Bengalen onderling een soort van sub-compagnie op. Vrijwel iedereen binnen de vesting deelt in dit ‘stilzwijgend profijt’. Wie niet mee wil doen, loopt gevaar – eventueel voor eigen leven. De enkele dwaze hoge hoed die vrije markthandel voorstelde als remedie tegen smokkel, kwam er met een plaatsje op de eerstvolgende retourboot nog redelijk vanaf. Lagere rangen vonden de dood. Inheemse heersers hielden ze van het zwarte goud weg door geregeld een paar van hun dorpen plat te branden.

Opium pijp

Bij gebrek aan voldoende zilver om in te kopen, is een†VOC-schip genoodzaakt tot een paar jaar binnen-aziatische handel alvorens het met retourladingen terug kan keren naar de haven van vertrek in de Nederlanden – en haar investeerders aldaar.

Een toenemend aantal schepen vereffent de rekening met opium – het zwarte goud. Terwijl Samuel van Cochin naar Bengalen zeilt, gaat er een partij van 5.000 pond opium in tegengestelde richting om er 200.000 pond peperkorrels mee in te kopen. Een schijntje, vinden de compagnie-‘dienaren', want het is nog niet de helft aan peper in vorige jaren.

Om het in een†18de eeuws gezegde te stellen: de morshandel verwijt de smokkelhandel dat ie zwart ziet.

Opium toebehoren

Binnenskamers denken de dienaren een nieuwe strategie uit. Een tiental jaren na Samuels verblijf leidt dit tot de oprichting van de SociŽteit tot den Handel in Amfioen (een vennootschap van enkele allerhoogste†VOC-bestuurders, regeringsleiders en koninklijke leden van het Oranjehuis). Geen enkele opperkoopman zal de komende anderhalve eeuw meer op de retourboot stappen zonder een onwaarschijnlijk fortuin aan wissels te hebben vergaard. Als geheel behaalt de†VOC†dan al lang geen winst meer.

Sinds Pieter van Dam’s Beschryvinge van de Oostindische Compagnie 1639-1701 – maar eigenlijk al sinds Linschoten’s Itenerario uit 1596 –†staat zwart op wit waarom men beter van amphioen kan afblijven. De calvinistische kaap-kooplui beseffen maar al te goed waarom de opiumhandel zo ongekend lucratief is, ze zien het resultaat vaak genoeg om zich heen. Hun rechtvaardiging is uiteraard dat opium een goede pijnbestrijder is. Dat gebruikers zwaar verslaafd kunnen raken, tja, dat moeten ‘die heidenen’ zelf weten.†

Opium tekening

Aangezien de†VOC†over een eigen leger beschikt, opereert de SociŽteit vanuit Batavia feitelijk als een narco-militaire kleptocratie.†

Opium flesje

Door opium bijvoorbeeld via kleine dealers†rond plantages gemakkelijk verkrijgbaar te houden, worden de arbeiders in feite lijfeigenen; zelden kunnen ze hun schuld afbetalen.†

Opium grafiek

Het maakt de elitaire vennootschap van bewindslieden en koningshuis tot weinig meer dan een criminele pusher.



Als een groepje Engelse artillerie soldaten voorbij vaart, op weg naar Patna, gaat Samuel maar al te graag aan boord.


Tempel hindu


Vanaf 1500 brachten Zuid-Europese schepen tevens missionarissen naar het subcontinent: Franciscanen, Dominicanen, Benedictijnen, Kapucijners en JezuÔeten. Op strategische kruispunten richtten deze Vaticaanse stoottroepen eerst particuliere huizen en waar mogelijk naderhand kleine kloosters op.†

Door hun onderlinge geschillen en rivaliteit bleek lange tijd gebieds-uitbreiding dikwijls belangrijker dan de feitelijke bekering der inlanders. Zo rapporteerde de jeugdige jezuÔet Ippolito Desideri, rond 1715 aangekomen in het hoog gelegen Ladakh, dat hij een zeer ontvankelijke weide had ontdekt. Per ommegaande broederpost kwam echter het bevel onmiddellijk op te breken en de Himalaya door te steken naar de Tibetaanse hoogvlakte.†


Missionaris

Niet zozeer om Tibet zelf – de spiritual top of the world-idylle was nog lang niet bedacht – maar omdat het dichterbij het dichtbevolkte China ligt. Daarbij meent het Vaticaan de adem van de protestante en calvinistische zendelingen in de nek te voelen.

Net als Samuel zijn vele Europeanen gefascineerd door het verre, magisch- mystieke keizerrijk waar fabelachtige uitvindingen en producten vandaan kwamen.†

Trinitatis

Van boekdrukkunst tot buskruit, van porselein tot zijde. Het gestrenge confucianisme lijkt het Vaticaan uitstekend te passen bij de eigen leer. De ‘blinden’ dienen slechts de juiste god nog te leren kennen, maar dat is dan ook hun opdracht. Extra ecclesiam nulla salus oftewel buiten de kerk geen zaligheid.

Trinity 3

De pionierende bedelmonniken raken soms dusdanig onder de indruk van het boeddhisme, dat ze niet anders kunnen concluderen dan dat AziŽ ooit eerder bekeerd moet zijn geweest.

Triratna kopie

Het triratna symbool (boeddha, leer en gevolg) dat ze in de tempels zagen, bijvoorbeeld, komt tŤ zeer overeen met het teken van de trinitatis (de heilige drie eenheid).

De mogelijkheid dat veel filosofie en religie in oorsprong van het Indiase subcontinent stamt, wordt niet ingezien – 333.333 heidense beelden blokkeren hun zicht.

Voor de roomse broeders zijn protestanten immer nog niks minder dan ketters. Hun gemeenschapshuis in Patna ontvangt Samuel echter welwillend. Zijn tanige, ingetogen voorkomen heeft onderhand ook wel iets van een monnik.†Hij had vernomen dat Desideri op doorreis in Patna is en in het gemeenschapshuis verblijft.†

Hij wil hem graag een bezoek brengen.


Xavier


De veertigjarige Ippolito Desideri lijkt de mantra der JezuÔeten te belichamen: il modo soave, de zachte manier. Wanneer je op tegenstand stuit, verander dan van tactiek door inschikkelijke voorstellen te doen of door ‘enkele van hun tradities te accomoderen’ – zolang dit aan ons geloof geen afbreuk doet. In de praktijk komt dit meestal neer op het overnemen van kleurrijke trivialiteiten, terwijl de eigen agenda stilaan ongewijzigd wordt aangehouden. De ene paus is voorstander, z’n opvolger weer juist niet. De ene keer vindt deze of gene orde de ‘aanpassingen’ te ver gaan, de meeste keren zijn ze vooral jaloers op elkaars successen.

Jesuit symbool

De dubbelhartige mentaliteit van il modo soave zit Desideri dusdanig in het bloed dat enkele broeders soms hardop twijfelen of hij niet een spion is.†

Een fiscaal van het Vaticaan, om nog even in†VOC-termen te blijven.

Maar na zovele jaren ervaring met de willekeur van zovele verschillende machthebbers is Samuel niet minder bedreven geraakt in ‘zachte tactieken’. De twee kunnen dan ook uitstekend met elkaar overweg – ogenschijnlijk althans.

Samuel wil heel graag weten via welke route Desideri kort geleden uit Tibet terugkwam. Hij moest wel terugkeren omdat het missiecentrum in Goa (India) had verordonneerd dat hij zijn missiepost op de hoogvlakte moest overdragen aan de kapucijnen.


Paus en monniken


Het Tibetaanse klooster dat Desideri enkele jaren onderdak had geboden, zag hem met lede ogen gaan. Ze konden zijn ideeŽn en de discussies die hij aanging wel waarderen. Aan de andere monnik herkent ook een monnik zichzelf. Bovendien vormt openlijk debat over de leer een wezenlijk onderdeel van hun kloosteropleiding.†


ippolito desideri

Desideri was een gedreven intellectueel. Het doet hem wellicht tekort om te stellen dat hij zich de Tibetaanse taal en de leer louter en alleen eigen maakte om het goddeloze boeddhisme te kunnen weerleggen – maar daar kwam het wel op neer.

Hij was echter ook in alles eromheen geÔnteresseerd: in het leven van de bevolking, hun gewoontes en geschiedenis, de natuur op het dak der wereld.

De inzet van de pientere jezuÔet contrasteerde sterk met de benadering van de andere broederordes in Lhasa. Hun benadering bestond in wezen uit de deur open zetten en wachten tot er een beroep op hulp werd gedaan – om dan terloops met bekering toe te slaan.

Als Samuel hem november 1725 in Patna ontmoet, heeft Desideri zijn ragguaglio (rapportage aan Rome) reeds voltooid. De vragen die de nieuwsgierige bezoeker stelt, helpen hem echter bij het ordenen van wat uiteindelijk z’n 800 pagina’s tellende Notizie Istoriche del Thibet zal worden (en welk indrukwekkend werk, eerste in z’n soort, meteen voor eeuwen wordt weggeborgen in de Vaticaanse catacomben).

Desideri route

In Europa is het Tibetaanse plateau, Samuels voorland, aldoor nog een grote leegte op elke kaart. Ippolito loopt echter over van gegevens. Samuel maakt dus volop aantekeningen. ‘Wel twintig vellen vol,’ bromt een broeder naderhand in een brief.

Desideri zegt hem de route via Ladakh maar te vergeten. Door het omvallen van de Mogol dynastie is de lange weg ernaartoe tŤ onveilig. Bovendien is de pas door de Himalaya maar kort open, hooguit zo’n vier maanden. Waarom probeert hij het niet via Kuti, de bergpas bij Kodari, de terugweg die hij zelf nam. Hij belooft een aanbevelingsbrief schrijven aan de broeders die in de Nepal-vallei een huis hebben opgezet.

Liggend lichaam chakras

Tegen het eind van 1726, na de regentijd, haakt Samuel aan bij een groepje Nepalese handelaren met honderden dragers en bergezels. De stoet sliert door het vorstendom Bihar, waar de oogst reeds lang is binnengehaald. In de verte, aan het eind van de kale, stoffige vlakte strekt het Himalaya-gebergte zich over de volle breedte uit.

‘Het rustende lichaam van Shiva,’ duidt een Madhesi boer met een breed gebaar.

Al lopend kijkt Samuel gefascineerd naar de reeks van witte bergtoppen die in een blauwe waas boven de horizon zweven. Daaronder begint abrupt het voorgebergte, rustend op een opmerkelijk strakke draaglijn.†


Patna kopie

De dribbelende handelaren mogen het tempo graag opjagen.†

Ze willen op tijd met hun saris en lappen stof in de Kasthamandap-vallei terug zijn.†Het Dashain- festival begint binnen-kort! †HŤt jaartij dat ouders nieuwe kleren laten maken voor de kinderen en voor zichzelf.†

Kortom, van die feestelijke dagen dat ze zelf ook thuis willen zijn.



Nandi


– Wordt tzt vervolgd –†


Naar vorige delen:†1 - 2 - 3

Blog index

Home


Voornaamste bronnen:

Boeken I
boek Graeber Chaudhuri
Boek Mission to Tibet Jesuit Roof
Paper M Kurlansky















Samuel van de Putte 3


- Van India naar Bengalen kopie


Voor zonsopgang verlaat Samuel alweer de havenplaats Gamron. Hij heeft geen idee wat hij met z’n z’n bliksembezoek aan het†VOC†kantoor teweeg heeft gebracht, hij heeft wel wat anders aan z’n hoofd. Hij moet zo snel mogelijk zien aan te haken bij z’n karavaan die alweer door is getrokken – door de Perzische woestijn, door naar India.

Toni Holsbergen

Bij elk kruispunt op de zandvlaktes verandert de horde mensen en dieren van samenstelling.†Het is inmiddels†1723, het mobiele dorp vormt al zo’n drie jaar z’n dagelijks bestaan – en bescherming.

Niemand in de karavaan behoeft ooit aansporing om de pas erin te houden. Ieder lid ondervindt †het aloude Perzische spreekwoord†aan den lijve:†Wie de woestijn binnengaat, is verloren. Wie haar weer weet te verlaten, is herboren.

Tekening:†Toni Holsbergen

Gujarath camel text

Lange delen van de route worden slechts spaar–zaam bevolkt. Er heerst oorlog, honger en droogte. Het gebied lijkt overal in rep en roer.

In het Perzische rijk ŗchter hem komt de eeuwen-oude Safavid dynastie ten val.†Op het Indiase sub-continent vůůr hem staat het machtige Mogolrijk op instorten. Geregeld stuit de karavaan op legertjes plunderaars.†

map india z w kopie

Met elke week gaat de woestijn over in tropisch gebied. In het steeds groenere landschap liggen de dorpen en stadjes tamelijk verspreid. Steevast omringd door een wal of een muur. Af en toe steken er weelderige huizen van kooplieden, grootgrondbezitters en ambtenaren bovenuit.

Zodra de karavaan ergens wat langer bivakkeert, laat Samuel zich de lichtere kledij van de plaatselijke Jain-bevolking aanmeten. Hun stijl is eenvoudig, allesbehalve opvallend, precies wat hij nodig heeft. Het past ook wel bij hem, hij is per slot al drieŽndertig.†

Maar met de vele machtswisselingen rondom houdt hij z’n mohammedaanse woestijnkleding vooralsnog even in reserve.

Jain yogis


Tegelijk met alle verandering in klimaat en natuur krijgt langs de route een volstrekt andere cultuur gestalte.

Jain witmarmer beeld

Her en der in het landschap lichten witmarmeren tempeltjes op met wonderlijke beelden en symbolen. Enkele zijn bekleed met fonkelend bladgoud.†

Samuel kijkt er met verbazing naar.†In de ene god uit de koran kon hij zich nog wel vinden – tenslotte is de zijne, uit de bijbel, eenzelfde soort woestijngod.†


Jain giga image

Maar het godloze uitgangspunt van de Jain is een mysterie voor hem. Niet dat hij in Zeeland van de zwarte-kousen kerk was, maar een wereld zonder begin- en eindpunt?†Goddeloos?

Yoga pose

Onderweg was hij wel bekend geraakt met schaars geklede pelgrims, bedelmon-niken en andere ascetische wereld-verzakers.†Maar hier, bij de Jain, staat onverbloemd het beeld van de mens centraal – nog naakter dan dat ze er zelf al bijlopen.†


Jain yoga

Reeds langere tijd teert Samuel op te weinig voedsel. Soms om wille van z’n slinkend budget, soms om niet ziek te worden, of omdat er ronduit weinig te eten valt.†

In bijna elke cultuur onderweg bleek het aantal regels in keuken en kerk even groot.†Hier in Gujarat eet de bevolking niets dat leven ontving.†

Het gaat echter verder dan vlees noch vis.†Zelfs wortelen en knollen dienen vůůr de oogst alle gelegen-heid te krijgen om eerst tot bloei te komen.

Voortijdig rooien kan bovendien leiden tot de zinloze dood van wormen en andere beestjes.

jain broom

Met verbijstering slaat Samuel enkele passerende asceten gade die – voorover gebukt vegend met een bezempje – hun pad vrij maken van mieren en insecten. Een enkele van hen draagt zelfs een lap voor de mond om te voorkomen dat een vlieg er z’n dood zou vinden.†


Jain uitsnede


Geweldloosheid is een van de oudste en voornaamste Jain-beginselen. Maar door slechte oogsten en armoede heerst er dermate†veel gewelddadigheid dat de karavaan meer bewapende mannen moet aannemen dan tijdens de afgelopen woestijntocht.†

Met als gevolg dat zich nog meer boeren, veehouders en handelaren langs de flanken scharen om van de extra bescherming te profiteren.


Mogol oorlog

Onderweg ziet Samuel de zwart-geblakerde restanten van dorpen die niet wilden of konden betalen voor†‘bescherming tegen de sluipdieven die de reizende luyden onderweg afzetten ende doodt-slaen’(zoals kooplieden elkaar soms op de hoogte hielden).

Samuels karavaan probeert snel - zo snel als met ossenkarren en kudden vee mogelijk is – aan de vechtzones voorbij te komen. Zelfs belangrijke havenplaatsen als Surat en Goa passeert de stoet op veilige afstand. Wie daar moet†zijn, haakt maar af.


Mughal empire

Om al het oorlogstumult te ontlopen, is Samuels voorlopige bestemming noodgedwongen Cochin, diep in het zuiden van het subcontinent. De havenplaats werd een halve eeuw eerder door de†VOC†op de Portugezen veroverd. Hij hoopt er in ieder geval een kredietbrief te verzilveren. Maar het zal nog wel een jaartje duren eer hij de vesting bereikt.†Intussen is hij er lichamelijk steeds slechter aan toe. Meer en meer beestjes bewonen z’n darmen. Door z'n looien huid kun je de botten tellen.


Nabobs

Gedurende hetzelfde jaar corresponderen enkele Compagnie-vestigingen onderling over hem. Per bootpost rapporteert kantoor Gamron het zonderlinge bezoek ener lantreisiger†aan het Centrale Indische Bestuur te Batavia, die het rapport door bootbrieft aan het†VOC†kantoor te Amsterdam, dat vervolgens het geval Van de Putte agendeert voor de halfjaarlijkse vergadering van de Heren XVII als een wellicht amusant doch niet te veronachtzamen agendapuntje.

^ A nabob is an Anglo-Indian term for a conspicuously wealthy man who made his fortune in the Orient, especially in India with the privately held and corrupt East India Company. - wikipedia

Octrooi

Hoe kan het dat een landreiziger, die beweert vijf jaar eerder uit Vlissingen te zijn vertrokken, zonder enig voorbericht†zo maar†bij kantoor Gamron aanklopt? Gekleed als mohametaan, waratje.Is dit niet wťťr een sluwe manier om het†VOC-octrooi – het met de Staten-Generaal onderhandelde†alleenrecht – te ondermijnen?†

- Wie is die vrijbuiter eigenlijk

‘Mijn broer,’ antwoordt iemand uit het gehoor.


Na twintig jaar kaapvaart bleef Samuels vader vanaf 1685 definitief aan wal.†Een deel van zijn vergaarde roofbuit investeerde hij in de Zeeuwse Voorcompagnie.†

Later, onder druk van raadspensionaris Van Oldenbarnevelt werden de elkaar beconcurrerende, zo niet bevechtende voorcompagnieŽn – Zeeland, Delft, Enkhuizen, Hoorn en Rotterdam – verenigd in de Vereenigde Oostindische Compagnie.†

Tijdens die fusie legden meer dan tweeduizend rijke families maar al te graag geld in. Ze veronderstelden dat de nieuwe ‘handelsonderneming’ domweg meer buit zou maken. Eendracht maakt macht.†

Gelijk piraten of vikingen maar dan gesofistikeerder.†


VOC aandeel

Tijdens de open inschrijvingen kon werkelijk iedereen een aandeel kopen, van arts tot boer tot huishoudelijk personeel.†

Achter de schermen ontwikkelde het grote geld echter al een eigen agenda. Vrijwel meteen werd bijvoorbeeld de put-optie bekokstoofd.†

VOC-aandeel

Vader Carel, rijk geworden dankzij zeeslagen en kaapvaart, behoorde zodoende tot de eerste generatie†VOC-investeerders. Hij trad toe tot het gezelschap van binnengelopen piraten & kaapvaarders dat met even rijke kooplui & regenten een bondgenootschap aanging.†

Als eerste ter wereld bedacht de†VOC†een systeem dat geld en verantwoording van elkaar scheidde: de naamloze vennootschap. Niet langer kon een bezitter (van anonieme aandelen) persoonlijk worden aangesproken voor wat een beheerder met het geld ondernam.†

Zeker in Samuels tijd stak deze handelswijze sterk af met het omringende islamitisch ethos waarin alleen al het opstrijken van rente op kapitaal verworpen werd.

Om vertrouwen in de nog onbekende naamloze ondernemingsvorm te wekken keerde de†VOC de eerste vier, vijf jaren opmerkelijk veel dividend uit; geld dat niet zozeer met koopvaart (handel) als wel met kaapvaart (roof) was binnengehaald – niemand had anders verwacht.


Gamron

Ondanks Samuels illustere geloofsbrieven bleef de secunde van kantoor Gamron moeilijk doen. De aangewaaide landreiziger kon dan wel de zoon van een voormalig vice-admiraal zijn, maar dan kon hij nog steeds een fiscaal zijn: een van de stillen die de Heren XVII op pad stuurden om corruptie op te sporen.†

In feite was iedere fiscaal een gemachtigd onderzoeksrechter die elke vorm van morshandel diende te vervolgen.†Nog erger was echter als hij een deel ervan voor zichzelf opeiste.

Na een vierde of vijfde gastenmaaltijd kon de fiscaal dan zomaar komen te lijden aan hevige koorts, darmleegloop of iets anders zeer betreurenswaardig.


Perziche golf

Toch blijft het Gamron-kantoor twijfelen. Hadden ze de jongeman nou wel of niet van dienst moeten zijn? Wie weet welke relaties de admiralen-familie allemaal onderhoudt… en tot in welke regionen…

In hun rapport aan de Hoge Regering te Batavia probeert het kantoor zich op voorhand in te dekken. Door te foeteren dat de jongeman de rivaliserende Engelse Logie had bezocht. En daar ook nog eens de nacht had doorgebracht. Nota bene bij de directeur thuis.†

‘En dat hebben wij niet kunnen goedkeuren!’

Abbas king of persia

Men mag het kantoor hoe dan ook niets kwalijk nemen. De jongeman verscheen onverwachts op een zeer ongelukkig moment. De afgelopen twee jaar waren benard en beroerd geweest. Nadat de opper-koopman overleed, werd de vesting vanuit zee aangevallen. Door rovers uit Muscat (Oman), aan de overkant van de Perzische Golf.†

Tot overmaat van ramp onttroonden ‘wilde Afghanen’†onverhoeds het eeuwenoude, Perzische koningshuis te Isfahan – 'waar ons kantoor nog heel wat geld heeft uitstaan.'

Hotoki

(In werkelijkheid kreeg de Afghaanse leider Mahmoud Hotak de meeste stammen†achter zich doordat hij z’n soldaten onder controle had en roof, verkrachting en andere uitwassen wist te voorkomen.)

De†VOC†koos heel bewust voor Cochin als hun belangrijkste vesting aan de kust van Malabar, het†zogenoemde Voor-IndiŽ. Er waren zelfs meerdere gevechten met de Portugezen voor nodig om het te verkrijgen. Het landschap sprak hun aan: leeg, vlak, waterrijk – Holland maar dan met palmen.†

Het vissersdorpje Mumbai, ofschoon veel†centraler gelegen,†werd aan de Engelsen gelaten – die het binnen afzienbare tijd tot de grote havenstad Bombay uitbouwden.


Heeren XVII


Op 16 oktober 1724 laten de Heren XVII†in Amsterdam een wereldwijd rondschrijven uitgaan. Wereldwijd, want je weet maar nooit welke streken de jongeling zich nog meer in het hoofd haalt. Het schrijven behelst het verzoek om 'Heer Samuel van de Putte alle gemak en beleeftheijt’ te bieden.†

Deze omslag in ontvangst dankt Samuel aan de voorspraak van z’n jongere broer. Constantijn werkt in Amsterdam ten kantore der convooien (koopvaardij-vloten).

Ter vergadering licht hij de†Heren†toe dat z’n broer, tijdens de grand tour naar ItaliŽ, het plan opvatte om alleen verder te reizen. Tot aan Peking. Min of meer in de voetsporen van de befaamde Gemelli Careri. Zijn toenmalige reisgenoten†kunnen het verhaal bevestigen, ze zijn inmiddels thuisgekeerd.†Door de gewelddadige, politieke ontwikkelingen aldaar kon zijn broer helaas niet anders dan uitwijken naar de†VOC-vestiging in Voor-IndiŽ: Cochin.

Natuurlijk weet Constantijn dat hij de†Heren†XVII†slechts moet zien te overtuigen dat z’n broer weliswaar eigenzinnig is, maar beslist geen morshandelaar. Immers, zou hij als VOC-aandeelhouder dan geen dief van eigen†portemonnee zijn?†

Hij verzekert de vergadering dat z’n broer, eenmaal in Cochin aangekomen, gewoon als passagier†een van de retourboten naar huis zal nemen.


Scheeps en timmerwerf


De†Heren†XVII†willen Constantijns verzoek in zoverre wel consenteren dat Samuel bij zijn verschijning in Compagnies gebied alle gemak en beleefdheid bewezen mag worden om zijn verdere reis te faciliteren.†

In hun wereldwijde rondschrijven voegen de†Heren†XVII†echter nadrukkelijk de voorwaarde toe dat Samuelzich van iedere vorm van handeldrijven dient te onthouden en dat daar in elke vestiging nauwkeurig op gelet dient te worden want de heer in kwestie wordt louter als passagier geconsidereerd.†


spiegelschip

Vroeg of laat valt elke monopolist ten prooi aan paranoia. Als maritieme macht kan de†VOC†de concurrentiestrijd op zee en langs de kust wel aan. Bijvoorbeeld door een haven met schepen te blokkeren of met kanonschoten te bestoken.†

Maar hoe dieper het land in, des te†geringer hun controlemogelijkheid.

Overigens sterven er aanzienlijk minder compagniedienaren door gevechten dan door de korte tochten naar het binnenland.

Een van de meest gevreesde ziektes aan de Malabar kust is knobbel-melaatsheid,†te herkennen aan de gezwollen benen. Men beseft nog niet dat deze zogenaamde†olifantsziekte door muggen wordt overgebracht.


map traderoutes asia


Dankzij octrooi en monopolie weet de Compagnie schaarste te creŽren en de prijs van specerijen decennialang extreem hoog te houden. Als gevolg daarvan is het smokkelen van†peper,†noten en nagelen niet minder profijtelijk.

De gouden tijden zijn echter voorbij als Samuel in Cochin aankomt. Onder meer doordat de East Indian Company haar servants wŤl toestaat er enige side business op na te houden.

Zodra de pels uitvalt, krijgen ook de luizen het koud.†De lokale mors-handelaren in het fort bezien Samuels komst met argusogen. Niet omdat de spichtige Zeeuw inheems gekleed gaat – in den†vreemde komen er wel meer vreemde snuiters voorbij – maar omdat ze verwachten dat hij uit hun toch al geslonken ruif komt pikken.

Een Hollander die zomaar uit de bush-bush komt aanlopen en beweert ergens in SyriŽ op een kameel te zijn gestapt, mÚet er haast wel een lucratief handeltje op nahouden. Wellicht in samenwerking met de Engelsen of Fransen.


Map India 1760

Behalve handelsgoederen vervoert de Compagnie ook passagiers. Het fort heeft zodoende een stadsherberg waar Europeanen kunnen overnachten terwijl hun schip in de haven ligt om te laden, lossen en te verversen (voedsel, water, brandhout).†

Ze boeken een kajuit naar een van de rondom liggende gebieden of ze zijn onderweg van Batavia naar Amsterdam met een van de retourschepen.

Samuel neemt er z’n intrek en komt – uitgeput als hij is – nauwelijks nog uit bed. Na drie jaar is het voor hem wel even wennen: niet langer begint elke dag vůůr zonsopgang met het opbreken van tent en kamp.†

Ten alle tijde ligt er een slaaf voor z'n deur. Om van dienst te zijn en om eventuele nieuwsgierigen weg te houden. Sahib slaapt.

En slaapt en slaapt.

Op†zijn verzoek komt wel de chirurgijn een paar keer langs. Van geneesmiddelen heeft hij van huis uit enige kennis.†Een deel van zijn familie zat generaties lang bij het apothekersgilde. Het vak had altijd z’n belangstelling gehad. Veel liever dan rechten had hij medicijnen gestudeerd, maar zijn voogd besloot anders.

Z’n jarenlange reis doorkruiste woestijnen en moerassen,†stilaan heeft hij †meer praktische ervaring dan een chirurgijn op het schip en in het fort kan opdoen. Beleefd hoort hij de diagnose aan en loodst de man naar de middeltjes die hij bij zich wil hebben tijdens de tocht.†

Verder doktert hij het zelf wel weer uit.


Cochin couchijn kleur


Een maand later is hij voldoende aangesterkt om een wandelingetje rond het hotel te maken. Het vissersplaatsje Cochin werd in†1503†door de Portugezen binnengevallen. Vrijwel meteen pasten ze er hun fortaleza e feitoria formule†toe. Geen factorij zonder fort, geen handel zonder oorlog.†


Thomas priest

Anderhalve eeuw later veroverde de†VOC†de haven op de Portugezen. Cochin was inmiddels uitgegroeid tot de grootte van een stad als Leiden in Samuels tijd.†

Meteen na verovering verkleinde de Compagnie het fort drastisch. Officieel om wille van betere veiligheid, officieus om betere controle over alle morshandel.†

De Portugese zowel als de inlandse, Syrisch-katholieke kerken van Sint Thomas werden afgebroken of tot pakhuis gereduceerd.†


Franciscuskerk

De Franciscuskerk uit 1503 –†op dat moment de oudste Europese kerk op het subcontinent – mocht blijven staan maar het interieur diende te worden opgeschoond tot gereformeerde kerk.†


Cochin aankomst hogehoeden

Alleen het stratenpatroon bleef min of meer hetzelfde, maar dan wel met nieuwe naamboordjes: Heere Straat, Peterselie Straat, Kalver Straat, Burger Straat…

Alle parochiepapen, vrijburgers, mestiezen en katholieke inlanders dienden elders te gaan wonen. Samen met hun vergramde godenbeelden.

Kort gezegd, segregatie op basis van ras en religie. Maar dan wel met uitzondering van onmisbare ambachten en beroepen.†

Niet anders dan in de†vestingen†in Colombo,†Bengalen of Batavia.

Wanneer Samuel er rondwandelt, wonen er binnen het fort zo’n tweehonderd huishoudens, oftewel zo’n tweeduizend inwoners – waarvan ruim de helft als slaaf.†


Cochin plattegrond


De lingua franca tussen fort en stad is het mengelmoessisch†dat de afgelopen anderhalve eeuw uit een menging van het Portugees, Arabisch en Hindi was ontstaan.†

Binnen het fort spreken alleen de hoedendragers Hollands met elkaar. Zoals de commandeur, Jacob de Jong, met z’n Raad van Acht en de Opperkoopman, of met z'n Fiscaal en de Secunde, met de eerste en tweede Magazijnbeheerder, de eerste en tweede Kassier, de eerste en tweede Soldij-revisor.†

Maar ook met de Raad des Gerichts, de Raad van Kleene en Huwelijkse Zaken en met de directie van de Weeskamer.

Onder de soldaten wordt van alles door elkaar gesproken – met name lichaamstaal. Zoals onder het honderdtal schildergasten (wachtsoldaten) dat overal en nergens vandaan komt.†

intocht Rijckloff Cochin

Toch is er onder de militairen tevens een Hollandse kern, bestaande uit de luitenant, zijn eerste en tweede vaandrig, zeven sergeanten, een garnizoen-schrijver, zestien korporaals, drie tamboers, een konstabel, twintig busschieters en een buskruitmaker.†


En dan kent de vesting natuurlijk nog de predikant, opper- en onderchirurgijn, tolk en ondertolk en de zogenaamde ‘lagere dienaren’ als de timmerman, zeilmaker, smid of kuiper.

De hoge voc-dienaren dragen ook binnen het fort een geweer of zwaard. De allerhoogste hoeden laten zich gewoonlijk vergezellen door bewapende slaven. Het gevaar kan immers uit vele richtingen komen: vanaf nieuw aangemeerde boten, vanuit het aangrenzende stadje, vanuit het duistere achterland of vanuit de oneindig diepe oceaan.


Zee gevaren kopie


Zo schoon en ordentelijk als Samuel het fort eerder op kaarten zag uitgetekend, zo anders is het in werkelijkheid. De bewoners lijken hun huisvuil achteloos op straat te gooien. Geholpen door tropische regens liggen de pleinen en erfjes er tamelijk stinkend en drekkig bij.


Hogehoeden slavin

De van oorsprong Portuguese huizen, verschillen nog maar weinig van de inlandse.†

De buitenmuren waren weliswaar uit het sterkere lateriet opgetrokken, maar dat is nauwelijks nog te zien. De afgelopen eeuwen werden er dagelijks handenvol koemest tegenaan gekwakt. Om te laten drogen†tot brandstof.

Binnenshuis zijn de vloeren van leem, een mengsel van zand en klei dat enigszins ‘ademt’. Tijdens de regentijd helpt het tegen de vochtaanslag langs de muren, in de kledingkast, onder het matras.

Wel moet er regelmatig een natte dweil over de vloer om krakeleren en verkruimelen te voorkomen. Maar met de vieze straatjes voor de deur is dat sowieso dagelijks werk voor de twee, drie slaven die elke woning telt.

Vorstenhuis Maharaj

Ze werden gekocht in Batavia of†verhandeld†op de tegenover liggende kusten van Madagaskar en Mozambique.†

Soms behoorden de inheemse horigen tot het rendement uit onderhandelingen met binnenlandse vorsten.†

Veel gemeenschapszin kent Cochin niet. Een jaar voor Samuels komst schrijft de Friese predikant Jacob Canter Visscher aan een bevriend natuurliefhebber:†

Kiekendief

'Mij schiet bij deze gelegenheid te binnen een belachelijk, maar voor degene die het onderging was het een smartelijk voorval, toen een soldaat stond te plassen en vanuit de lucht werd overvallen door een kuikendief die hem gevaarlijk verwondde aan zijn geslacht, die deze roofvogel voor een goed stuk aas had aangezien.†

Hoe roofzuchtig deze vogels ook zijn, ze doen eigenlijk veel goeds voor de stad, die ze van veel stinkende vuiligheid, die hen tot aas dient, schoon houden, omdat de inwoners zo zindelijk niet zijn.

Niet alleen de mannen hier maar ook de vrouwen lopen met ontbloot bovenlijf, stelt de dominee z’n vriend op de hoogte.

‘Aanvankelijk komt de blote boezem wat vreemd voor, maar de gewoonte neemt gaandeweg de verwondering weg.†

De Malabarezen knippen de stof van hun kleding niet, ze maken het niet passend voor hun benedenlijf, maar winden het slechts om en lachen om de Europeanen dat zij zulke mooie stoffen aan stukken snijden.’

Maar de dienaren van de Compagnie – in het plaatselijke mengel-moessisch bebidos†(dronkaards) genoemd – worden wel vaker uitgelachen.

Een ieder die bij de†VOC†intekent, weet dat hem minstens acht maanden vol stank, ellende en ziekte te wachten staan. Tenzij hij tot de dertig procent behoort die reeds op de heenweg z'n dood vindt.†

Rijk of geschoold is Europa niet. In vergelijking met Aziatische landen is er op de meeste gebieden eerder sprake van achterstand dan van voorsprong. Om in handelstermen te blijven: weinig Europese producten kunnen met soortgelijks in AziŽ†concurreren.

wereldbevolking kopie

Voor het maandenlange, tussendekse leven ronselt de Compagnie bij voorkeur onder uitzichtloze, wanhopige, eenzame, fatalistische jongemannen. Omgekochte rechtbanken geven gevangenen de keuze tussen zitten of intekenen.†

Amsterdamse hoeren luizen hen er ondubbelzinniger in. Zonder enige schuldgevoels sluizen ze de vergaarde schuldpapieren door naar de†politie voor baar geld. De jongemannen, veelal afkomstig uit verre streken, vermoedden zoiets ook meestal wel. Of ze wilden het niet weten. Een andere uitweg zagen ze nou eenmaal †niet.

Het maakt weinig uit waar vandaan de jongemannen komen aanlopen –uit Holland, Duitsland, Frankrijk of van verder – armoede beroofde hen lang tevoren van de meeste zelfwaarde. Bij de meereizende soldaten lag het niet anders.

Voor een benedendeks bemanningslid verschilt het dagelijkse leven op zee amper van het leven thuis als landarbeider in een†plaggenhut.†

Als zijn ouders die al bezaten.


Schip interieur doorsnee


De grootgrond-bezittende families waren de afgelopen eeuwen alleen maar talrijker en veeleisender geworden. Bijvoorbeeld in gebieden als Munster en Niedersaksen moest de derde of vierde boerenzoon noodgedwongen de familiegrond verlaten. Ze namen het markskramers pad naar rijkere kustgebieden als Haarlem. Daar was meer reuring om met leurhandel, marktkramen, piraterij, straat-amusement, diefstal of roverij te kunnen overleven.†

Om hun bandeloze schraapzucht vrij van oproer en verzet te houden, reageerde de heersende klasse door alle ‘meesterloze mannetjes’ te laten oppakken en tewerk te stellen in ongezonde werkplaatsen, in het leger, of in het gevang. En anders is er altijd nog de VOC.

Waren de†jongemannen niet reeds crimineel en gewelddadig, dan werden ze dat wel op het schip – uit levensbehoud.


Schip nacht

Eenmaal aan boord, veelal slapend in hangmatten, soms tussen de kanonnen, boven meurend brak water, zonder deugdelijk voedsel of seks, zijn ze onderworpen aan stelselmatig wreed gezag.†


Vanaf de pronkerige voorboeg proberen kapitein en officieren – vaak met wreed beleid – controle over het rapalje te houden.

De passagiers in de luxere kajuiten op het voordek houden zich ondertussen onledig met eten, bijbellezen, kaartspelletjes of schrijven in hun journaal.

Hamborgers etc

Het gros van de bemanning is jong, rond de vijfentwintig jaar. Tien jaar eerder behoorden ze mogelijk nog tot de vele Wanderburschen op zoek naar een toekomst. Inmiddels staan ze te boek als:

en voort nog allerhande

hoerewaarden, gauwdieven, dronken guiten, deugnieten†fielten en vechters.




Schip spiegel 4

Een enkele keer zit er ook een baldadige bankroetier, gesjeesde student, corrupte kassier, dubieuze deurwaarder of een andere losbol of lichtmistussen..

Samen met inhalige opperkoop-lieden en commandeurs bepaalt dit allegaartje schorriemorrie de eerste indruk die bewoners van andere continenten van Europeanen krijgen wanneer hun spiegel-schip out of the blue opdoemt en aanmeert.

Fysieke armoede herkent en verstaat zich in den vreemde meestal wel, geestelijke armoede doet sowieso geen moeite.

Eenmaal aan wal in het nieuwe, warme werelddeel is voor het lagere†VOC-personeel de keuze snel gemaakt. Waarom, of beter gezegd voor wie of wat, zouden ze ooit nog terugkeren? Het bemannen van de retourboten blijft voor de compagnie een aanhoudend probleem. Van het lagere personeel dat de Patria verliet – en de reis, gevechten, malaria en andere ellende overleefde – komt slechts een derde ooit weer naar huis.†

Heel anders dan bij de hogere rangen, die immers veel meer aan huis en haard achterlieten. Van de geschoolde en goed ‘verdienende’ klasse keert zo'n zeventig procent uiteindelijk naar huis terug.

wereldbol boot

Om tot deze topi wala te behoren, moet je op z’n minst kunnen lezen en schrijven. Daarbij moest een hoedendrager veelal z'n hoge functies van een voorganger kůpen – de cost gaet voor de baet uyt.†

Met geld maak je geld.

Op zich levert de aanstelling niet veel aan gage op. De VOC gaat er zonder meer vanuit dat de boven-laag op eigen wijze †z'n†costje zal†‘verdienen'.†

Een eerdere commandeur in Cochin wist zelfs aan het plaatselijke weeshuis en het lepra-huisje nog wat bij te verdienen.

Formeel bestrijdt de†VOC†datgene waar informeel iedereen geacht wordt aan deel te nemen. De Heren XVII geven zelf het voorbeeld door vooral vrienden en gunstelingen aan te stellen – oftewel zich te laten inkopen.†

Als de†VOC al†een zinspreuk heeft dan†is het wel: niet vertrouwen, maar omkopen.

De cost gaet voor de buit uyt.


Cochin couchyn painting


Om het gebied wat breder te verkennen, loopt Samuel op een dag het fort en stadje buitenom rond, het kost hem een dik half uur. Cochin doet hem denken aan thuis, aan Vlissingen, maar dat kan ook door de zilte lucht komen.†

Hij bemerkt hoe de bewoners vooral op elkaar zijn gericht. Alsof er buiten de omringende muren geen wereld bestaat. Alsof alleen hij enig idee heeft van het oneindige achterland met haar talloos vele volkeren en stammen.

Binnen de vesting gelden strenge kledingvoorschriften. Dankzij de toe-gewezen hotelslaaf loopt Samuel in de juiste katoentjes.†VOC†dienaren mogen namelijk geen lokale kledij dragen, ongeacht hoeveel aangenamer en praktischer deze in tropische hitte ook moge zijn.†

Het ‘vadsige, luye en verwijfde Mohametaanse kleet’ is zelfs verboden.†

Bewoners zuid-India kopie

Het onderscheid met de mestiezen, inlanders en slaven moet al op afstand en in ťťn oogopslag duidelijk zijn – voor de Hollandse bebidos.†

Hoe dichter bij de haven, hoe drukker het wordt. Hij ziet de rivier breed uitmonden in zee, waar volgens lokale legenden een verzonken stad droogvalt op de zeldzame dagen dat de Arabische Zee zich onheilspellend ver terugtrekt.

Hij ziet de bootjes met opmerkelijk hoge, gebogen netten die hem – na jaren van schapenvlees – eindelijk weer eens van verse vis voorzagen. Na de eerste hap welde er een golf van melancholie in hem op, hij moest z'n bord even laten staan.

Schip Aziatisch 2

Voordat de Portugese kraken (Spaans: carraca) eind zestiende eeuw om de Kaap navigeerden, zeilden er reeds een klein millennium talloze boottypes over de Stille en Indische Oceaan: de jal, ballam, boom, bagel, samba, show, logia, ganja, gallivant, grab, pattamar – om hier alleen de Indiase varianten te noemen.

Ze bedienden alle zeehandel binnen de driehoek India, Japan en IndonesiŽ.†Als deze boten en bootjes nu in Cochin aanleggen, eist de†Compagnie†tolgeld.

Peper

Aan de kade wordt er in- en uitgeladen: nootmuskaat, kruidnagel, peper, kardemom, kaneel, tin, koper of sisal-touw.

De zeeroute naar India mag dan een grote ontdekking voor de Europeanen zijn geweest, Arabische geografen en historici realiseerden zich voor de tiende eeuw reeds dat zij zich tussen twee werelddelen bevonden.†

Rond het jaar 1000 noteerde al-Muqaddasi dat ‘het land van de Islam’ zich tussen de Chinese Zee en de Romeinse Zee bevond. Ook †schreef de historicus al-Mas’udi, auteur van The Meadows of Gold,†al in 947 over kooplieden uit Oman, Basram en Bagdad die met bewoners van Indiase kusten waren getrouwd.


zilveren staven

De Europese markt heeft AziŽ echter nauwelijks iets te bieden, de producten zijn niet gewild of te duur.†

Om de eerste aankopen te betalen, vertrekt elk†VOC-schip vanuit Amsterdam derhalve met zwaar verzegelde kisten vol baar en gemunt zilver.†

zending

Gemiddeld staan er dertig tot veertig stuks opgestapeld in de kajuiten van kapitein en officieren, voorzien van zware sloten en omwikkeld met zeildoek; waar de stiksels samenkomen, prijken rode lakzegels.†

Tussen bestelling en ontvangst zit ongeveer twee en half jaar wachttijd. Iedereen aan boord tekende minimaal voor vijf jaar. Hun schip zal de eerste jaren niet naar huis terugzeilen, maar wordt ingezet om handel te verschepen tussen de Aziatische kusten van India, Malacca, China, Japan of IndonesiŽ.

Op Ceylon laden ze bijvoorbeeld betelnoten en kaneel – vaak gebruikt als kleurstof voor tapijten en textiel – om deze vervolgens aan Bengaalse kusten te verhandelen tegen fijn-katoenen stoffen voor de Indische Archipel.†

Vanaf de kade

Vanaf de kade kijkt Samuel naar de bedrijvigheid die zijn jaren-lange reis in feite betaalt.

Jammer dat de Compagnie de laatste dertig jaar geen winst meer maakt – althans voor de kudde der aandeelhouders.†Sinds 1689 is er officieel jaarlijks zo’n tien miljoen gulden verlies (op een gemiddelde omzet van zestig miljoen).†

De morshandel betaalt intussen al jaren met onder andere opium. Aan de kade merkt Samuel hier allemaal niets van. Het pijnstillende, verslavende middel ruikt alleen in het luchtvochtige seizoen opvallend sterk.

In de haven monsteren de zeelui de landreiziger. Ze staren naar de heer die niets anders buteerde dan zijn reislust te verzaden, zoals de compagnie zijn bezoek ondertussen rapporteert. De bootmannen doen onverschillig maar zijn bloedje nieuwsgierig. Toch blijven ze opmerkelijk respectvol. Niet omdat de jongeman overduidelijk tot een vrijgestelde bovenlaag behoort, maar omdat ze wel een inschatting kunnen maken van de afstand die hij op eigen houtje aflegde en het afzien dat hij doorstond.

vishnu as lord sudarshana he90

Op zijn beurt wordt Samuel het verschil duidelijker tussen reizen overzee en overland. Zeevarenden varen in een cocon bij elkaar volgens in kaart gebrachte routes.†

Om pas na vele maanden plompverloren op een verre kust te belanden, bij andere volkeren met een vreemde cultuur en een heidense religie.

Of zoals de plaatselijke dominee Jacob Canter Visser, kort voor Samuels komst, in een brief aan een vriend in Holland schrijft:†

Ganesh color

'Sommige sculpturen verbeelden mensen met de snuit van een olifant, andere hebben vier, zes of meer armen, weer andere zijn twee- en meer hoofdig, waaruit de dwaasheid van deze heidenen blijkt waaraan zij dus zijn overgeleverd.



Teachings


Niet gehinderd door enige kennis van het zwamkerdamsch†(sanskriet), beschouwt de dominee het zijn plicht zieltjes te redden van de afgoderij.†

Hoe meer leden zijn kerk telt, overigens, des te eerder de Compagnie hem zal moeten bevorderen naar, deo volente, Batavia.

Lingam houder

Om de plaatselijke, beeldrijke tempel-cultuur te hervormen tot de kale leegte van gereformeerde kerken zou echter ook hier een beeldenstorm nodig zijn.†

Meer dan God vreest de opperkoop-man het effect dat de bekering zou hebben op de handel. De inlandse macht is immers met religie verweven, de vorsten worden soms als wereldlijke reÔncarnaties van hogere machten beschouwd.

Goddank herbergt Vissers kerk zondags zelden meer dan vijftig zieltjes.


Shiva lingam houder

Uit veel van wat Samuel in fort en haven opvangt, klinkt onbegrip, afkeer en minachting. Hij begrijpt hun angst wel: het volkrijke, mysterieuze achterland zou ineens naar voren kunnen stormen en hen allen de zee of de dood injagen.†

Zolang de VOC niet wil accepteren dat handel geen oorlog is maar impliceert dat je de ander ook wat gunt, is die angst zeker gegrond.

Jesuit monk text

Voor geen goud gaat Samuel aan boord. In Vlissingen leerde hij al het geteisem kennen dat de VOC ronselde. Wekenlang vastzitten op een schip waar de passagiers evenzo gehoorzaam aan de kapitein en z’n officieren dienen te zijn, is niets voor hem.

Langs de route informeert hij regelmatig of er in de buurt vestigingen van de JezuÔeten, Franciscanen of Benedictijnen zijn. Hij gaat graag bij hen op bezoek. Niet zozeer omdat hij dan weer eens z’n geliefde taal kan spreken, het Italiaans, maar vooral omdat de monniken de achterlanden†wŤl verkennen.

Jezuiet

Langer dan de Hollandse, Engelse en Franse compagnies onderhouden de broederorden een netwerk voor onderdak, schuilplaatsen bij gelijk-gezinden, geldwisselaars, chirurgijnen, medicijn- of papierhandelaren, enzovoorts.†

Ook nemen de monniken brieven mee.†Een bijkomstig detail is wel dat als hun pauselijke opdracht hen eerst nog duizenden kilometers de andere kant op voert, de aankomst van een brief wel een paar jaar kan duren.


Zandloper bewind 2

Samuel besluit om van de westkust,†dwars door de binnenlanden, naar de oostkust te trekken.†

Dat lukt, maar veel verder dan Madras komt hij niet.

In het noordelijk deel van India is nog steeds teveel strijd en geweld gaande.






Van Cochin naar Bengalen

Via de Fransen in Pondicherry en de Denen in Tranquebar reist hij naar de Engelsen in Nagapattinam. Om daar tenslotte - wat moet dat moet - op 19 juni 1724 aan boord te gaan naar Bengalen;†op een particulier schip, dat wel.



Voeten


Samuel van de Putte Deel 1: Van Zeeland naar PerziŽ.

Samuel van de Putte Deel 2: Van PerziŽ naar India.

- Door naar deel 4 -†

Home

Index blog


Voornaamste bronnen:

Boeken
Voornaamste bronnen






Samuel van de Putte - 2

Naar voorwoord en deel 1

Van PerziŽ naar India


Ongerust kijkt hij achterom. Onder het maanlicht oogt de woestijn als een sneeuwvlakte. Vanaf een zandrug zwaaien drie silhouetten hem na. Z’n beste vrienden, want dat zijn ze inmiddels wel. Zelfs hun kleding wuift licht in de nog koele woestijnwind.

Kort na de overtocht van ItaliŽ naar Egypte hadden ze hun Franse mantels en pantalons, hun Italiaanse hoeden en schoenen, verwisseld voor eenvoudige djellabas, keffiyehs en sandalen.

'Aan de overkant van de Mťditerranťe dient men op te gaan in de couleur locale,' waarschuwden de nieuwmodische reisboekjes (die zelf de oversteek niet maakten), 'anders is men voor elke boef, bedrieger of bedelaar aldaar de kans van de dag.'

Met brede armgebaren zwaait Samuel naar hen terug. Opdat ze hem zolang mogelijk kunnen onderscheiden in de stofwolkerige karavaan richting daglicht. Het kon immers zo maar een paar jaar duren eer ze elkaar zouden weerzien.


karavaan - versie 2

Toen Egmond en hij een jaar eerder voet aan wal zetten in AlexandriŽ, herinnerde de eeuwenoude hoofdstad van Egypte nog slechts vaag aan haar naam en faam als metropool met 400.000 inwoners. Het aantal lag nu eerder richting 4000.

Samen met twee Engelse jongens besloten ze door te steken naar SyriŽ. Om via de Rode Zee, Jeruzalem, Beiroet en de tussenliggende woestijnen uiteindelijk tot Aleppo te komen. Mogelijk zou Samuel nog alleen verder gaan en de zijderoute een stuk ‘stroomopwaarts’ volgen. Daar had hij het althans over.


Alexandriakopie


Alexandria bazar

In voorgaande eeuwen was Aleppo uitgegroeid tot een befaamd, rijk en cultureel centrum. Gelegen op een kruispunt van meerdere karavaan-routes ontmoette Oost en West elkaar in haar bazaars.†

De bedrijvigheid maakte Aleppo na Constantinopel de voornaamste stad in het Ottomaanse rijk.†


Iran painting

Alleen al de vele Venetiaanse pakhuizen getuigden van de profijtelijke overslag waardoor met name de specerijen in Europa uiteindelijk zo peperduur werden.

Maar misschien spraken ook de recentelijk in het Frans vertaalde Duizend-en-een nacht vertellingen tot de verbeelding van de jongemannen.


Mahmoud Farshchian


Turkish Kaftan woman

Jean-…tienne Liotard

In Parijs en Rome was hun de opkomende Turkomanie – niet te verwarren met de veel eerdere Tulpenmanie – niet ontgaan: de kleurige schilderijen met oriŽntaalse voorstellingen, de gemaskerde bals in oosterse stijl in ‘Ottomaanse dragt’ met geborduurd vestjes (mintan), kaftans (qafṭān), pofbroek (zibin) grote bolle hoofdtooisels (tŁlbend), begeleid door Turkse composities van Brahms, Rossini, Gluck, Hšndel en Mozart…

De elite en kunstenaars in Europese hoofdsteden projecteerden een rijke, melancholische, romantische, erotische fantasie op het Ottomaanse Rijk die weinig met de OriŽnt te maken had maar alles met de Europese cultuur – kortom de begindagen van het OriŽntalisme.

Louis IV sultan Husayn perziŽ - versie 2

In Aleppo waren de consulaten van VenetiŽ, Frankrijk, Engeland en Holland echter al lang geleden weer gesloten. Na diverse Ottomaanse invasies en maar liefst zes hongersnoden binnen vijftig jaar kleefde de stad nog weinig grandeur aan.

Dali Columbus

Haar ondergang was echter al in 1488 ingezet wanneer Bartolomeus Dias de zee-route om de zuidpunt van Afrika ontdekt.

Vier jaar later zette Columbus voet aan wal in Amerika. De wereld van geld en goederen kantelde als het ware: Europa was niet langer een eindstation maar kwam in het midden te liggen.

Vervoer over zee bleek spoedig zoveel profijtelijker dan over land.†

Salvator Dali

Een doorsnee schip uit die tijd bleek even veel te kunnen vervoeren als een karavaan met zesduizend kamelen – en met veel minder last van douanes, afpersingen, overvallen, enzovoorts.

Wat de ondergang ook versnelde, was dat de Portugezen geen kans voorbij lieten gaan om de traditionele karavaanroutes te saboteren of daadwerkelijk aan te vallen.

Samenwerken zou profijtelijker zijn geweest, maar kortzichtige gulzigheid wenste zich een monopolie. Evenals bij de Hollanders, Engelsen en Fransen enkele decennia later. Pas veel later, na het mislukken van hun pasjessysteem voor nota bene lokale handelslieden, drong het door tot de Heren Zeventien, de VOC-bewindhebbers te Amsterdam, dat vrijhandel wel eens lucratiever kon zijn.


Heeren Zeventien

VOC Kamer Hoorn geschilderd door Johan de Baen in 1682

Binnen een halve eeuw na 1524, nadat Vasco da Gama als eerste de zeilroute via Afrika’s Kaap de Goede Hoop naar India volbracht, verschrompelden gestaag de royale provisies van Indiase, Perzische, Arabische en Italiaanse handelshuizen die van oudsher alle specerijen, zijde, parels, edelstenen en textiel per karavaan van Oost naar West verhandelden.

Aleppo map 2

Om de tocht naar Aleppo te regelen, betrokken de vier een sharif†(of madouga). Een dergelijke karavaan-hoofdman diende niet alleen de route door de woestijn te bepalen en hun veiligheid te garanderen, maar ook alles te regelen wat een groepje voyageurs onderweg vermag nodig te hebben: water en voedsel voor de jongemannen en de dieren, wijn, bedienden, keukenpersoneel, enzovoorts.

Het was even schrikken wat er zoal voor hun kleine, uitgelezen karavaan ‘nodig’ was – terwijl de voornaamste keuze nog gemaakt moest worden: gaan we ter paard of nemen we die bult, ‘dat door een comitť ontworpen paard’.

Daar denkt de lokale bevolking duidelijk anders over, kameel stamt van het Arabische جمل ǧamal, wat ‘sierlijk beest’ betekent.


Camel sharif


Een uniek dier dat als enige een last van gemiddeld driehonderd kilo door de woestijn kan dragen en zo nodig wekenlang zonder te drinken verder kan. Per dag verbruiken kamelen slechts zo’n anderhalve liter vocht waar andere dieren twintig liter of meer aan stoom afblazen.

Paarden – een ruiter heeft meerdere vervangingen nodig tijdens een karavaantocht – kon je aan het eind van de rit weliswaar weer verkopen, maar dan dienden de dieren toch eerst een half jaartje tot rust te komen en aan te sterken. Kamelen hadden slechts twee maanden nodig om te herstellen van een lange reis.


Camels

Geen enkele paardrijder raakt echter ooit gewend om zo ver achterop te stuiteren op de kont van het dier, met de benen bungelend over vracht aan beide flanken en met als enige houvast ellenlange teugels naar een pedante kop ergens helemaal voorop.

Third eyelid

Maar met neusgaten die dicht kunnen, met ogen voorzien van een derde ooglid dat als een high tech ruitenwisser het zand horizontaal opzij schuift, wulps-lange wimpers die het felle zonlicht dimmen en breed uitlopende eeltkussens om niet in het zand weg te zakken, valt er nauwelijks een beter ‘woestijnschip’ te ontwerpen.


Kooien

…mile Rouergue

Voor geen goud wilden jongemannen echter betrapt worden in zo’n hawdajmahoffi† (ook wel of kajawa genoemd). Zo’n vierkante bak waarin de reiziger zich op de een of andere manier rond of over de bult in het midden dient te draperen.†

Kooi 3

De parasol beschermt weliswaar tegen de meedogenloze zonnestralen, maar de weerkaatsing op het zand is even huid verschroeiend.

Trouwens, talloos waren de verhalen over hoe een hawdaj plots onder de kameel was komen te hangen – zonder dat de overige kārwān-leden er meteen erg in hadden.

Kortom, het ‘woestijnschip’ was en bleef het beste vervoermiddel, maar de meeste karavaan gangers lopen er net zo lief naast. Van kameel rijden ben je eerder moe.

‘Wie goedkoop wil reizen heeft aan drie kamelen p.p. voldoende,’ adviseren de reisboekjes.†

Naast de jongens liep een tiental kamelen, onderling neus aan staart verbonden. Het laatste dier droeg een bel om de nek. Om te alarmeren als iemand met een deel van de stoet vandoor probeerde te gaan.


karavaan schaduwen

Voor Samuels vrienden is in Aleppo het keerpunt bereikt. Hun terugweg zal zoveel mogelijk overzee gaan. Ze zijn inmiddels drie jaar van huis en hebben geen tijd en zin meer om ItaliŽ en Frankrijk nog eens over land te doorkruisen.

Het zal Egmond niet al te moeilijk vallen zich weer te schikken in de Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden. Sinds de afgelopen gouden eeuw is het land rap veranderd in een ‘adellijke republiek’ met een overwegend boerengemeenschap.

Hij kan moeiteloos de maatschappelijk positie innemen die hij voor vertrek reeds kreeg toegekend. Maar de reislust blijft bij tijd en wijle knagen. Een tijdlang wordt hij bijvoorbeeld ‘Representant van de Staten van Holland en West-Friesland bij het Hof van de Koning van Napels en SiciliŽ’.

In Samuel is echter de reiziger opgestaan.


karavaan ochtend


De karavaan waarmee hij Aleppo verlaat, is tamelijk klein: een paar honderd dieren, voornamelijk kamelen en ezels. Daarbij komen dan nog de paarden voor de sharif en z’n mannen.

Een kilometer verderop, waar de karavaanroute een ruime bocht om Aleppo maakt, sluiten zij zich aan. Op verzamelplaatsen in de nabijheid van een grotere stad blijven karavanen wat langer zodat de leden de markten, geldwisselaars of bordelen kunnen bezoeken terwijl de dieren wat kunnen rusten en aansterken.

In de vroege ochtend staan zo’n tweeduizend kamelen in rijen opgesteld om te vertrekken. Vierhonderd ervan zijn bepakt met handelsgoederen. Nog een paar honderd hebben passagiers tot last, al dan niet met hun bagage. Een groot aantal kamelen is ter verkoop, ter plekke of in een volgende plaats. Rondom wachten tientallen kleine kameelhouders op een laatste opdracht.

Portret man baard

Enkele sheiks met eigen beveiliging en bedienden gaan mee. Achteraan lopen nog een paar honderd pakezels en helemaal achteraan vinden armlastigen clandestien bescherming.

Hoe groter de karavaan, des te meer bewakende ruiters en wellicht veiliger voor iedereen. Onderweg sluiten andere karavanen zich aan waardoor het aantal dieren zich ineens kan verdubbelen of zelfs oplopen tot vijfduizend of meer.

De grootste bedreiging voor nomaden en karavanen vormen uiteraard de opgeworpen grenzen van nieuwe naties – ook al zetten die tegelijkertijd vaak weer nieuwe bevolkingsgroepen aan de wandel. Geen paradijs zonder uitsluiting.


map Savafit PerziŽ

Samuels gids koopt bescherming bij de opper-sharif en z’n bewapende ruiters die op en neer langs de karavaan surveilleren.

Om overvallen en diefstallen zoveel mogelijk af te weren, selecteert een sharif z’n manschappen het liefst uit omzwervende, soms afgunstige of in nood verkerende nomadengroepen. De sharif is zowel baas als rechter binnen de voorttrekkende gemeenschap die karavaan heet.

karavaan kopie

Hun allerbelangrijkste taak is echter de karavaan gaande te houden. Stilstaand zouden ze niet alleen een makkelijkere prooi vormen, maar elk klein oponthoud doet de stoet uiteen waaieren. De kamelen gaan ter plekke op zoek naar een bosje of struikje en de pakezels vinden het prompt wel weer welletjes voor vandaag.

Hoofddoek 4 portret

Stoppen leidt tot voederen, wat leidt tot herpakken van de vracht en tot niet aankomen voordat de duisternis valt.

Niet dat ze daar geen ervaring mee hebben. Bij zandstormen gaan de kamelen liggen – met de reizigers er schuilend achter. Een enkele keer zijn de stormen zelfs zo plots en fel dat karavaan gangers zich met de handen voor het gezicht in het zand laten vallen. Soms verkort de sharif† met opzet de rit om afstand te scheppen met een voorliggende karavaan. † † † † † † † † † † † † † † † † † † † † † † † † † ††K.E. Makovsky

Een derde van de karavaan buigt af naar Bagdad. De rest heeft de haven van Basra als eindbestemming, die op duizend kilometer oftewel 350 kameeluren van Aleppo vandaan ligt. Niet alleen wordt de havenstad geregeld door omringende stammen geplunderd, de afgelopen dertig jaar werd de bevolking twee maal door de pest gehalveerd.

Samuel gaat liever naar Isfahan. Misschien lukt het hem in contact te komen met een van de vooraanstaande geneeskundigen waar de universiteiten van Isfahan, Bagdad, Samarkand en andere† ‘parels langs de zijderoute’† al eeuwen om bekend staan.

isfahan

Onder kārwān-leden staat de oude hoofdstad van PerziŽ bekend als Nesf-e-Jahan, als ‘de halve wereld’. Vanuit de verre omtrek komt namelijk alles en iedereen er samen om van alles te verhandelen: voedsel, dieren, zijde, textiel, gereedschappen, specerijen, edelstenen, gevangenen, en wat al niet meer.

Bijwijlen telde Isfahan wel een miljoen inwoners. Handelaars uit omringende volkeren van rond de Middellandse, Kaspische Zee of de Perzische Golf bouwden er handelshuizen op.

Brug met bogen

Bij gevolg kent Isfahan vele grote, prachtige bouw-werken: moskeeŽn, kathedralen en bruggen die soms 33 bogen tellen.†



Maar ook het toen reeds wereldwijd beroemde†Meidan Emam: een plein van een halve kilometer lang bij tweehonderd meter breed, omzoomd met winkelgalerijen en ’s avonds verlicht dankzij duizenden olielampen.

Meidam emam isfahan

Ook de VOC probeerde er – een eeuw eerder – een handelspost te stichten. Langer dan vijftien jaar bleek het verblijf niet profijtelijk voor de Heeren Zeventien in Amsterdam. Isfahan lag te diep het binnenland in. Handelen raakte te veel verstrikt in de omringende culturen. Met andermans politieke belangen en oorlogen.


Veel tijd om Isfahan te toeren krijgt Samuel niet.


Isfahan drawing


De Safavidische Shahs –– een eeuw eerder in PerziŽ aan de macht gekomen als een van de zogenoemde gunpowder empires –– verliezen steeds meer macht. Vanuit het oosten valt de Afghaanse Hotaki’s aan. In het Noorden bevecht Peter de Grote terrein rond de Kaspische Zee.


Savid Empire 2

De herleving van de Shia Islam leidt binnenlands tot onverdraagzaamheid met soennieten, zoroastriŽrs, joden, Armeense en Georgische christenen. Ondertussen raakt de Shah-dynastie in decadentie en verval geraakt.


sultan Husayn perziŽ

De jonge Sultan Husayn begon z’n bewind in 1694 met streng-orthodoxe maatregelen voor het volk maar geeft zichzelf over aan wijn, vrouwen en gezang.

Ondanks het vele bloed aan z’n handen interesseert politiek hem niet zo. Binnens-monds heeft hij de bijnaam Yakhshidir, oftewel Goed zo.

Zonder betrouwbare informatie moet Samuel beslissen. Hij moet keuzes maken die de reis zomaar met een paar jaar kunnen verlengen.

Hij kan niet langer klakkeloos zijn grote voorbeeld navolgen, de Italiaanse arts Gemelli Careri en in de meest rechte lijn tot China proberen te komen. Bijkomend voordeel: de route via Afghaanse woestijnen en gebergten behoort tot de zwaarste en gevaarlijkste.


kaart centraal AziŽ kaar map perziŽ

Hij wil al het strijdgeweld – de opmaat tot de immer nog voortdurende Great Game in Centraal AziŽ – omzeilen door eerst zuidelijker te reizen en zo in een bocht er onderdoor te gaan.†

Als hij dichtbij de kust van de de Perzische Golf karavaneert, zou hij over een paar maanden Gamron kunnen aandoen (het huidige Bandar Abbas in Iran). Het is de havenplaats waar het VOC-handelskantoor voor PerziŽ zich tenslotte terugtrok.

Homing Pigeons

Het zal wellicht betrouwbaarder zijn om via hun kantoor brieven te versturen dan via een van de vele postduif-diensten die Isfahan aanbiedt. Geregeld zag hij ze langs de route staan: om de kleine honderd kilometer een til in de vorm van een toren.

Ondanks alle gevaren laat de Compagnie tot nog toe veel van haar post uit PerziŽ en India liever over land gaan dan over zee. Het VOC kantoor in Gamron maakt dankbaar gebruik van kooplieden en missionarissen die aankomen in de Iraanse haven-plaats Basra en over land naar de Turkse havenstad İskenderun reizen, om vandaar met de boot naar Marseille verder te gaan.

Bovendien kan hij er wellicht een kredietbrief te gelde maken. Met de langere route voor de boeg kan hij wel wat meer geld op zak gebruiken. Wie weet welke plotse politieke strubbelingen z'n weg weer zullen blokkeren. Z’n geldbuidel is – ondanks wat z’n vrienden hem nog voorschoten bij vertrek – het afgelopen jaar danig geslonken.


Karavanserai


Onder karavaanleden bestaat er een ijzeren regel dat men elkaar niet besteelt. Eenmaal binnen in de karavanserai zijn zowaar misdadigers veilig voor de nacht, naar verluidt zelfs als ze elkaars vijand zijn.

Karavanserai doornsee

Wie toch iets probeert, krijgt prompt de hele gemeenschap tegen zich en is z’n leven niet meer zeker. Zonder onderling vertrouwen is het dagelijkse reizen onmogelijk – de omgeving levert op zich al meer dan voldoende gevaren op.



Karavanserai 2


Een karavaan trekt niet zonder reden het liefst van karavanserai tot serai. Wie voor de nacht binnen is, moet zich veilig wanen om te kunnen slapen. Voor zover de teken, die op de kamelen meeliften, en de ratten het toelaten.

Karavanserai

De karavanserai werd rond de tiende eeuw als militair fort bedacht. Meestal liggen ze een dagtocht van dertig tot veertig kilometer van elkaar. De basisvorm is een muur die een centraal plein afschermt.

Bij de poort staan bewapende wachters. In de muur bevinden zich nissen om te slapen. De dieren blijven op het middenterrein. Een deel van de betaling is de dierenstront die achterblijft want kostbaar als mest en brandstof.


painting karavanserai

In een grotere karavanserai kan Samuel zich wassen. Veelal houdt de warme woestijnwind z’n lichaam zo droog dat z’n kleding alleen vies wordt door uitwendig vuil. Een shirt, djellaba of keffiyeh hoeft hooguit eens in de twee weken te worden gewassen.

Doek

De hete wind met nul procent vochtigheid droogt niet alleen z’n huid uit maar evenzogoed z’n ogen, oren en oksels. Van z’n neus kan hij maar beter afblijven, de haartjes prikken binnen soms als spelden.

Vaker is de karavaan echter aangewezen op het opzetten en afbreken van de eigen tenten. Met verkorte nachtrust tot gevolg. Als iedereen zeult Samuel z’n eigen karpet mee. Sommige nachten rolt hij zich erin op, want hoe heet het overdag ook kan worden, in de nacht kunnen twee doorstikte dekens te weinig blijken te zijn.

Ervaren als hij inmiddels is, weet hij de juiste plek te kiezen: weg van de stinkende kamelen en uit de rook van de kookvuurtjes, maar ook weer niet te dicht aan de riskante buitenrand van het tijdelijke dorp.

Ook schorpioenen en slangen vormen gevaar. Tegen een beet van de eerste schijnt het smeren van fijngestampte knoflook te helpen, tegen de tweede de uitroep 'La ilaha illa Allah!

Hoofddoek 1

Karavanen vertrekken vroeg in het duister van de vroege ochtend. Oudjes in omringende dorpen houden dat nauwlettend in de gaten, desnoods blijven ze de hele nacht op, om te voorkomen dat er gereedschap rond het huis, wasgoed van de waslijn of mogelijk een spelend kind verdwijnt.

Hoofddoek 2

Rond tien uur, als het heetste deel van de dag begint, strijkt de stoet neer. Pas in de namiddag pakt ieder z’n boeltje weer op om verder te gaan tot het begint te schemeren.

Tijdens zandstormen vindt Samuel bescherming bij z’n trouwe kameel, wiens nukkigheden en buien hij onderhand wel kent en in wiens herkauwende kop hij soms, tijdens de lange hete siŽsta’s, familieleden uit Zeeland meent te herkennen.

Hij weet dat z’n kameel pas met zeven jaar volwassen werd en uiteindelijk dertig jaar kan worden. Het dier heeft hem tijdens de route duidelijk gemaakt dat het weliswaar wekenlang zonder drinken kan maar niet zonder voedsel. Op de derde dag begint het dan luid te klagen, bij de vierde zakt het geregeld door de knieŽn en op de vijfde dag verdomt het nog in beweging te komen. Maar met een paar dadeltjes worden ze al gauw weer vriendjes.

Camel head

Het tijdrovende op- en afladen doet hij liever zelf. Om een goede balans te verzekeren en onderweg niet in penibele situaties te geraken tussen duizenden stappende stelten.

Als het hem echt even te heet wordt, doopt Samuel net als de anderen z’n meters lange hoofddoek, bijna een soort tulband, in water. Het koelt de hersenen, maar nooit lang. Bovendien is het meestal vuil en stinkend water dat in het beste geval door een paar linnen lappen werd gezeefd.

Hoofddoek 3

Dat komt ook doordat het de sharif niet altijd lukt om bij aankomst bij een meertje of oase de duizenden dieren uit het water te houden.

Het zijn vaak ernstig besnorde kerels, die sharifs. Een kaart of kompas wuiven ze weg, ze hebben voldoende aan de sterren – ook overdag.

Samuel ziet dat de oude gidsen zich verlaten op verlaten bakens als ruÔnes en waterbronnen, op welke wind waait in welke richting en wanneer, en op hoek en richting van de ribbels in het woestijnzand. Om daar vervolgens veelbetekenend bij te blijven zwijgen.


Desert colours

Met de jaren krijgt Samuel niet alleen oog voor welke zandkleuren riskant kunnen zijn – de gipsstenen oppervlaktes bijvoorbeeld of paden met mica-rijke steen – maar ook voor de schoonheid ervan.

De ene ochtend kent de woestijn kilometers lang alle tinten rood, roest en oranje, om in de middag over te gaan in stroken zacht en donker geel.

Volstrekt geluidloos zindert soms de stilte tijdens de hitte van het middaguur. Als er een vogel over z’n hoofd vliegt, klinkt het alsof iemand dichtbij z’n oor brieven doorscheurt.

Af en toe vindt hij een steentje dat hij niet kan laten liggen. Kijkend naar de langzaam voort trekkende dieren, beseft hij hoe onveranderlijk ze al duizenden jaar voorttrekken.

Zeeland is ver weg.

Her en der langs de route liggen beenderen en brokstukken uit andere tijdperken.†Af en toe passeren ze een vervallen dorpje, mogelijk verlaten na een bloedige overval of toen de waterput droogviel.†

slang woestijn

Niemand ruimt de botten, breekt de ruÔnes verder af of hergebruikt de losliggende stenen. Alsof het een spookdorpje is, bezet door slangen en ander ongedierte.


Op twee uur afstand van Gamron wordt de karavaan tegen gehouden. De douane van de plaatselijke sheik komt stadspassen verkopen en belasting over de goederen innen.

In een reizend dorp vol vreemdelingen, wapperende hoofddoeken, grote baarden en burqas kan Samuel zich nog wel verschuilen en een beetje vermommen. Maar in grote pleisterplaatsen is hij eenvoudig de klos.

Om de tijd en thee slurpende onderhandelingen over te slaan, biedt hij meteen aanvallend. Na twee woestijnjaren kent hij de tarieven wel zo’n beetje.

VOC emblem

Hij wil tussentijds namelijk naar Gamron, naar het VOC-kantoor. Aanvankelijk kochten Hollandse kooplieden er voornamelijk zijde op, maar sinds de rechtstreekse, overzeese verbinding met China verhandelt de vestiging er voornamelijk rozenolie en wol tegen suiker uit Java of textiel uit India.


Gamron port


Vanaf de eerste opper-koopman in 1630 hield vrijwel geen enkele directeur het er langer vol dan een jaar of twee. Zo’n tien procent van hen doordat ze binnen die periode overleden.


VOC ship

Als Samuel aanklopt is er juist weer een wisseling van de wacht geweest. Directeur De Croeze was nog geen half jaar op z’n post of hij overleed. De tweede man, assistent De Backer, weet niet wat hij aan moet met deze, naar eigen zeggen over land reizende Hollandse particulier. Is de man wel wie hij beweert te zijn? Is hij geen handelsspion voor de Fransen of de Engelsen?

VOC coin

De ontvangst is nogal een ontnuchtering voor Samuel. Men ontvangt hem met zoveel achterdocht en verdachtmaking dat hij zich beledigd voelt.†

Zijn broer Carel is nota bene ‘commies ten kantore van de convooien’ te Amsterdam en broer Reinier is ‘kapitein ter zee bij de Admiraliteit van Amsterdam’.†

Maar dat alles kan de assistent niet verifiŽren en de introductiebrieven vertrouwt hij evenmin.†Kortom, hij wil of durft geen enkele verantwoordlijkheid te nemen.


VOC soldaten

VOC-soldaten

Boos besluit Samuel te overnachten bij de concurrentie, de ‘Engelse Logie’. Slim is het niet, het maakt hem des te verdachter. Het schaadt de geloofwaardigheid van z’n reispapieren, die zowel op reputatie berust als op roddel – zoals hij later nog zal merken.

De volgende ochtend sluit hij weer aan bij de karavaan die aldoor nog buiten de haven van Gamron bivakkeert. Diep in het zuiden van India ligt de veel grotere VOC handelspost Cochin. Daar kan hij de boot naar Vlissingen nemen of besluiten alsnog verder te reizen, naar China.

Hij heeft een jaar de tijd om erover na te denken.


Caravan early morning





Samuel van de Putte†Deel 1: Van Zeeland naar PerziŽ.

Samuel van de Putte†Deel 2: Van PerziŽ naar India.

Samuel van de Putte Deel 3: Van India naar Bengalen

Home

Index blog



Voornaamste bronnen:

Lequin Meijer





Desert route to India book





James Michener









Samuel van de Putte -1

Europeans 18th century

Toelichting

De Marco Polo van de Lage Landen’ noemt de Brit George Bogle hem in z’n reisverslag van Tibet uit 1774.

Mission of Bogle

In andere oude reisboeken staat hij soms met eenzelfde verwondering in een voetnoot vermeld als ‘the Mandarin from Middleburgh’.

Uiteraard trokken in zijn tijd reeds vele Europeanen de wereld in – jezuÔeten, kapucijners, koopvaarders – maar vrijwel niemand die overland reisde. Laat staan alleen, laat staan zo’n dertig jaar lang.

Behalve enkele nagelaten kaarten en contracten was er verder nauwelijks iets over de man bekend. Na dertig jaar omzwerving gaf Samuel namelijk vanaf z’n sterfbed te Batavia de opdracht om al zijn paperassen te verbranden.†Onbegrijpelijk.†

Kaiser Library

Was hij na zolang alleen onderweg een dwaze zonderling geworden – of was hij na z'n jarenlange verblijf bij de lama’s in Lhasa dat juist niet? Vanaf de zeventiger jaren bleef het me intrigeren.†

De oude reisboeken die je toen nog kon vinden in bizarre bibliotheken als de Kaiser Library te Kathmandu of op hoge plankjes in boekwinkels te Darjeeling, leverden echter niets op.

Totdat in 1987Een Mandarijn uit Vlissingen’ verscheen.†

In hun onbedoelde publicatie van een restant probeerden Frank Lequin en Albert Meijer alle schrijfsels en snippers over Samuel uit bibliotheken en archieven bij elkaar te brengen.

‘De rest van Samuels leven kan nog slechts ingevuld worden met een historische roman,’ vond Frank Lequin tijdens het radio-interview dat ik toentertijd met de twee samenstellers had.

Dat vond ik niet. Het kan bijvoorbeeld interessant zijn om alsnog Samuels voetsporen te volgen – al dan niet concreet.

In 2003 verscheen Tibetaanse Perziken van Carolijn Visser. Zij volgde de kaart van Tibet die Samuel op een stukje perkament had geschetst. Het reisboek bevat echter voornamelijk haar eigen ervaringen onderweg.

Toch valt er – zonder te romantiseren – een uitgebreider beeld van Samuel te schetsen door aan te geven waar, wanneer en met wie hij onderweg te maken kreeg.

Laat ik zelf ‘ns een poging doen.

Om niet elke tweede zin met ‘misschien’ of ‘het zou kunnen dat’ te beginnen, maak ik soms keuzes die het meest voor de hand liggen. Als Samuel met Egmond en andere vrienden vertrekt, bijvoorbeeld, neem ik aan dat zij – net als de meeste anderen in die tijd – zich laten inschepen voor Calais.

Misschien lukt het me door hem digitaal na te reizen alsnog een antwoord te vinden – een vermoeden is ook goed – op de vraag waarom Samuel vlak voor z’n dood ervoor koos al z’n sporen te wissen.


Van Zeeland naar PierziŽ

†Samuels inktpotje te zien in Muzeeum, Vilssingen.


De jongemannen kenden elkaar nog van hun studie rechten in Leiden. Niet dat ze vrienden waren. Los van elkaar dachten ze er wel ‘ns over om de groote tour aan te gaan. Maar begin achttiende eeuw was het nogal onbezonnen om alleen door Zuid-Europa te reizen.

Teveel oorlog rondom.

Onderweg kon je wel aansluiten bij andere gefortuneerde zonen van kooplieden, regenten of adel. Maar ‘s avonds in de herberg kon je zomaar terechtkomen aan dezelfde eettafel als andere Europese tourgenoten wier vaders in oorlog waren met die van jou.


Grachten


Veelal was elk lid van Egmonds vriendengroepje voor vertrek reeds tot Schepen (wethouder) of Raadslid benoemd, tot de noblesse de robe. ‘Het kroost studeert rechten in Leiden,’ schamperde de historicus Huizinga, ‘en maakt daarna den grand tour door Frankrijk en ItaliŽ.’

(De kleene tour kwam niet verder dan de rivier Le Loire.)

Het initiatief om alsnog gezamenlijk te gaan kwam van Egmond. Sinds het behalen van hun bul was de wereld vier jaar verder, de Spaanse successieoorlog beŽindigd en de Vrede van Utrecht in de maak.


Groot tour groep


Lente 1718 nemen ze de boot naar Calais. Om via Calais, Lyon, Padua, VenetiŽ, Ravenna, Rimini, Pesaro, Faro naar Rome te reizen.

Ze vormden geen grote of opmerkelijke groep. Behalve hun gefortuneerde afkomst hadden de studievrienden vooral gemeen dat ze weinig op hadden met de francofiele gentilhommes ordinaires. Ze gingen liever rechtstreeks naar ItaliŽ, zo niet verder.

IMG 9523 kopie

In Vlissingen namen ze een open bootje dat dicht langs de kust voer. Dat was veiliger aan boord van een groot schip op zee. Als passagier moest je weliswaar op het houten dek in de open lucht slapen, maar je liep minder gevaar te worden overvallen.

Honderden, zo niet duizenden jongelieden waren hen in de zes- en zeventiende eeuw voorgegaan. En als altijd beklijven vooral de verhalen waarin het ernstig misgaat.

Bootramp

Zoals het drama met het groepje dat plots, een dag na inscheping, in langdurige windstilte terechtkwam. Het meegebrachte eten en drinken was zoals gewoonlijk op twee dagen berekend. Tijdens de lange, stille uren meenden ze aan de spiegelgladde horizon steeds duidelijker naderbij glijdende piratenzeilen te ontwaren…

Zodra hun zeil een beetje wind ving, zette het bootje linea recta richting kust. Panisch en verdwaasd door dorst, honger en gevaar, klommen de passagiers tegen de steile rotskust op… alwaar ze werden opgewacht door wrede dorpers en cayboeven die de boot-in-nood al dagen in het vizier hadden.


Aankomst kust


Dergelijke histoires d'horreur gonsden onophoudelijk door de eeuwen, al dan niet helemaal waar of zwaar overdreven. Elke zoonlief diende immers verantwoording aan huis af te leggen. Veelal in de vorm van lange brieven aan het thuisfront, maar soms ook als gids voor broertjes die later zouden vertrekken of te zijner tijd als gedrukt dagboek. Populair was het †zinnebeeld: de dwalende reiziger als god-zoekend mens.

ItaliŽ reisgids 18de eeuw

Ook circuleerden er talloze vriendenboekjes met informatie, adviezen en suggesties. Iemand als P.C. Hooft maakte daarin droge notities van feiten, anderen maakten de reis-heuchenis zo smeuÔg mogelijk. Immers, een opsomming van de route plus bezienswaardigheden was inmiddels overbekend.

Een doorsnee groote tour kostte per jaar zo’n zeshonderd pond, omgerekend zo’n vijftigduizend euro.

Uiteraard reisden gewone mensen – arbeiders, soldaten, zeelieden, priesterbroeders – voor een fractie daarvan. Doordat velen nauwelijks hun handtekening konden zetten, liet de meeste reizigers geen verslagen na. Met als gevolg dat Als altijd en overal met name de elite (hun) geschiedenis vastlegt.

map

Doordat de route naar Parijs na zoveel voorgangers vrijwel vast lag, was de reis beslist niet ongevaarlijk. Kwaadwillenden wisten waar ze in de struiken moesten liggen. Vooral het weggelopen of afgedankte krijgsvolk werd gevreesd.

Ook toen koesterde de ene Europeaan vooroordelen jegens de andere. Zo klaagden de Engelsen over de vieze, arrogante Fransen die hun behoefte bij elke aandrang ter plekke leken te doen. Italiaanse vrouwen gingen – wat the noble and gently born betrof – veel te direct op de man af.

Portret tour-ist

Maar de grote musea, uitgestrekte tuinen, schitterende kathedralen, imposante monumenten en prachtige pleinen maakten alles meer dan goed.


Young lords reisden soms per karos, vergezeld van gouverneur, bewaker en knechten. Velen van hen kwamen niet verder dan het roemruchte Parijslijk nachtleven.

onderweg

In elk thuisland gingen er wel stemmen op dat de grand tour verderfelijk was voor 'onze toekomstige leiders'. En dat er teveel geld richting rivalen zo niet vijanden verdween, was van even doorslaggevend belang. Geld en gedrag bleven door de eeuwen heen even grote twistpunten.

De gentilhommes droegen tijdens de voyagie zelden veel geld bij zich maar weer wel een pistool. Onder hen circuleerden namenlijsten van banken en handelshuizen waar de meegekregen wissel- of kredietbrieven verzilverd konden worden. Tegen forse provisies.

Als het geld opraakte, vroeg zoonlief liever niet om een nieuwe wissel- maar om een kredietbrief. Op een wisselbrief stond het bedrag reeds vast.

Groote tour 4xportret

Ook over geld & gedrag waren de histoires d'horreur talrijk: Vader, als u verlangt dat ik al die bezoeken aan familie, musea en opera’s afleg en verslag uitbreng, dan heb ik minstens nieuwe garderobes met bijpassende schoenen en pruiken nodig, alsmede een beter pistool en twee paarden.

De zogeheten toertjes, vermakelijke reizen, speelreisjes of divertissements tochtjes waren zeker niet goedkoop. Gemiddeld bedroegen ze per jaar zo’n dertig tot veertig keer het jaarinkomen van een werkman.

Tour

Gedurende twee, drie eeuwen bleven geld en gedrag de grote strijdpunten in brieven naar huis. De jongemannen waren de bildungsreise zogenaamd aan hun stand verplicht – maar omgekeerd hun stand ook aan hen. Een dergelijke diepte-investering diende beide partijen in aanzien te doen stijgen.

De intentie was om na terugkeer elke conversatie binnen gezelschappen te kunnen dragen. Doordat de jongvolwassene vertrouwd was geraakt met antieke talen en beschavingen. Althans met Frans, Italiaans, Grieks, alsmede met architectuur, kunst en theater in Parijs, VenetiŽ, Rome of sporadisch zelfs in Constantinopel. Opdat hij naderhand als koopman, regent of adelstuk niet overtroefd of geÔntimideerd werd. De reis naar Parijs en Rome was een pragmatische investering – althans wat vader betreft.

Groote tour sensueel

Uit eigen ervaring wist de gefortuneerde oude heer ook wel dat zijn zoon, niet minder welgesteld, daarginds, daar in den vreemde, aan heel andere vrijheden zou ruiken. En dat de plotse ongebondenheid moeiteloos in bandeloosheid kon overgaan. Of erger: in goddeloosheid. Of nog erger: dat het familiekapitaal en de oudedagsvoorziening in gevaar kwamen.

Om een twintiger die de wijde wereld intrekt en redelijk naÔef van de ene nieuwe situatie in de andere terechtkomt, bij vertrek alsnog te wijzen op eigen verantwoordelijkheid, is rijkelijk laat.

‘Zoonlief, doe niets wat je vader ook niet zou doen.’

- O, vader, mag ik dat allemaal?


Reisboek ItaliŽ

Het was zaak, meende de oude garde, om de jeugdige erfgenaam vůůr vertrek te verplichten. Door hem bij voorbaat tot een hoge publieke post te benoemen. Of door alvast een eigen huis voor hem te regelen.

En dan maar hopen – god zij met ons – dat hij heelhuids zou terugkeren en dat hij – god zij met ons – alles aan schade, schande, schaamte en bovenal schuld daar zou achterlaten, daar in den vreemde – of dat nou de antieke wereld dan wel een handelspost of kolonie betrof of waar dan ook.

(Was de eeuwenoude grand tour-traditie niet in 1789 plots afgebroken door de Franse – vrijheid! gelijkheid! broederschap! – revolutie, dan had de ontdekking van de stoomlocomotief dat dertig jaar later wel gedaan.)


Groote tour twee bos


Egmonds toekomst lag nagenoeg vast. Van wieg tot graf. Tenzij hij zou losbreken. Door bijvoorbeeld het (nacht)leven in Parijs te prefereren. Of door onderweg ‘beneden z’n stand’ verliefd te raken.

Zo niet Egmond van Nijenburg.

Na z’n rechtenstudie trad hij vanzelfsprekend toe tot de Leidsche Raad van Vroedschap en Schepen. De aanstelling hoefden z’n ouders niet eens te bedisselen. De Alkmaarse regentenfamilie was – binnen bedenkelijk korte tijd – eenvoudig tŤ vermogend geworden.

Een tiental jaren eerder was Egmonds vader door keizer Joseph I wegens bewezen (ongetwijfeld financiŽle) diensten tot baron van het Heilige Roomse Rijk benoemd. Hierna mocht het gezin de denigrerende bastaardstreep†uitgummen: de schuine streep die dwars door het familiewapen diende te lopen wanneer de tak afstamde van een onecht kind.

Tegelijk met het keizerlijk besluit werd meteen een nieuwe, ‘uitgebreidere’ stamboom gewettigd.


Groote tour


Samuel kwam uit een heel ander nest. Deels stamden zijn voorouders uit Vlaanderen. Aan vaders zijde waren zij veelal apotheker of medicus geweest.† † † † † † † † † † † † † † †

Aan zijn moederskant, de familie Biscop uit Zierikzee, brachten sommigen in het verleden het tot burgemeester, rekenmeester of baljuw (vertegenwoordiger van de vorst). Opa Biscop en enkele oudooms klommen later op tot hoge posten bij de admiraliteit.

Gedurende de Gouden Eeuw groeide het eenvoudige vissersdorpje Vlissingen uit tot een levendig stadje. Als haven lag het niet echt veilig tussen de vele inhammen en vluchtwegen. Als uitvalsbasis lag het echter zeer strategisch aan zee. Zelfs vanuit Spanje, Frankrijk en oostelijke handelssteden trokken gelukzoekers naar Vlissingen om niet in koopvaart maar in kaapvaart fortuin te zoeken.


vlissingen aanzicht 18de eeuw


Historici die graag het historisch blazoen oppoetsen, benadrukken dat kaapvaarders de staatskas spekten en piraten slechts hun eigen zak. Alsof toentertijd duidelijk was wie tijdens die roerige tijden met welk recht of doel de schatkist beheerde.

Tegen een percentage van de buit verstrekten de nationale machthebbers heuse kaapvergunningen. Dit zou je evengoed uitlokking en heling kunnen noemen. De historische rechtvaardiging luidt echter als altijd: de andere staten deden het ook.

Als fenomeen sloten piraten niet alleen beter aan bij de eeuwig-avontuurlijke zeevaart, in zekere zin waren ook zij in oorlog met de structuren en overheersing van opdringerige samenlevingen. Net als de kapers.

(Niet echt verschillend van de tegenwoordige kapers resp. zeerovers rond SomaliŽ, Thailand of IndonesiŽ.)


Zeeslag


Zeeland voerde echter een achterhoede gevecht tegen Amsterdam. De binnengehaalde miljoenen kwamen slechts ten dele ten goede van de Zeeuwse handel of scheepvaart. De winst verdween vooral in de zakken van enkele doorgewinterde reders en kooplieden. Op de Zeeuwse eilanden verschenen de prachtige patriciŽrswoningen die er nog steeds te vinden zijn.

Zelfs de kaapvaarders (met vergunningen) rebelleerden soms openlijk tegen de Republiek. De staat in wording – wie dat ook mochten zijn – †verordonneerde echter dat piraten de voeten gespoeld dienden te krijgen.

Oftewel: levend de zee in met die lieden!


kaapvaart 2


Tegelijkertijd werden de ‘Barbarijse zeerovers’ van Noord-Afrika met verdragen plus geldelijke bedragen afgekocht. Om de gevangen ‘christenslaven’ los te kopen, organiseerden thuisdorpen de nodige collectes en loterijen. Gevangen Afrikaanse slaven werden evenwel als galeislaaf doorverkocht aan Spanje.

Aan het eind van de zeventiende eeuw, toen Samuel werd geboren, waren de gouden kaapjaren voor Vlissingers nauwelijks nog verguld. Er waren zoveel boten en bootjes bij het plunderen van schepen betrokken geraakt – casino op zee – dat er nog nauwelijks traditionele handel in het stadje werd gedreven.

Kaart-van-Zeeland-uit-1643-Blaeu

Alleen de grootste reders verdienden nog goud geld, met het vervoer van slaven of verslavende genotsmiddelen van het ene continent naar het andere: het toentertijd gangbare†lorrendraaien (als woord een combinatie van†smokkelen als bedriegen).

Ten tijde van Samuels jeugd was Vlissingen weer terug naar af: een tamelijk doorsnee leeg, saai dorp op een van de vele Zeeuwse eilanden. Dat werd nog erger na het beslechten van de Spaanse Successieoorlog in 1713. Ondanks financiŽle investering wilde zelfs de voormalige visserij er niet meer floreren.

Samuels vader had echter bijtijds fortuin gemaakt. In z’n jonge jaren was Carel rap opgeklommen van kapitein-ter-zee tot Vice-Admiraal. Tijdens de vierdaagse zeeslag van 1666 was hij kapitein en zeven jaar later, tijdens de inhuldiging van stadhouder Willem III tot koning van Schotland en Engeland, was hij Vice Admiraal.

buitengoederen kaapvaartkopie

Z’n titels verschaften hem weliswaar contacten en contracten, maar op zich stond er een tamelijk bescheiden jaarsalaris tegenover. Dankzij de epauletten verkreeg hij echter grote inkomsten uit ‘buitengoederen’, zoals oude documenten z’n deelname aan het plunderen van schepen noemen.

Pas nadat Carel, als vijftigjarige, de kapingen en vorstelijke baantjes opgeeft, blijft hij aan wal. Hij koopt twee aan elkaar grenzende panden aan de Dokkade, trouwt de 27-jaar jongere Johanna Biscop en verwekt in rap tempo drie zonen en twee dochters.

Het gezin behoort tot de gezeten burgerij gezien de belastingen die het betaalt: ambtsgeld, familiegeld, paarden- en karosgeld, dienstbodengeld, enzovoorts.

Nog geen tien jaar later zijn beide ouders overleden en blijven er vijf kinderen achter.

Kennelijk wilde Carel van de Putte, na zovele woeste jaren op de woelige baren, nog aan wal een gefortuneerde,†fertiele stamboom planten. Geen van zijn drie zonen zou later echter voor nageslacht zorgen.

Vlissingen haven

Het ouderlijk huis, twee samengevoegde panden aan de Dokkade, gaat in de verkoop. De vijf kinderen vinden onderkomen bij oom Pieter die op de Grote Markt woont.

De vrijgezelle oom Pieter is Schepen en zit in de Raad van Vlissingen, een ambt dat in principe voor het leven geldt. Bijna vanzelfsprekend zet hij de drie jongens aan tot een rechtenstudie in Leiden.

Liever had Samuel geneeskunde of het apothekersvak gestudeerd, die tenslotte ook tot de familietraditie behoren. Hij voltooit echter z’n rechtenstudie met het geschrift ‘Over de toekenning van niet-aansprakelijkheid’. (Achteraf bezien een saillant onderwerp voor iemand die z’n leven nergens echt zal bij horen.)

Vlssingen schilderij

Na z’n studie keert hij niet terug naar Oom Pieters huis maar trekt in bij z’n oudste zus. Catharina is inmiddels getrouwd met Philibert van Boeschot, lid van het Vlissingse regenten-patriciaat. Weer een paar maanden later, mei 1715, treedt Samuel toe tot Raad van Vlissingen, ook in principe een ambt voor het leven. (Dertien jaar later zal het stedelijk bestuur zijn positie vacant verklaren.)

Uit de nalatenschap van zijn ouders koopt hij het geboortehuis terug, de twee aaneengesmede huizen langs de Dokkade. Wat later verwerft hij zelfs nog een aangrenzende gang bij om de achterkant toegankelijker te maken.

Hij zal er nimmer wonen.


Kade aanzicht Parijs


In de lente van het jaar 1718 scheept Samuel zich met Egmonds vriendengroepje in om aan hun gezamenlijke groote tour beginnen. Voor het gros van de tour-isten is Frankrijk het spannends, meteen over de grens laten ze zich de laatste mode aanmeten.

Egmond en de zijnen gaan via Tours en Lyon naar ItaliŽ. Geen makkelijke weg, maar en route bevinden ze zich onder medereizigers. VenetiŽ staat bij de laatsten hoog op het lijstje dankzij haar reputatie als 'bordeel van het Zuiden', het jaarlijkse carnaval, de casino’s en de talrijke kleine dranklokalen.


VenetiŽ 2


De beroemde en bezongen schoonheid van de stad zelf legt het af tegen de penetrerende stank, waar je ‘onherroepelijk ziek’ van wordt. Net als in het VenetiŽ van het Noorden gebruiken de bewoners de grachten als een open riool.

Maar ach, alle wegen 'leiden uiteindelijk naar Rome'.

Elke stad kent wijken waar de jonge reizigers elkaar tegenkomen, direct herkenbaar aan het grote aantal drank- en eetgelegenheden, bedelaars en velerlei ritselaars.


ItaliŽ 2


De meesten gingen hoeden passen om vervolgens te flaneren langs de promenade, een enkeling ging op zoek naar die ene geleerde van wiens boek hij zo bijzonder onder de indruk was geraakt.

Een deel van de reis studeert Egmonds groep aan de universiteit in Padua (dat een milder religieus klimaat kent). Later verkennen ze ook nog de Vaticaanse en Capitolijnse bibliotheken.

Voor Samuel is het een uitgelezen kans om meer over de Italiaanse geneeskunde te leren. Daarom stort hij zich bovenal op het Italiaans.

‘Het leergierig jongmens kan niet beter doen,’ vindt Jacob Cats in Saemen-spraeck, ‘dan waar mogelijk in het buitenland een wijs, geleerd of deftig man ter stichting en lering aan te klampen.’

Soiree

Het cultiveren van een internationaal netwerk is even interessant voor een ambitieuze famille.

Doorslaggevend zijn de aangeboden introductiebrieven of geloofsbrieven – voorlopers van het paspoort. Bijvoorbeeld een brief van een vooraan-staand hoogleraar of geleerd genootschap met de verzekering dat het vergaren van kennis en wetenschap het enige reisdoel is.

Aanbevlingsbrief

De documenten geven de jongens toegang tot een bibliotheek, een rariteiten-kabinet of een gratis souper – en bij vertrek wellicht een aanbevelings-brief aan een aansienlyck gezin in een volgende stad.

Diploma van lidmaatschap der Natio Germanica te Orlťans,†

uitgeschreven voor Gerard Hinloopen en ondertekend door het voltallige bestuur.†

Het lukt de jongens zelden door te dringen tot een of ander koninklijk hof. Paleizen en kastelen zijn echter vaak de enige schouwburg in de wijde omgeving. Het volk mag naar opvoeringen komen kijken en een ‘observatio’ – oftewel: het zien van ‘Majesteit aan maaltijd’ – kan eveneens†een populaire voorstelling zijn.†


Majesteit aan diner

‘Veoir la cour’. Het gaf menig tourist grote voldoening om naar huis te kunnen schrijven: '...hebben de koning en de koninginne nae ons begeren over maelteyt gesien’.


Begin achttiende eeuw was de grand tour danig veranderd. De reis was maatschappelijk algemener geworden, tŤ algemeen naar de zin van aristocratische† dandy’s. Modern drukwerk verving geleidelijk aan de klassieke teksten als leidraad door een gids met allerhande tips en feiten – wat weer tot een heel ander soort toerisme leidt.

Overgeleverd is het verhaal over een Hollander die in een kerk te Lucca de gids hoort vertellen over een put die regelrecht tot in de hel reikt. De Hollander haalt een touwtje uit z’n plunje, laat het zakken en stelt hardop vast dat de put†drie meter diep is.

- Mij zult gij geen knollen voor citroenen verkopen, brave man.

In een van de bibliotheken stuit Samuel op hŤt boek dat hem aan het denken zet en uiteindelijk z’n leven zal veranderen: de verslagen van een wereldreis die de medicus J. F. Gemelli Careri in 1693 begon, de Giro Del Mondo.


Gemelli Careri


Er is net een nieuwe editie uit, want de eerste druk was na twintig jaar nergens meer te krijgen. De geschriften van de gefortuneerde, enigszins ijdele avonturier zijn in kringen van goed verstaanders een groot succes.

Gemelli Careri is een van de eerste schrijvers van reisboeken die niet overdrijft of liegt om een grotere verkoop te bewerkstelligen. Zijn verteltrant is persoonlijk, ongekunsteld, schilderachtig, amusant, soms zelfs pikant, – maar bovenal duidelijk niet verzonnen.

Hij reist zonder bepaald doel en verheelt niet dat op sommige plekken de eenzaamheid hem zwaar valt: ‘Ik liet me op de vloer zakken, zoekend naar leniging van de melancholie bij het zien van mijzelf onder Turken en Grieken zonder begrepen te kunnen worden.’

Vele zaken interesseren hem. Van de plaatselijke mensen- en dierenwereld tot de heersende religie, kaste-systemen, kloosterorden, staatsregels, tot onbekende productiemethoden. En dat alles in anekdotische stijl.†Leuke lectuur voor thuisblijvers tijdens kaarsverlichte winteravonden.

Salon 2


Gemelli Careri probeert z’n reis enigszins betaalbaar te houden door op de ene plek bijvoorbeeld dadels en wijn in te slaan en die verderop langs de route tegen een hogere prijs te verkopen.

Giro Del Mondo maakt diepe indruk op Samuel. Gemelli Careri is op slag held en voorbeeld. Een dermate vrij, non-conformistisch leven spreekt hem ten zeerste aan. Ook hij kent nauwelijks een financiŽle of intellectuele barriŤre.

IMG 9534

Na Rome trekken Egmond en Samuel door naar Constantinopel (Turkije) en AlexandriŽ (Egypte). Een tocht over de Middellandse Zee was echter allesbehalve ongevaarlijk. ‘Overal loert de Turk in inhammen van de zee om U schielijk op het lijf te vallen.’†

Zodra er Corsari (piratenvolk) voor de kust werden vermoed, vertrok er sowieso geen boot. Het meest levensbedreigend waren echter wind en storm – of juist windstilte.

Eenmaal in Aleppo (SyriŽ) aangekomen krijgen ze de kans om zich aan te sluiten bij een karavaan naar Isfahan in PerziŽ. Maar dat gaat Egmond te ver, eigenlijk had hij al eerder moeten keren. Hij heeft verantwoordelijkheden te vervullen, min of meer dezelfde als waar Samuel zich echter niet toe geroepen voelt.

Egmond neemt ‘teder afscheid’ van Samuel, zoals hij naderhand in z’n journaal noteert. Samen met enkele vrienden uit Nederland en Engeland doet hij Samuel uitgeleide en loopt een half uur met de karavaan mee de woestijn in...


Karavaan


Samuel van de Putte†Deel 2: Van PerziŽ naar India.

Samuel van de Putte Deel 3: Van India naar Bengalen.

Home

Blog index


Voornaamste bronnen:

Lequin Meijer

A. Frank-van Westrienen

Lente in Letterland

blog inhoud

boekenstoel


‘Kom onmiddellijk naar ’t Plein!’ tettert een vriend door de telefoon. ‘Helemaal jouw kostje.’

Op het Waterlooplein, aan het eind van de straat, staat ouwe-getrouwe koopman Kokkie met twee kramen vol boeken.

‘Dat er nog zoveel Gurdjieff-liefhebbers zijn!’ hoor ik hem verbaasd aan een vriend vertellen. ‘Iemand pleegt even ’n paar telefoontjes en hop, binnen een half uurtje is ŗlles weg van de man.’†

Op de tafels en in z’n vrachtwagen liggen de stapels hoog opgetast. †Over Nepal, India, Tibet. Over boeddhisme, hindoeÔsme, zen.†

Ik kijk, lees, zoek, maar kan niets van mijn gading vinden. Beteuterd doe ik het rond je nog 'ns, wellicht zit ik te hoog te paard.

Voor de kraam hoor ik iemand mompelen dat het de overgebleven voorraad van Au Bout du Monde moet zijn.†Vreemd, vroeger vond ik daar altijd wel wat.

boeken

Ooit had de winkel aan het Singel – samen met Arcanum aan de Reguliers-gracht en het latere Himalaya in de Warmoestraat – een geheel eigen niche binnen de boekenbranche. Onderwerpen als esoterie, theosofie, antroposofie, boeddhisme, hindoeÔsme, sjamanisme, zen – eventueel geÔmporteerd uit India, China of Japan – lagen in andere boekwinkels nauwelijks te koop.

De drie winkels werden mettertijd echter ingehaald nadat de gerenom-meerde boekhandels hun vooroordelen inruilden voor meer omzet. Mogelijk hadden ze ook meer ervaring met het ten onder-gaan aan de financiering van een al te diverse voorraad. Bij Au bout du Monde kon je soms niet anders dan gniffelen bij het zoveelste zelfknutsel boekje in het esoterische breihoekje.

Zo’n twee jaar terug liep ik de winkel nog ’ns binnen. Half lege kasten, de voorraad was†rigoureus afgeslankt. Aankleding en sfeer hadden eerder iets van een huiskamer. Aan de vertrouwde ronde leestafel smeerde een vrolijke jongeman boterhammetjes voor enkele kinderen. Op zich een vriendelijk tafereel, maar in een boekenwinkel doet zoiets pijn aan de ogen: al die grijpgrage vingertjes vol hagelslag en pindakaas.

boeken 2

Geen van de drie winkels bestaat nog. Fysiek althans, hun sites staan nog wel op internet. Bij de een werd de huur te hoog, bij de ander werd het pand teveel waard in verhouding tot de nering.†Toch een bijzonder tijdsbeeld dat geruisloos verdween…

Wat er die donderdag op Kokkie’s marktkraam ligt, lijkt me echter geen ramsj uit een failliete boedel. Het lijkt meer op de verzameling van iemand die hoopte dat de boeken mettertijd zeldzaam en kostbaar zouden worden.

Helaas moest de book keeper ze afschrijven.


27 boekwinkel

Japan, 2015

Uiteindelijk koop ik slechts een paar vreemde uitgaven – zoals ‘Dageraad der MagiŽrs’ – waar ik vroeger m’n weinige geld niet aan wilde opbranden maar nu tegen de prijs van anderhalve euro graag even doorblader.

Om ze vervolgens…

Pas op de terugweg dringt het tot me door waarom ik met lege handen weerkeer. Klassieke werken blijven uiteraard klassiek, maar over heel veel onderwerpen zijn er na de tachtiger jaren betere, nee, veel betere, exactere en gerichtere boeken verschenen. Schrijvers en lezers ontwikkelen zich verder, meestal ter verbetering.†

Ook qua vormgeving en†beeldmateriaal.


boek straat-bibliotheek kind-2

Nepal, 1982

Een kort, maar duidelijk voorbeeld.††Het eerste gedegen, naoorlogse boek over Nepal (en dan niet alleen de hoofdstad) werd pas in 1980 door de Zwitserse geoloog Toni Hagen geschreven.†

Toni Hagen Nepal

Hij had de toenmalige koning Mahendra Shah zover gekregen om z’n paleis uit te komen en gezamenlijk het koninkrijk te bekijken. Eerdere generaties machthebbers kwamen zelden verder dan geschikte jachtgebieden.

Aanvankelijk vertrokken ze nog per olifant, later per helikopter. Uiteraard wilde Mahendra vooral weten of zijn land rijk aan grondstoffen was.


krantenvrouw darjeeling

†Darjeeling, India†1976

boekenkast culturen

Vůůr 1980 was de wereld wat Nepal (maar ook bijv. Bhutan of Tibet) betreft aangewezen op vooroorlogse boeken van Brits-koloniale leger-leiders, wel of niet fantaserende ‘ontdekkings-reizigers' en af en toe een bergbeklimmer.

Bij de huidige overvloed aan gedetailleerde informatie over bijna Ťlke streek ter wereld is dit†nauwelijks nog voor te stellen.


Op een andere dag zie ik op het Waterlooplein een oudere vrouw een grote tas bij een boekenkraam onder tafel frommelen. Het valt me op doordat ze zo heimelijk stuntelt. Vervolgens schuifelt ze quasi geÔnteresseerd langs de boeken en loopt weg.

Even later bemerkt de koopman de tas. Hij kijkt erin en legt de boeken –nog net niet met een zucht – op z’n kraam. De vrouw was duidelijk niet de eerste die langs deze mij onsympathieke weg toch op gepaste wijze van haar boeken afscheid wilde nemen.

Boekenkast

Een oudere, leesgrage vriend is daar al lang mee bezig. Wekelijks leent hij twee, drie boeken bij de bibliotheek en brengt er steevast vier of vijf terug.

M’n buurman zet af en toe een kratje boeken in het portiek aan de straat. Alles, van strips tot Steiner, is meestal na een, twee dagen weg. Alleen een pocket van Theo van Gogh bleef een paar dagen liggen – totdat het mŤt de krat weg was.

hetty heyster olifant boekenkast

Olifant door Hetty Heyster (zie ook hier)

Dat er minder gelezen wordt, geloof ik niet zo. Minder in boekvorm misschien doordat de prijs – evenals van CD’s –† lange tijd te hoog was. De weekendkranten zijn nog even dik en de rest van de week text men zich een duimbreuk.

Urenlang kun je op internet je verliezen met alsmaar doorklikken, want†wie wat waar wanneer en hoe zat dat dan?†En wat was m’n oorspronke-lijke vraag ook alweer?

journaille

Nepnieuws of ander ruis was er altijd al, nu vallen ze sneller op doordat je met een paar klikken eventuele alternatieve feiten driedubbel kunt checken.†

W.P. Monument Frederiksplein


Zoals een encyclopedie – een wat? – vroeger in de VS adverteerde: je hoeft niet alles te weten als je maar weet waar je het moet zoeken.

Geen uren bladeren meer in een bibliotheek, naslag is slechts een paar toetsen ver weg.


Het Winkler Prins Monument op het Frederiksplein. Een aluminium-achtige stapeling van delen. Amsterdammers noemen het vaak De Kurkentrekker, wellicht dankzij de omliggende cafť’s waar ze net vandaan komen.


Boeken iglo

Liefde en respect voor boeken ontstaat al lezende, zou je zeggen, maar het zit de mens zovele millennia†later nog steeds een beetje ingebakken.†


Tibet

Duizend jaar terug werden alle boeken per definitie hoog geacht omdat ze in de regel handgeschreven, heilige teksten betroffen.

Nog in de zeventiger jaren, als Nepalese vrienden bij mij thuis per ongeluk op of over een boek stapten, keerden ze zich soms om en brachten met hun hand een salut van voorhoofd naar boek en terug.

Doordat ik toentertijd niet op tafels en stoelen maar op de vloer leefde, kon het zomaar om een Sherlock Holmes pocket gaan.

Burma 2

†Burma / Myanmar, 2010

Wie leeft, krijgt met iedereen en van alles een verstandhouding. Er blijven sporen en souvenirs achter die je als vanzelf accumuleert.†

Tijdsklok

Mettertijd verdwijnt er wel wat, de herinnering vervaagt, je geeft iets weg of het raakt verloren. Maar naarmate budget, woonruimte en taille wat ruimer vallen, doet zich ook nog een algehele kwaliteitsverbetering voor.

Natuurlijk, soms zie je kale, smetteloos witte interieurs waar iedereen en alles lijkt uitgebannen. Met name de modder, de beestjes en overige drek waar deze wereld van gemaakt is. Maar dat zijn veelal mensen die de designgoden op hun blote knieŽn danken dat een wachtkamer-interieur†‘helemaal in de tijdgeest past'.

slaapkamer bed

Als je klein huist en niet in onmin met je partner wilt raken, mag een boekenkast alleen nog iets gastvrij ontvangen als er aan de achterdeur iets vertrekt.

Met het oor op m’n schouder loop ik de titels langs en probeer mezelf te overtuigen. Met vijftig kun je eigenlijk-toch-best-wel zonder die openbarende romans van toen? Die brievenboeken… wil ik nog wel 'n vreemde zo in m’n hoofd laten grasduinen? En dit hier, het slibt dicht van de beeldspraak! Alsof het onderwerp op zich niet moeilijk genoeg was!

Maar dan komt non-fictie aan de beurt, ooit ware eye openers. Wegdoen zou impliceren dat ik weet wat erin staat, dat het onderwerp me inmiddels geheel eigen is.

Hm, moeilijk.

Maar d’r můgen boeken weg. Nee, d’r můeten er weg. Hoppeta. Zijn non-fictie boeken nou veel meer dan de notulen van een tijdgeest..? Meer dan de uittreksels van een collectief bewustzijn dat zich tenslotte verder ontwikkelt…?†

Nataraj

Staat het bewaren en laten verstoffen van boeken niet gelijk aan stilstand, aan geestelijk rentenieren?

Nataraj staat er toch niet voor niets tussen: dŗnsen moet je op al dat oude, dat aldoor een monster dreigt te worden en stolt tot idee-fixen.†Geen vernieuwing zonder vernietiging. Lente in Letterland!†

Tijd voor boekenstorm!

Nataraj (Shiva)

Ik ben aan 't lezen

Op zo’n mistroostige zondagmiddag duurt het evenwel enkele uren om een boodschappen-tas te vullen.

Toch even inkijken… lezen… twijfelen…

Als ik de tas tenslotte naast de papierbak plaats †– verbeter de wereld en geef je boeken weg – besluit ik nog een middag-wandelingetje te maken.

Twee straten later begint het zachtjes te miezeren.

Toch maar even terug.†Oude vrienden zomaar laten verregenen, dat kan natuurlijk niet.†

Ooit stonden ze in de huiskamer, daarna in het kleine kamertje en uiteindelijk noodgedwongen in de slaapkamer (de slechtste plek, door het vele stof moesten er weer glazen deuren voor).†

A book or two

Ooit stonden ze ergens voor, vormden geheugen (!) en identiteit (!)†– als dat niet hetzelfde is… Verschralen en verdwijnen die nu beetje bij beetje met elke uitgaande boodschappentas..?

Twee weken later staat de tas nog steeds tussen de fietsen in de box. Ze kunnen niet terug, de vrijgekomen plekken zijn alweer ingenomen.†

Joke Hermsen MaandvandeFilosofie Essay

Onder ander door het kleine boekje ‘Boeddhisme voor denkers’. Ondanks de wat stroeve titel – wellicht bedacht om zich te onderscheiden van de oudere boeken met veelal breedsprakig boeddhistisch gezever – past het wel als slot van dit lenteblogje.

Dertig korte stukjes. Om elke dag op eentje te knabbelen in de Maand van de Filosofie. En zie, een ervan gaat zowaar over identiteit:


boeddhisme voor denkers

'Eťn van de manieren om te ervaren dat onze identiteit niet zo diep verankerd is als we gewoonlijk aannemen is door naar het verschijnsel dromen te kijken. In de droom wordt een subject geschapen, een ik-figuur. Interessant genoeg kan dat subject een heel ander persoon zijn dan degene die ligt te slapen. De geest van de slaper is blijkbaar in staat om een nieuw ‘ik’ te scheppen: een droom-ik dat andere eigenschappen heeft dan het wakende-ik. Ineens kun je vliegen of heb je examenangst, iets dat je uit het wakende leven helemaal niet kent. Mensen die aan een chronische depressie lijden kunnen zelfs een droom hebben waarin zij zich amuseren. En omgekeerd kun je in een buitengewoon vrolijke bui verkeren, maar ’s nachts niettemin een nachtmerrie hebben.

Boeklicht

Die veranderlijkheid suggereert dat ons zogenaamde subject, ons ‘ik’ een mentale creatie is. Boeddhisten zien dat als volgt: zodra je wakker wordt, wordt de mogelijkheid om je eigen wereld te scheppen ingeperkt door het actief worden van je zintuigen. Je ziet dat je in een bed ligt en niet boven een tramrails door de stad vliegt. Je geest is weer fysiek veranderd in een lichaam en een omgeving. Op grond daarvan schept je geest een subject dat bij dat lichaam en bij die omgeving hoort. Het ‘droom-ik’ sterft en een nieuw ‘waak-ik’ wordt geboren.

Natuurlijk bestaat er wel enige gelijkenis met het ‘waak-ik’ van de dag ervoor, maar het is niet identiek. Jij bent niet alleen fysiek, maar ook mentaal een heel ander persoon dan toen je zes jaar oud was; herinneringen beklijven, maar je identiteit is niet meer hetzelfde. Je bezit noch bent een vaste entiteit. Er is slechts sprake van continuÔteit.



Burma


Burmese man reading


Chinese man reading newspaper

Standing alone in a crowd

†Blog Index

Shangri La

Shangr La

Shangri La

Shambala

Atlantis

Eden

Walhalla,

Eldorado

Olmolungring

Xanadu

Utopia

Shining City on a Hill…



‘Ja,’ zegt kapitein Been na enige stilte. Vanaf een helling kijken we gedrieŽn naar het glooiende groen van de heuvels rond Gisenyi en naar het heldere blauw van Lake Kivu.

’Ja,’ echoŽn wij.


Rwanda


Met de allerlaatste vlucht van een failliete, Duitse charter-maatschappij zijn we naar Afrika gevlogen. Hij als kapitein, Martha en ik als passagiers. Piloten kunnen begin zeventiger jaren nog steeds werken waar ze maar willen en Kapitein Been – een andere naam ken ik niet – is inmiddels in de verste en vreemdste uithoeken van de wereld geweest. Hij is een soort stuntende vrijbuiter die ik nog alleen kende van oude, zwartwit strip-boeken. Daarbij was Kapitein Been een rasverteller – en ik nauwelijks twintig.

’Van alles dat ik tot nu toe zag, komt dit toch wel ’t dichtstbij een paradijsje. Als je naar achteren reikt, heb je ’n papaya te pakken. En als je beneden een hengel uitgooit heb je ’n vis.’

Instemmend met de Schepper keek hij nog eens rond.†‘Hier wil ik wel verder leven, ja.’

De rest van de dag trokken we langs het meer –†met een schuin oog naar de door Belgische kolonialen verlaten huizen die op de allermooiste locaties lagen.


Paradijs


Nog geen jaar later brak in Rwanda het eerste etnisch geweld uit tussen Hutu’s en Tutsi’s dat uiteindelijk tot miljoenen doden leidde.


Hutu-Tutsi


Geen paradijs zonder bannelingen, zie vorig artikel over Bhutan. Hoe creŽer je immers een boeddhistisch Disneyland, een droomwereld, een paradijs op aarde anders dan door ballotage, selectie, uitsluiting, zuivering, deportatie, oorlog en moord?


Exodus

Police escort migrants and asylum seekers as they walk to a refugee centre after crossing the Croatian-Slovenian border near Rigonce on October 24, 2015. Bulgaria, Romania and Serbia threatened to close their borders if EU countries stopped accepting migrants, as European leaders prepared for a mini summit on the continent's worst refugee crisis since World War II. / AFP / Jure Makovec (Photo †JURE MAKOVEC/AFP/Getty)


Cartoon

Alleen dan hou je een groepje ‘uitverkorenen' over van pakweg zes mensen die evenveel bezitten als de arme tesamen.

Met een vaste plek vooraan in de kerk.

Alsof mensen willen vergeten dat ze†– millennia op millennia – uit elkaar geboren zijn.


You you


Niet dat ikzelf nimmer aanvechtingen heb de boel maar de boel te laten en een mooier, warmer of veiliger oord op te zoeken. Hoezo vluchten kan niet meer...

Alweer jaren geleden wilde een oudere vriend een gouden munt aan me verkopen, hij had geld nodig. Een Amerikaan sloeg de koop gade en vroeg naderhand wat ik met een gouden munt aanmoest.†

– Who knows, misschien om the last ticket out te kopen wanneer door al die crisissen de hel losgaat.

Hij overwoog even m’n woorden en antwoordde:†

‘In that case I’d buy a gun.’

Beiden liepen we niet echt over van compassie.


Gated community


The word†‘paradise' entered English from the French paradis, inherited from the Latin paradisus, from Greek parŠdeisos (παράδεισος), from†old Iranian paridayda†walled enclosure.†Wikipedia


Gated community 2

Nu noemen we een ommuurde enclave een gated community. Elke paradijselijke enclave is per definitie exclusief (itt inclusive) en asociaal.†

Het vindt alleen bestaan in zwart-wit tegenstelling: geen hemel zonder hel (om tegen af te zetten of op uit te kijken).

yinyang

Dan is het oude Chinese wereldbeeld een stuk genuanceerder: het licht een draagt een kern van duisternis in zich en omgekeerd.


Banda eilanden

Banda eilanden

In 1599 wisten Hollandse zeerovers de Banda eilanden te lokaliseren. Het duurde niet lang eer ze beseften dat de Molukse eilanden, afgezien van dezelfde ziektes en onderlinge problemen,†tamelijk paradijslijk waren, zeker in vergelijking met het benepen thuisland.

Hollanders VOC 2

(En al helemaal voor het bronstig geboefte dat als bemanning was geronseld in Holland en omringende landen en maandenlang op zee geheel op elkaar was aangewezen.)

‘Het gevaar komt van zee,’ wisten de eilandbewoners vanouds. Chinese, Arabische en Portugese zeerovers waren al eerder op hun goudgele stranden geland. In de zeventiende eeuw kregen ze echter te maken met een boerenslim zooitje ongeregeld – later VOC genoemd – dat niet alleen hun specerijen opeisten, maar ook hun samenleving wilde omvormen om een monopolie te kunnen opleggen.

Hollanders VOC

De dorpen die van oudsher in de bergen lagen (wellicht mede door ervaringen met tsunami’s) werden naar beneden, naar de kust verdreven om beter toezicht en controle te kunnen houden.†

Pater Papoea

Dat de heidense inlanders relatief gelukkig en tevree leken te zijn, kwam slechts doordat ze de toorn gods niet onderkenden. Alleen door bidden en werken viel mogelijk, op den duur, aan schuld te ontkomen en pas dan kon Het Paradijs in zicht komen.

Zoals een 1921-boektitel van de missie van de Witte Paters uit Boxtel luidt: Het Kruis geplant in Onbekend Negerland.


ansichtkaart 1

Afrika,’ schreef Hegel, zegsman van beschaafd Europa, ‘is een continent zonder geschiedenis, een land van kinderen, gehuld in het duister van de nacht.’

Zo opent Raymond Corbey zijn studie Wildheid en beschaving naar vrouwelijk ‘koloniaal naakt’ aan de hand van oude, Afrikaanse ansichtkaarten.

Niet alleen Hegel maar ook Freud en vooral Jung worstelden met die tweespalt: is dat duistere continent een bolwerk van onbeteugelde driften, bijgeloof en wreedheid – of wordt het juist bewoond door zuivere, kinderlijke natuurvolkeren die dankzij hun onschuld en naÔviteit nog deel uitmaken van het paradijs-van-ooit?

Alsof men niet inzag dat beide projecties uiteraard louter en alleen over Europa gaan.

ansichtkaart 3

Uit gelijke overwegingen noemen sommigen in die tijd het eigen platteland wel ‘het Afrika van Europa’. Om aan te geven dat in Brabantse of Italiaanse kerkjes de godsdienstige boeren-bevolking nog ťťn met het geloof in hemel, heiligen, hel en paradijs is, en dat zou niet te vergelijken zijn met de verlichte, moderne Europese kerkganger – als hij nog gaat.

De opkomende academische discipline van de psychologie stelde dat er zowel een positieve als negatieve identificatie van het zelfbeeld bestaat. In mijn lekentermen: je kunt idealiseren of verketteren, ophemelen of naar beneden trappen.

Verstoten

Hoe heiliger de een, des te grotere zondaar de ander lijkt. Geen uitverkorenen zonden verstotelingen. Of zoals Raymond Corbey omschrijft:

Men brengt via het beeld van de ander de eigen collectieve identiteit tot uitdrukking. Men spiegelt zich aan de ander, maar het gaat om een negatief spiegelbeeld.

Eden

Ook het mechanisme van omkering had, evenals dat van uitsluiting, waar-van het niet los staat, een belangrijke ideologische functie, daar het positieve zelfbeeld dat besloten lag in het burgerlijk-christelijk beschavingsideaal een uiterst negatief beeld van Afrikanen impliceerde.†


Pelgrim


Ook westerse zoekers verwachten veranderd terug te keren van een boeddhistische pelgrimage of een reis die wordt gemaakt in het kader van dharma-beoefening. Je keert met ‘iets’ terug. Je hebt ‘het’ ontmoet of gevonden.

Individu

Doet ‘het’ zich niet voor dan voelt dat vaak als een gemis. Deze gedachte speelde al een grote rol bij het ontdekken van het boeddhisme door het Westen eind negentiende eeuw.

In die tijd was het zeer gebruikelijk dat welgestelde zoekers een grote reis ondernamen om spirituele geheimen te ontdekken.’Paul van der Velden


To the end of the earth


Terwijl het Brits-koloniale leger rond 1900 al enkele eeuwen het Indiase subcontinent bezet om het grote geld te dienen – en bijv. thuis de kastelen en landhuizen te bouwen die nu in kostuumdrama’s zo worden bewonderd – neemt een elitaire bovenlaag eveneens de boot van Londen naar Bombay. Op zoek naar de zuivere oerbron van alle religie.

Op 7 september 1875, tijdens een lezingentournee in de VS, richt de†OekraÔense†Mme†Blavatsky samen met de advocaat Henry Steel Olcott de Theosophical Society (TS) op in New York.


Blavasky Scott e.a.

Op het juiste moment, volgens Ronald Vernon, schrijver van Star in the East. TS sloot perfect aan bij de nieuwe tijdsgeest vol sinistere ‘onthullingen en mystery murders op schreeuwende voorpagina’s, rondreizende magic shows, dagelijkse horoscoop-voorspellingen, kaartlezen, enzovoorts. Het waren hoogtijdagen voor oude geheime sektes als vrijmetselaars, rozenkruizers en alchemisten.

Daarbij waren er charismatische, vrijdenkende geestelijken uit de Anglicaanse kerk die verandering wilden.†


Darwin

Tijdschriften schreven over spannende doorbraken in de wetenschap. Het heimelijke sektarisme en agnosticisme uit het Victoriaanse tijdperk werd steeds openlijker aangehangen. Zelfs bijbelse teksten werden onderwerp van wetenschappelijk onderzoek en het kerkelijk gezag werd uitgedaagd om hun claims tegenover pioniers als Darwin en Lyell te verdedigen.

Ook raakte steeds breder bekend dat de sociale elite zich in de beslotenheid van hun paleizen en landhuizen zich met spiritisme en occulte praktijken bezighield om greep te krijgen op de mysteries – en angsten – rond leven en dood.†

Symbolen raam

Denk aan de spiritistische boeken van Arthur Conan Coyle (schrijver van de uiterst populaire Sherlock Holmes-serie). Maar ook schrijvers als George Bernard Shaw en Oscar Wilde waren vaste bezoekers van sťances.


Het was ook de tijd dat men de ‘religieuze ander’ ging ontdekken en verkennen. Men ging die ander dan ook uitvoerig bevragen naar zijn of haar religie en uiteraard ging men daarbij uit van het eigen gedachtegoed.

Men kende in het westen al het christendom, de islam en het jodendom en deze hebben alle drie gemeenschappelijk dat het religies van het boek zijn, alle drie hebben ze een heilig boek. Maar aangezien ‘hindoe’ eerder een verzamelnaam was dan dat het een eenheid aanduidde, ten dele is dat nog steeds zo, werd het ongelooflijk moeilijk op de vraag naar deze teksten een antwoord te geven.

Dit werd zeker bemoeilijkt doordat men ook nog eens vroeg naar een Oud en Nieuw Testament, of in ieder geval naar twee teksten omdat christendom, islam en jodendom ook ieder twee heilige teksten hebben.

Bhagawas Gita 3

Uiteindelijk is het de Bhagavadgita geworden, de conversatie tussen Krishna en Arjuna aan het begin van de grote strijd in het enorme epos Mahabharata. Daardoor is de Bhagavadgita eigenlijk onterecht tot een van de belangrijkste hindoe teksten geworden en is hij mondiaal bekend geworden als het hindoe boek bij uitstek, terwijl de tekst in India nooit als zodanig heeft gefunctioneerd.

Bhagavad Gita 2

Uiteraard kwam deze projectie terug naar India en is de tekst nu razend populair, er zijn gezongen CD opnamen en cartoons van.†Hiermee is de term hindoeÔsme tot op zekere hoogte een uitvinding van de Engelsen in de tijd dat men de wereld ging opdelen in ‘–ismen’. Paul van der Velde

Dat laatste gaat – in zekere zin – eveneens op voor de door Britse kolonialen bijeengeharkte staat India.

Bhagawad Gita

Uiteraard bereikte de wereld van grote Indonesische mystici, geheime soefi’s, fakirs en magiŽrs ook Nederland. In de Haagse salons en binnenkamers werd veel gesproken over paranormale zaken uit IndonesiŽ, er werden tafeldansen gehouden en sťances waarbij menig overledene werd opgeroepen met boodschappen van gene zijde.

Ook onder westerlingen in de toenmalige Nederlandse kolonie Nederlands-IndiŽ, het huidige IndonesiŽ, was de theosofie wijdverbreid. In Jakarta was een Blavatskypark en in Bandung een Olcottpark.

TS Indonesia 2

De hogere Javaanse adel, de piyayi, stond beslist open voor dit soort esoterisch gedachtengoed; Nederlanders en hogere IndonesiŽrs ontmoetten elkaar op dit terrein.†

TS Indonesia

Maar het is opmerkelijk dat de kolonialen weinig ophadden met het eigentijdse gedachtengoed van IndonesiŽ: de grote meerderheid van het land was in die tijd al moslim, maar wel met een gereconstrueerd, vermeend ‘puur’ verleden.†

TS Indonesia 4

Er is heel wat ‘oude’ mystiek geconstrueerd rond wat men voelde aan ‘Atlantsiche’, oeroude universele boodschap-pen bij een bezoek aan de Borobodur of de Prambanan.†Paul van der Velde

Elke tijd, plek en stroming kent wel z’n eigen Jan, Piet en Klaas die bezweren te weten hoe de bovenwereld in elkaar steekt. Voor deze TS-periode misschien beter gezegd: elke tijd kent z’n eigen Helena, Annie en Alexandra. De dames kwamen voort uit melancholieke, zo niet zwaarmoedige aristocratische kringen die toevlucht en verpozing (ouija borden)zochten in magie en mystiek.


Blavatsky

- Zoals occultist en medium Jelena Petrovna von Hahn-Rottenstern alias Helena Blavatsky uit Rusland.







Annie Besant 2

- Zoals de Ierse vrijmetselaar en president van de Theosophical Society Annie Wood, alias Anne Besant.







Alexandra David Neel

- Of zoals operazangeres, spiritualist en wereldreiziger Louise Eugťnie Alexandrine Marie David alias Alexandra David-Nťel uit BelgiŽ.






Alle drie trokken naar India. Jammer dat het Brits-koloniale leger hen tegenhield om door de Himalaya naar de Tibetaanse hoogvlakten te gaan.†

kaart tibet lichaam

Op Tibet werden inmiddels zovele paradijsverhalen, mystieke dromen en spirituele idealen geprojecteerd dat iemand zich hardop afvroeg of Tibet nog wel in Tibet lag?

Kaart van Tibet

Yeti Snowman

Natuurlijk waren er ook vele mannelijke einzelgšngers. Zoals de Brits-koloniale kolonel Laurence Waddell, die als vele van z'n†fellow men maar al te graag de ontdekking van een oeroude Egyptisch-Vedisch-Aryaanse missing link op hun naam probeerden te krijgen.

Waddell

Ze zochten in andere culturen naar ‘oerbronnen’ die ‘diffuus en verdicht’ waren geraakt door eeuwenlange, plaatselijke rituelen en bijgeloof. In terminologie van die tijd: ze zochten naar een directe link om te voorkomen dat het Westen van een ik-cultuur zou afglijden naar een gij-cultuur.†Aan een verdere uitleg daarvan waag ik me niet.

Mme Blavatsky symbols

De nieuwe messias zou echter niet anders dan blank kunnen zijn, de TS-leiding bracht hiervoor zelfs een blanke jongeling mee naar India (maar het toeval wilde anders en na verloop van tijd kwam er zelfs een kleine stroom goeroe’s en lama’s op gang).

Leiders van de Theosophical Societykwamen naar India om hindoeÔsme en boeddhisme te redden van de verderfelijke invloed van het christendom omdat binnen de oorspronkelijke religies van AziŽ oud Indo-Europees gedachtengoed te vinden zou zijn dat mogelijk zelfs van Atlantis zou afstammen, naar zij stelden.

Deze westerse zoekers kwamen in AziŽ vaak in contact met hindoes en boeddhisten die naar eigen zeggen ook met het ‘alleroudste’ binnen hun religie bezig waren, vaak werd ook gesteld dat ze met zaken bezig waren die juist nog stamden uit de periode vůůrdat deze edele denksystemen tot ‘religies’ waren verworden. Hierbij dient direct te worden opgemerkt dat wat in eigen ogen van zowel de verzetsbewegingen binnen hindoeÔsme en boeddhisme als ook in de ogen van de westerse bezoekers vaak als oeroud werd gezien, heel vaak juist gloednieuw was. Veel ‘oud’ gedachtengoed is ‘nieuw’ gedachtengoed.

Een gevolg van deze contacten over en weer is dat wat we nu in het westen vaak als algemeen beeld van hindoeÔsme en boeddhisme hebben in feite afkomstig is van kleine verzetsbewegingen uit de negentiende en twintigste eeuw.†(Paul van der Velde)

India, Tibet en de nog tamelijk mysterieuze staatjes in de Himalaya als Ladakh, Kashmir, Nepal, Sikkim en Bhutan, spraken pas echt wereldwijd tot de verbeelding na de publicatie van James Hilton’s†Lost Horizon in 1933.

Het blijft een leuk verhaal, ik zal de clou niet weggeven, al zijn er inmiddels films, strips, hoorspelen, vervolgverhalen en musicals van gemaakt.

Lost Horizon

Een groep kolonialen ontvlucht een revolutie in Afghanistan met het vliegtuigje van de plaatselijke Maharajah. De piloot heeft zo z’n eigen verplichtingen, verandert van route en crasht tegen een berghelling in de Himalaya. Vier van de inzittenden overleven het – allen British.

Na een barre voettocht komen ze tenslotte aan in een paradijselijke vallei, Shangri La geheten, waar de bewoners zich bij aangename temperaturen laven aan vruchten, muziek en filosofie. Gemiddeld bereiken ze de leeftijd van zo’n 250 jaar. (Hun leider is overigens geen lokale oude wijsgeer maar een verdwaalde missionaris uit Luxemburg).

Lost horizon 3

Bij publicatie in de dertiger jaren was het dermate een wijdverbreid succes dat de naam Shangri La zich in vele talen nestelde als synoniem met ‘paradijslijk oord’. Het Tibetaanse La betekent echter bergpas, een doorgang, zo ongeveer het tegendeel van de afgesloten en verboden enclave die wordt beschreven.

Verstotenen

Tijdens de tweede wereldoorlog zetten de theosofische, antroposofische en andere -sofen zich, al dan niet onderhuids, gewoon door. Ook het gedachtengoed van Hitler en met name Himmler valt eraan te relateren.

In eerste instantie lag de SS Tibet Expeditie 1938 in het verlengde van the Great Game in AziŽ (met het Indiase subcontinent, waardoor Engeland de voorgaande eeuwen zo rijk en machtig was geworden, als beoogde hoofdprijs voor Rusland, Frankrijk, de VS en andere landen).†

Swastika Himalaya


Van evenveel belang was echter Goebbels’ en Himmler’s opdracht om ter plekke te onderzoeken of er in een vorig millennium mogelijk rasechte AriŽrs naar Tibet waren uitgeweken en daar ergens een geÔsoleerde enclave hadden gesticht.†


Nazi in Sikkim


Ook in de omringende bergstaatjes als Sikkim en Nepal deden de SS’ers de nodige antropometrisch lichaamsmetingen gedaan.†

Ahnenerbe

Bij terugkomst belandden de gekochte of gestolen manuscripten in hun Ahnenerbe-archief (erfgoed der voorouders).

Naar verluidhad Hitler niets met boeddha behalve dan dat ze volgens hem dezelfde voorvaderen deelden.

De westerse esoterie bloeide op. Het boeddhisme werd ontdekt door kunstenaars en intellectuelen, door de romantiek waarin vaak werd weggedroomd over verloren oude culturen en ook door filosofen die geraakt waren door de hoge culturele, filosofische of religieuze waarden die men in AziŽ meende of hoopte aan te treffen.

Schoppenhauer

AziŽ werd nogal eens beschouwd als de bron van alle wijsheid. Een vroeg voorbeeld van een filosoof die diep door AziŽ was geraakt, is Arthur Schopenhauer (1788-1860).†Er waren er echter meer: Robert Turmann noemt in zijn inleiding Jack Kerouac’s Wake up filosofen, alsmede schrijvers en denkers als Kant, Wittgenstein, Henry Miller, Hermann Hesse, Freud, Jung, Wilhelm Reich, Ernst Hoffmann (Lama A. Govinda), D.T. Suzuki en Evens-Wentz. Paul van der Velden


dalai bernhard shangri la

Ook de latere Grť Hofmans-kring rond Juliana Ťn Bernhard (zelfs in zijn wereldbeeld paste kennelijk een Dalai Lama) kun je op de theosofische beweging terugvoeren – al dan niet Rudolf Steiners' antroposofie inbegrepen.


Mellie Uyldert

Maar dŤ personificatie van esoterie in naoorlogs Nederland in de vorm van astrologie, edelsteen- kruiden- planten- en sprookjeskunde was bij uitstek Mellie Uyldert. Voor-tijdens-na de oorlog fietste ze nog de welgestelde huizen in het Gooi af, maar in de zestiger jaren behaalde zij plots zeer hoge boek-oplagen en maakte in d’r eentje uitgeverij De Driehoek tot een goudmijn.

Vooral met haar Lexicon der Geneeskruiden. Het was dan ook in de tijdgeest waarin bijvoorbeeld huisarts Ben Polak, hoogleraar geneeskunde en communist van het eerste uur, huisvisite deed bij een moeder wier dochtertje van de trap was gevallen.

‘Ik heb er al in een natte kaasdoek gekneusde sperzieboontjes op gebonden,’ riep ze bij z’n binnenkomst.

‘Goed zo,’ bromde hij, ‘maar je bent het peper en zout vergeten!’

Toch was het heerlijk, eind zestiger jaren, na jaren op school waar alles uit elkaar werd getrokken, om wekelijks in De Kosmos naar iemand te luisteren die alles juist wist te verbinden. Magisch.†Als twintigjarige had ik geen idee van de valkuilen die alles-verklarende wereldbeelden per definitie in zich hebben.

Mellie Uyldert

Tot ik in de Theosofische Bibliotheek in de Tolstraat op een achteraf plankje enkele jaargangen van haar maandblaad ‘De Kaarsvlam’ zag liggen. Ik sloeg er een paar open. Voor werkelijk alles had Mellie een uitleg Ťn een oplossing. Dankzij astrologie en pendelen ze wist ook nog eens wat de uitkomst zou worden.

Staande las ik haar visie op de civil rights movement in de VS: alle negers dienden te worden terug vervoerd naar beneden de evenaar, want als ras trilden zij beter met de onderste helft van het menselijk lichaam en dus met zuidelijke hemisfeer. Zoiets.

Toegegeven, dankzij haar extreme racistische quatsch viel prompt het kwartje en besefte deze naÔeve jongeling hoe de cerebrale hemisfeer van esoterici gevaarlijk kan verontmenselijken.


Nog even terug naar de dertiger jaren. Onderschat wordt m.i. de invloed die de boeken van Alexandra David-Neel hadden in westerse landen. De verhalen van deze eigenzinnige dame die op eigen kracht vanuit India (ondanks Brits-koloniaal legerverbod) als doofstomme pelgrimsvrouw door de Himalaya naar Lhasa trok – wat het gros van de mannelijke ‘ontdekkingsreizigers’ niet voor elkaar kreeg – spraken na thuiskomst wereldwijd met name vrouwen aan.†

Lama A. Govinda

Ze was een prominente feministe avant la lettre.†

Een eigengereide doorzetter die niet schuwde om zelf naakt in de sneeuw te gaan zitten om mediteren op het innerlijk vuur uit te proberen (bevestigd door latere reizigers als†Ernst L. Hoffmann).


Her teachings influenced the beat writers Jack Kerouac and Allen Ginsberg, the populariser of Eastern philosophy Alan Watts, and the esotericist Benjamin Creme. - Wikipedia

Reizen, het op zoek gaan naar ‘het’ of ‘iets’, was ook kenmerkend voor de cultuur van de ‘beatniks’, de generatie van de jaren veertig en vijftig, die in feite de voorlopers waren van de veel massalere uittocht naar het Oosten vanaf de jaren zestig.

Jack Karouac Dharma bums

Schrijvers als Jack Kerouac, Allen Ginsberg en Neal Cassady genieten tot op de dag van vandaag een cultstatus vanwege hun toenmalige pogingen te breken met de verstikkende burgerlijkheid die het midden van de twintigste eeuw kenmerkte. Ze gelden ook als ontdekkers van de boeddhistische dharma in die tijd, ontdekkingen die zij zouden hebben gedaan onderweg naar ‘het’.

The Dharma bums

Kerouacs romans On the Road (geschreven in 1951, verschenen in 1957) en Dharma Bums (1958) liggen nog steeds op stapels in de boekhandels van Kathmandu, Delhi en Bangkok, naast Siddharta van Hermann Hesse. Ze worden onder backpackers nog steeds gelezen om reden van die zoektocht naar ‘iets’. (Paul van der Velde)



sporen sporen


Elk land kende in de dertiger jaren van de vorige eeuw wel een impersonator of groupie van Mme David-Neel. Zo telde Nederland ene Lilly Eversdijk-Smulders, geboren op Java en nazaat van koloniaal oud-geld.

In de vijf- en zestiger jaren maakte ze reizen naar o.a. Japan, PerziŽ, India en Nepal. Onderweg tekende ze portretten van de lokale bevolking, waarin ze nog op Bali was opgeleid. Lily was gefixeerd op uiterlijkheden als kapsel, kleding en opsmuk waardoor haar portretten veelal dezelfde amandelogen en volle lippen kregen.

tekening lily 3

Bij thuiskomst hield Lily Eversdijk-Smulders dia-voorstellingen en radiopraatjes over haar verre reizen. Uiteraard hadden haar toehoorders geen vermoeden dat de wijsgeer die ze in haar Shangri La had ontmoet – ene Chinya Lama die haar als dochter had aanvaard – een van de grootste charlatans van zijn tijd was, wonend in het toentertijd grootste huis rond de stupa van Bodhinath te Nepal.

tekening Lily 2

Maar een serie van haar tekeningen verscheen als Unicef-kerstkaarten, waardoor zij - zeker in eigen ogen - als kunstenaar was gearriveerd. Nog steeds bestaat er een damesclubje dat de Stichting Lily overeind houdt.

Met al deze trivialiteiten probeer ik slechts de oriŽntalistische mentaliteit in Holland te schetsen die door oorlog nauwelijks werd verstoord. En dan met name onder een welgestelde bevolkingslaag die spoedig erna weer als vanouds het magisch-mystieke opzocht of bijeenkomsten organiseerde op locaties als het Gooische Singer Museum en Volkenkundige Musea.

De oude culturen van landen als India, China, Tibet of Nepal – die de politiek nu weliswaar ‘ontwikkelingslanden’ noemde – werden als vanzelf geestelijk herclaimd door (koloniaal) ’oud-geld’-kringen in steden als Den Haag, Wassenaar of Aerdenhout.

Zij begrepen die culturen immers, ze hoorden bij hýn milieu.†

Gelijk onechte kinderen, zeg maar.

Bij z’n tweede bezoek aan Nederland in 1986 werd de dalai lama in het Volkenkundig Museum van Leiden ontvangen. Er stonden toen nog geen drommen belangstellenden bij de ontvangst, maar slechts een klein bekakt grijs gezelschap.

In die tijd maakte ik een radioportret van Lily, bijna niemand kende haar meer. Toch was ze een van de eersten in Nederland die een stichting voor Tibetaanse vluchtelingen opzette – in navolging van haar heldin Alexandra David-Neel.

Natuurlijk had ze, als zovele vrouwen, de eigenzinnige ‘Belgian–French explorer, spiritualist, Buddhist, anarchist and writer’ in de vijftiger jaren een paar keer in Parijs opgezocht. Maar dat was telkens geen succes gebleken.

‘Ze moest me niet.’


theosofic society


Op een mistige ochtend in 1986 in het Volkenkundig Museum van Leiden staat een keurige rij te wachten op de taxi met Tenzin Gyatso. Met enige achterdocht slaat de groep mij gade maar ik schijn tot Lily’s groepje te behoren. Zodra ze echter m’n Uher-bandrecorder en microfoontje ontdekken, buigt de ontvangstlijn zich tot een halve cirkel om mij heen: wegwezen jij!

De dalai lama is van hýn.

Mijn bedoeling is iets van de begroeting tussen Lily en Tenzin vast te leggen, een beetje couleur locale in een radioportret spreekt tot de verbeelding. Pal achter de rij dames en heren staat een haag van bamboeplanten. Ik stel me er tijdens het wachten verdekt tussen op.

Zodra de Dalai Lama arriveert en met uitgestrekte handen op Lily toeloopt, steek ik de microfoon uit de wirwar van bamboeblaadjes naar voren. Hij lacht erom en negeert me verder, maar achter hem vuren grijze grimassen helse donderkeilen op mij af.

houtworm monnik

In het Volkenkundig museum is ter ere van de komst van Tenzin Gyatso een tentoonstelling ingericht. De vooroorlogse, vrienden-van-aziatische-kunst kijk op etnografica ligt er als een muffige stoflaag overheen.

Voor een doorsnee museumbezoeker zagen de voorwerpen er wellicht nog enigszins ‘vreemd en uitheems’ uit, maar op marktjes in Lhasa of Kathmandu struikelde je er altijd al over.

De tentoonstelling is duidelijk ingericht door doctorandi die nimmer op reis gingen maar in achterhaalde literatuur een voorwerpje bestudeerden en er tien jaar later trots een dun boekje over mogen laten verschijnen in de museale wereld van etnografica. (Hield het Tropeninstituut laatst niet een grote opruiming binnen hun bibliotheek?)


Man steekt over


MANIRIMDU LAMA TOETERS

Met dedain keken deze archiefmuizen neer op de zestiger jaren generatie van ‘hippies en ander langharig werkschuw tuig’ die uit verre landen terug kwamen, van alles meesleepten en te koop aanboden.

Allerhande jongelui die ter plekke zagen hoe en waar voorwerpen of sieraden werden gebruikt, beschouwd en benoemd. Maar ja, ‘met al dat amateurisme kun je natuurlijk niks’.


Met de lichtelijk geÔrriteerde pas van iemand die in een warenhuis de uitgang zoekt en inziet dat hij gedwongen is een lang traject langs allerlei uitstallingen af te leggen, stapt Tenzin Gyatso door de grote zaal in het Volkenkundig Museum te Leiden.

Plots staat hij stil voor een schildering aan de muur. Het grijze gevolg dribbelt bijkans tegen hem aan. Resoluut draait hij de thanka om. Heel even schrikt iedereen op, maar ja.. het zijn wel hýn spullen en als iemand weet wat ie doet..

Dat weet Tenzin Gyatso blijkbaar ook: achterop staat een lang verhaal opgetekend. Het grijze gevolg glundert dat toch iets zijn aandacht heeft getrokken en staat tien minuten lang met hem mee te staren op een verbleekte, hanenpoterige Tibetaanse tekst.


Tibetan text


Terug in het kleine autootje terug naar Amsterdam houdt Lily met haar hoge, licht-geaffecteerde kraakstem een soort van allerlaatste radiopraatje. Hoe bijzonder de ontmoeting met ‘zijne heiligheid’ wel niet was geweest. De Britse chauffeur luistert aandachtig, ze spreekt een beetje Nederlands.

Ik zit achterin naast een oudere Tibetaan die geen Engels verstaat. Gaandeweg komen we erachter dat we beiden wat Nepalees kennen. Lily bemerkt de vertrouwelijkheid op de achterbank en draait zich bruusk om.

‘Hij is wel een tulku hoor,’ zegt ze streng, ‘een heel voorname reÔncarnatie.’

‘Ekt waer?’ vraagt de chauffeuse. Ze gaapt langer in de achteruitkijk-spiegel dan me lief is.

Lama

‘Dat zie je toch meteen aan die hel blauwe ogen! Een verlichte geest!’ leest Lily haar op hoge toon de les – ondanks dat ze zelf zeer slechtziend is.

De Tibetaan merkt dat de dames over hem praten en vraagt me licht vertwijfeld waarom.

– Ze hebben het over je ogen, zeg ik.

‘Ach, dat blauw, ja…’

Ondanks ons verbaal gestuntel begrijp ik dat zijn ogen een paar maanden eerder in een ziekenhuis te ZŁrich zijn onderzocht. Z’n ogen veranderden namelijk nogal plots van donkerbruin naar fel lichtblauw. De specialisten verzekerden hem echter dat het geen kwaad kon.

‘Gelukkig word ik niet blind.’

Hij vond Zwitserland wel een mooi en vredig land. Het landschap herinnerde hem aan Tibet, waar hij niet meer naar terug kan. Hij mocht er helaas niet blijven, hij beschikte niet over de juiste documenten. Jammer want Lausanne had volgens hem - †knipoog - alles van Shambala.


Pelgrims











‘Shambala?!’ draaien de dames zich om als gestoken, ‘waar heeft hij het over?!?'

‘Jullie hebben gelijk, z’n ogen geven ‘m overal meteen weg als een bijzondere tulku uit Shambala.’

Begrijpend knikkend, kijken ze hem aan.

Niet begrijpend, glimlacht hij maar wat terug.



Gated community



Geciteerde boeken

De oude Boeddha

Zoals de titel aangeeft: hedendaags boeddhisme wereldwijd. Overduidelijk reist, ziet en doet Van der Velde zoveel in AziŽ dat hij over een benijdenswaardige detailkennis beschikt om informatie de nodige diepte, tekening en†colour locale mee te geven. Hij roept vragen op waarbij je meteen denkt: ja, hoe zit dat eigenlijk? Gelukkig laat hij vervolgens voldoende ruimte over om het volledig oneens met hem te zijn, of slechts ten dele, of naderhand misschien toch weer wel. M'n exemplaar kent althans de nodige potloodstrepen, uitroeptekens en vraagtekens. Vooral een uitstekend boek voor AziŽ-gangers die niet alle highlights afrennen maar graag een paar uur op 'n straathoek of tempeltrede blijven kijken. Wat heeft een reisboek immers nog te bieden dat niet op een smartphone staat?


Wildheid en beschaving

'In het begin van de 20ste eeuw was een jonge Fransman werkzaam in verschillende Afrikaanse koloniŽn. Zoals zovelen in die dagen verzamelde hij ansichtkaarten, waarbij zijn voorkeur uitging naar het ‘koloniale naakt’. Deze verzameling vormt het uitgangspunt voor een verkenning van een Europees, burgerlijk-christelijk discours over het ‘donkere’ continent en zijn als primitief, heidens, wellustig, agressief en dierlijk aangemerkte bewoners.’ (Flaptekst).

Fascinerend onderwerp. Het lijkt echter alsof de schrijver zich tussen de vele blote borstjes zekerder voelde door dure, wetenschappelijk-verantwoorde begrippen te bezigen. Ondanks de taaie taal wil ik nog 'ns terugkomen op het hoofdstuk ‘Fotograferen als ritueel’.


Vernon

Hierboven is slechts uit de inleidende hoofdstukken geciteerd – over de krankzinnige geschiedenis van de Theosophical Society-leden die naar India vertrokken en ondanks hun zeer diverse magisch-mystieke overtuigingen tÚch in een apathisch, ondervoed jongetje aan een rivieroever een mondiale leermeester zagen, waarvoor we hun, ondanks al hun gekte, zeer dankbaar mogen zijn.

blog inhoud

- †Bhutan



Bhutan

blog inhoud


Een dictatoriaal bergstaatje†als boeddhistisch Disneyland

voor westerse welgestelden


Mountain temple bhutan


Had Bhutan in 1959 de stroom Tibetaanse vluchtelingen – qua lichamelijk en geestelijk DNA hun broeders en zusters – niet geweigerd maar de Dalai Lama en de zijnen op haar grondgebied toegelaten, dan was Bhutan inmiddels serieuze concurrentie voor het Vaticaan geweest.

Het is me hier niet te doen om de despotische machthebbers van Bhutan, al kun je hun bewind alleen moedwillig onbenoemd laten.†

bhutan map

Het gaat me er evenmin om aan te geven hoe het Bhutanese koningshuis al decennia angst zaait omdat de familiekliek zelf bang is ten onder te gaan aan het nog altijd populaire maoÔsme dat in de tachtiger jaren in aangrenzende gebieden als Asam, Bihar, Bangladesh opkwam en in Nepal de monarchie daadwerkelijk beŽindigde.†

Map Bhutan

Ironisch is wellicht dat het communisme vooral zo populair is doordat de eigen armoede steeds schriller afsteekt tegen rondom gelegen kapitalistische ‘economische wonderen’ als China, Thailand, Singapore of Zuid-Korea.

Het gaat me hier echter om de decadentie van met name westerse elite, prominenten, politici en welgestelde supporters om ergens diep in de Himalaya een dictatoriaal staatje als magisch-mystiek troeteloord te koesteren en al dan niet heimelijk op allerlei wijzen te bevoordelen zonder enige vorm van commentaar of voorbehoud.

Ook al kent Bhutan pas sinds de zeventiger jaren open grenzen, de internationale hang naar een helder, kuis, maagdelijk, onbezoedeld, ongerept, puur, schoon, zuiver Shangri La†kent een eigen voorgeschiedenis.

Het duurde lang, vier of vijf jaar, eer het drama in Bhutan internationaal enige aandacht kreeg. Ergens rond 1977. Niet breed maar wel duidelijk.†

Er verschenen verslagen over hoe het Bhutanese bewind ongeveer een vijfde van de eigen bevolking – zo’n 110.000 mannen, vrouwen en kinderen – met militair geweld het land uit had gedreven.†


Jigme Wangchuk


Dit deel van het volk hoorde er volgens de officiŽle verklaring niet thuis, ook al leefde het er reeds drie, vier generaties en beschikte de meesten zelfs over niet minder officiŽle Bhutanese persoonsbewijzen.†

bhutan-3 kopie

Dat ze van levensovertuiging verschilden, kwam dus goed uit. Propaganda werkt graag met slogans en uitroeptekens – de koning: one country, one people! – en met labels – de regering: zij zijn anders, het zijn Nepalezen! – en bagatelliseerde de uitzetting consequent als een onvermijdelijk conflict tussen boeddhisten en hindoes.

In termen van mondiale wetgeving heette hun actie echter etnische zuivering. En een bewind dat een deel van z’n bevolking deporteert, voert een fascistische politiek.

Populair als het droomstaatje echter is, al snel hoorde je er internationaal nog weinig over. Behalve af en toe een rapportje van Amnesty of van de UNHCR.

Jigmi Thinley

‘Allemaal mythe,’ liegt premier Jigmi Thinley steevast tussen z’n tanden door – ŗls er al naar wordt gevraagd. De meeste journalisten, docu- en reisprogramma-makers vergoelijkten de etnische zuivering met verzachtende benamingen, door de schuld juist bij de gedeporteerden te leggen of door het domweg buiten beeld te laten.

Vluchteling met paspoort

Bij bezoeken aan Kathmandu hoorde en las ik dikwijl over de toename van vluchtelingenkampen in het uiterste westen van Nepal: een moeilijk bewoonbare strook hete jungle met zat ruimte.†Maar Nepal had zo z’n eigen problemen in die tijd – en nog steeds.

In Nederland wilde men er niet over horen. Bhutan-gangers noemden me in discussie... ‘te Nepalees’ … ’alsof Nepal soms een voorbeeld is’ … ‘zie hoe corrupt en vervuilend democratie daar heeft uitgepakt’…†

Tja, je kunt altijd vergelijken met slechter of met beter – en dus kan vergelijken nooit een argument zijn.


King with four wifes

Om de macht (troon) veilig te stellen, trouwde koning Jigme†Single Wangchuk†tegelijkertijd†met alle vier dochters van de andere machrtigste familie van het land (zie House of Cards- link onderaan).


Later kreeg ook onderzoeker prof. Michael Hutt van de University of London dergelijke verwijten naar z’n hoofd toen hij het Bhutanese beleid Royal Realpolitik betitelde – ik verkeer in goed gezelschap (zie links en verwijzingen onderdaan).

Zelfs een jaar geleden nog voerde een documentairemaker van de Boeddhistische Omroep – die al vele jaren Bhutan regelmatig bezoekt – nog een tirade tegen me dat het allemaal† gemanipuleerde onzinverhalen waren – conspiracy tegen Bhutan, jawel – en dat de meeste verbannen ‘Nepalezen’ slechts op persoonlijk gewin uit waren of probeerden naar een westers land te emigreren, en wat al niet meer voor kwalijks.

bhutan camps kopie

Dat duizenden gedeporteerde boeren-gezinnen twintig jaar lang door toedoen van het Bhutaans koningshuis in zeven kampen terechtkwamen, paste niet bij het imago van het boeddhistische ideaal-staatje in de Himalaya dat men koesterde, ondersteunde en aan de man bracht (treks, all-in meditatie- of yogareizen, enzovoorts).

Het Bhutanese ministerie buit het ‘unieke’ ten volle uit: je komt niet zomaar binnen. Het krijgen van een visum moet de aanvrager het gevoel van uitverkorene geven. Verdeel en heers. Reeds in de zeventiger jaren hield een visum een verplichte uitgave van $ 200,- per dag in.

(Uiteraard had ik zoveel geld toentertijd niet. Maar ik wžlde er ook niet heen. De Bhutanen die ik in Nepal tegenkwam, behoorden zonder uitzondering tot de elite die over reispapieren kon beschikken en waren – evenzo zonder uitzondering – arrogante, met veel goud behangen vetzakken. Nog steeds wil ik er niet heen en na het schrijven van dit artikel zal ik ongetwijfeld worden geŽxcuseerd.)

portret vrouw - versie 2

Dankzij hulp van donorstaten is ongeveer 90% van de gedeporteerden de afgelopen jaren naar westerse landen overgebracht, voornamelijk naar de Verenigde Staten. Ik herinner me nog levendig een aangrijpend fotootje in Newsweek waarop een vrouw – gekleed gelijk de vrouwen hiernaast – volkomen verdwaasd op een vluchtheuvel in hartje Manhattan stond.

Schrijnend, zeker, moet ze maar niet ‘naar een westers land proberen te emigreren.’

portret vrouw hillside oorb


Onder druk van de geopolitiek uit Washington liet ook de Nederlandse politici zo’n vierduizend Bhutanese gedeporteerden overvliegen. Toentertijd las ik er slechts over in Nepalese kranten.


krant kathmandu post bhutanezen kopie


Anno 2017 tellen de goeddeels verlaten kampen in de hete jungle altijd nog zo’n 12.000bewoners.†

Zij willen of kunnen niet anders dan terug naar Bhutan – hoe moeilijk dit door voorspelbare discriminatie ook voor hen zou uitpakken. Ze vormen echter een gemengd huwelijk met familie aldaar of ze zijn te oud om nog naar een volslagen andere (westerse) cultuur te emigreren, enzovoorts.†


portret vrouw himal hillside


Hoe minder bewoners, des te spookachtiger zo’n kamp wordt: schooltjes sluiten, sanitaire voorzieningen vervallen, hulporganisaties vertrekken, er is minder voedsel beschikbaar, enzovoorts.

bhutan-4

Zelfs de terugkeer van de laatste 12.000 mensen past niet in the royal realpolitik. Ook dat valt te verwachten van een dictatoriaal bewind dat aan z’n landgenoten traditionele kleding voorschrijft of tot 1999 zelfs staatstelevisie tegenhield – bij voorbeeld.

Liever schakelen ze een legertje pr-mensen in om onwelgevallige (universitaire) studies te beschimpen of om wikipedia-pagina’s te herschrijven tot ware hagiografieŽn van de koninklijke familie – bij voorbeeld.

Ook weet het Bhutanese ministerie van voorlichting met regelmaat de nodige (meestal westerse) prominenten, politici, ambtenaren en journalisten te strikken om hun propaganda uit te dragen.†


King, p.m. & army


Zo beschreef nog vlak voor afgelopen kerst de IndiŽr Chandra Sapkota in de Kathmandu Post (‘werkt voor de UN maar schrijft hier op persoonlijke titel’) zijn ‘haalbare oplossing’ waarin hij de Nepalese regering maande de 12.000 kampbewoners te laten integreren, anders zou dit ver strekkende consequenties voor Nepal’s global image hebben – een ‘haalbare oplossing’ afgemaakt met een toefje dreigement… en dat tot een land dat reeds lang vele vluchtelingen herbergt… je moet maar durven… of een visum willen krijgen zonder dwang om dagelijks zoveel honderd dollar te moeten besteden.

Jigme Single Wangchuk

Lange tijd kreeg Bhutan per hoofd van de bevolking het meeste ontwikkelingsgeld van Nederlandse ministers als Eegje Schoo.†

Maar het mooiste resultaat blijft natuurlijk als je te zijner tijd een honorair consulaat kon.. verwerven.†

Four sisters


Zelf telt hoofdstad Thimpu er slechts zes (Thailand, BelgiŽ, Nederland, Zweden, India en de UK), maar omgekeerd heeft Bhutan er wereldwijd dik over de twintig, zonder de vele honorary consuls mee te tellen. Zo’n onverwacht titeltje doet ’t altijd goed op een business card – zoiets als een luxe koffietafelboek dat kennis van zaken dient te suggereren.

bhutan kopie

Waarom dweept de westerse wereld kritiekloos met Bhutan, daar gaat het me om. Toch niet alleen omdat het boeddhistische bergstaatje de term Bruto Nationaal Geluk hanteert?†Juist in deze pr-kreet – die Groenlinks zelfs een blauwe maandag adopteerde – schuilt reeds etnische zuivering.†Een beetje boeddhist gaat immers voor Bruto Internationaal Geluk.†


Kroning Bhutan


Natuurlijk zegt dit het nodige over machthebbers in het algemeen. Politiek gaat nimmer over godsdienst of levensfilosofie maar overal en altijd over geld, macht en ‘de drug van vandaag’ zoals iemand laatst tegen me zei: ‘veiligheid’.

Wat de Ted Talk (op internet) van de huidige premier vooral aantoont, is hoe de machthebbende etnische kliek in Bhutan in de eigen propaganda als voorbeeldstaatje is gaan geloven. De rest van de wereld zou Bhutan zowaar als voorbeeld moeten nemen om net als zij de CO2 uitstoot terug te brengen tot nul. Het leverde hem langdurig applaus uit de zaal op.

Als je voornaamste inkomstenbronnen toerisme en de export van witwaterkracht zijn – aangelegd, gefinancierd en afgenomen door big brother India – en als je ŗlles dat je materieel aan infrastructuur nodig hebt uit het buitenland haalt… tja, als je CO2-uitstoot dan nog niet op nul staat, dan staan kennelijk je besneeuwde bossen in brand.

De westerse wereld-en-ik hebben natuurlijk te veel boter op het hoofd om Aziatische landen een dergelijke les te lezen. Als wij al onze fabrieken naar China verplaatsen om reden van goedkope arbeid Ťn ontbrekende milieu-wetgeving en vervolgens in ongeloof en afschuw de tv-beelden van solid smog in Beijing bekijken dan ben je toch ook in eigen kapitalistische propaganda gaan geloven door te doen alsof we met z’n allen†nžet†dezelfde dampkring delen.†

Bhutan king With Swedish royalty

(In Polen is het inmiddels even erg, lees ik uitgerekend vandaag in de krant, het komt dichterbij).

Beatrix

Waar het me hier omgaat, is hoe men wereldwijd de etnische zuivering negeert, eventueel glashard ontkent, en halsstarrig het boeddhistische bergstaatje blijft bewieroken. Het is een internationaal politiek toneelstukje.†

Alexander en Maxiam

Bhutan is een zogeheten client state†van India†met nog geen 700.000 inwoners die voor z’n economie, veiligheid Ťn buitenlandse betrekkingen geheel en al onder controle van de ‘grote broer’ staat – die op zijn beurt door de Bhutan-adepten veelal voor als lastig, vuil en overbevolkt wordt weggezet.


english & Bhutan royalty


Zowel Nepal als Bhutan worden geheel land-ingesloten door India (en de Himalaya). De twee landen zijn met handen en voeten gebonden aan de grootmacht, hun zelfstandigheid lijkt in zekere zin slechts geduld. Bij elke belangrijke beslissing vliegen hun politici even naar New Delhi voor een tandartsbezoek of een jaarlijkse health check. Ongetwijfeld zullen ook zij zich geregeld afvragen waarom India deze situatie sinds de eigen onafhankelijkheid in†1947 laat voortbestaan terwijl haar afhankelijkheid van – en investeringen in – witwaterkracht almaar gigantischer worden; maar dat is een ander onderwerp (zie Nepal 2015).

Terpstra

Evenals in de afgelopen eeuw zijn sommige welgestelde kringen op zoek naar enige plesante zingeving te midden van hun overvloed aan luxe en tijd. Alle triestheid, inherent aan het bestaan, knaagt ergens heel ver weg maar wordt behoedzaam toegedekt met nog meer van alles in veelvoud.

Dat de westerse wereld religie kwijt is – niet de kerkelijke bemoeizucht, noch de hang naar magie en mystiek, maar het wezenlijk zoeken naar waarheid – komt soms pijnlijk tot uiting, zoals bijvoorbeeld in plotse mega-selling boeket-boekjes als ‘Eat pray love’.

yoga

De meeste Bali, Burma of Bhutan-reizigers hebben geen idee van wat boeddhisme inhoudt anders dan een rustgevend sfeertje met een beeldje, een belletje, een wierookje en stevig de oogjes toe.†

Met persoonlijke groei als doel.

Groei omwille van groei is, volgens Edward Abbey, de ideologie van een kankercel. Met een beetje ruime blik lees je in deze zin het verschil tussen ‘werken aan jezelf’ (boeddhaschap-ideaal) en ‘vrijwilligerswerk’ (bodhisattva-ideaal).

Of zoals Paul van der Velde in Tatoeage van de Ziel opmerkt: religie is tevens een voortdurende training in empathie.

Matthieu Ricard


Tot slot: wie bouwde er opvangkampen zonder toestemming te vragen op Nepalees grondgebied en hield decennialang elke vluchteling tegen die terug naar huis probeerde te komen?†

Als client state van India kon Bhutan de deportatie niet uitvoeren zonder nauw overleg met de regering in New Delhi. Mogelijk komt het plan zelfs uit de koker van de omstreden Indiase RAW-veiligheidsdienst (die in 1975 de onafhankelijkheid van het buurstaatje Sikkim onderuit haalde; pas in 2003 gaf China haar claim op en erkende de Indiase deelstaat).†

De geopolitieke achtergrond is verder af te leiden aan het feit dat de VS zonder enige ophef tienduizenden vluchtelingen liet overvliegen naar Amerika.†

Waarom?

In tegenstelling tot de aaneengesloten Himalaya in Nepal is Bhutan wel een gevoelig grensgebied met China†dankzij relatief lagere bergpassen. Reeds het Brits-koloniale leger positioneerde zich wel in Sikkim en Bhutan maar niet in Nepal.†

Dankzij dit Indiase apartheidsbeleid veranderde Bhutan mettertijd tot een boeddhistisch vrijstaatje, dwz vrij van IndiŽrs en Nepalezen. Het vorstendom heeft de geÔsoleerde idylle verder uitgebouwd: iedere inwoner die er mocht blijven, voelt zich bij gevolg bevoorrecht en overschreeuwt het vluchtelingendrama met mooie praatjes over national happiness etcetera – en de internationale jetset doet om geheel eigen redenen van harte mee.


- Dan maar niet naar Bhutan?†

Natuurlijk wel. Interaktie met mensen van elders is overal en altijd geboden. Het gedrag en de reacties van zinzoekende toeristen zet mogelijk aan tot nadenken, desnoods over hoe het nžet moet. Temeer als bezoekers in verwondering zaken benoemen die niet te begrijpen of te dulden zijn. Zoals de vraag waarom het onmenselijke Bhutanese bewind nog steeds 12.000 gedeporteerden in Nepalese kampen gevangen laat zitten.†

Alsof werkelijk geluk los kan staan van compassie.

Niet de geÔdealiseerde maar de werkelijke kwaliteit van een samenleving, hier of in de Himalaya, valt af te lezen van de manier waarop men met zwakkeren omgaat.

‘Ik ben alleen maar op vakantie.’†Met 'n boeddhistisch tintje, toch?†Mag ik tot slot een korte conversatie citeren – ter overpeinzing tijdens de lange vlucht?


Mead : Baldwin

Margaret Mead: Heb jij dan die kleine meisjes in Birmingham gebombardeerd?

James Baldwin: Ik ben er verantwoordelijk voor. Ik heb het niet gestopt.

Mead: Waarom ben je verantwoordelijk? Heb je niet geprobeerd het te stoppen? Had je daar dan niet aan gewerkt?

Baldwin: Het maakt niet uit wat iemand geprobeerd heeft.

Mead: Natuurlijk maakt het een verschil wat men heeft geprobeerd.

Baldwin: Nee, niet wezenlijk.

Mead: Dit is het fundamentele verschil. Je praat als een lid van de Russisch-Orthodoxe Kerk ... ‘We zijn allemaal schuldig. Omdat ergens een mens lijdt, zijn we allemaal moordenaars.’

Baldwin: Nee, nee, nee. We zijn allemaal verantwoordelijk.

Mead: Luister, je bent niet verantwoordelijk.

Baldwin: Dat bloed zit ook aan mijn handen.

Mead: Waarom?

Baldwin: Omdat ik het niet heb gestopt.

Mead: Zit er bloed van iemand die vandaag in Birma doodgaat aan jouw handen?

Baldwin: Ja. Ja. (Anders leest het misschien als jaja).

Mead: Omdat je het niet hebt gestopt? Dat is wat ik bedoel met het Russisch-orthodox standpunt, dat ieder van ons schuldig is aan alles wat is gedaan of gedacht –

Baldwin: Ja.

Mead: En dat zal ik niet accepteren. Echt niet.

Baldwin: ‘Voor wie de klok luidt’ ... Het betekent dat ieders lijden het mijne is.

Mead: Ieders lijden is het mijne, maar niet ieders moorden – en dat is een heel ander punt. Ik zou het lijden van iedereen accepteren. Ik maak geen moment onderscheid of mijn kind in gevaar is of een kind in Centraal-AziŽ. Maar ik zal geen verantwoordelijkheid aanvaarden voor wat andere mensen doen omdat ik toevallig tot die natie of dat ras of die religie behoor. Ik geloof niet in schuld door associatie.

Baldwin: Maar, Margaret, ik moet het accepteren. Ik moet het accepteren, want ik ben een zwarte man in de wereld en ik ben niet slechts in Amerika ... Ik heb een groen paspoort en ik ben een Amerikaans staatsburger, en de misdaden van deze Republiek, of ik er nou wel of niet schuldig aan ben, ik ben er verantwoordelijk voor.

Mead: Maar begrijp je dat ik denk dat er een verschil is. Ik ben blij dat ik een Amerikaan ben want ik denk dat wij meer kwaad kunnen doen dan enig ander land op deze aarde op dit moment, dus ik zou liever in het land zijn dat het meest kwaad zou kunnen doen.

Baldwin : Mead

Baldwin: In het oog van de orkaan.

Mead: In het oog van de orkaan, omdat ik denk dat ik er meer goed zou kunnen doen.†[…]

Wij zijn verantwoordelijk. Dat wij verantwoordelijk zijn voor die ongeboren kinderen, zwart, wit, geel, rood-groen, zoals de Zevende-dags Adventisten zeggen - voor hen allemaal. Daar zijn we het volledig over eens.

Welnu, is het noodzakelijk op dit moment in de geschiedenis ... voor iemand die zwart is om een andere houding aan te nemen ten opzichte van het verleden, ofschoon we dezelfde houding aannemen ten opzichte van de toekomst? Welnu, dat kan zo zijn. Zie je, de vraag die ik eerder stelde is dat om te handelen moet je misschien een ander standpunt innemen.

Baldwin: ... Welnu, duizend jaar van nu zal het niet van belang zijn; dat is volkomen waar. Duizend jaar geleden was het nog erger; dat is volkomen waar. Daar ben ik niet verantwoordelijk voor. Ik ben verantwoordelijk voor nu.

Mead: Nu.



himalaya mani steen

Aanbevolen†

House of Cards†- Kanak Mani Dixit

The Bhutanese Refugees†- Michael Hutt

Writing on the wall†- John Narayan Parajuli

Himalayan consensus†- Sujeev Shakya

UNHCR -†interview†Craig Sanders

Nepal 2015: van kwaad tot erger


Blog-index

Over schoonheid

blog inhoud

Ring the bells that still can ring†

Forget your perfect offering†

There is a crack, a crack in everything†

That's how the light gets in.†


L.eonard Cohen (1934-2016)


- Een kleurrijk Nieuwjaar


Schoonheid

Is schoonheid in de kleur, de vorm, de structuur van het gezicht, de helderheid in de ogen, en de huid en het haar, in de uitdrukking van een man of een vrouw?

Of is er een andere kwaliteit van schoonheid die al deze schoonheid kan overstijgen; en als die deel uitmaakt van dit leven, is dan de vorm, het gezicht, alles op zijn plaats?

Als dat niet wordt begrepen, als dat niet wordt verstaan, dan wordt de naar buiten gerichte uitdrukking het enig belangrijke. We gaan uitzoeken wat die schoonheid is, als jullie daar belang in stellen.

Weet je, wanneer je iets ziet zoals een prachtige berg tegen de blauwe lucht, de levendige, schitterende, heldere, ongeschonden sneeuw, dan verdrijft het majestueuze ervan al je gedachten, je zorgen en je problemen.†Heb je dat wel eens opgemerkt?

Je zegt ‘Wat is het mooi’ en misschien twee seconden, of zelfs een minuut, ben je volkomen stil. De grandeur ervan verdrijft even de nietigheid van onszelf.

Dus die onmetelijkheid heeft ons overgenomen. Zoals een kind dat een uur met een ingewikkeld stuk speelgoed bezig is; hij zegt niets, maakt geen enkel geluid. Hij is er volledig door geabsorbeerd. Het speelgoed heeft hem geabsorbeerd.

Dus de berg absorbeert je en daarom ben je die seconde of die minuut volkomen verstild, hetgeen betekent dat er geen zelf is.

Welnu, zonder door iets – een speeltje, een berg, een gezicht of een idee – te zijn geabsorbeerd, volkomen zonder de ‘ik’ in jezelf te zijn, dat is de essentie van schoonheid.

Schoonheid is wanneer het zelf niet is.


- Handtekening



† † †1983



blog inhoud


'Seventy-five banners united over the field'

blog inhoud

'Seventy-five years,†

seventy-five banners united over the field.’

- after†‘Changing of the Guards


trompet + muzikant 2

Dinsdag 1 november

‘Is het okť als ik een van die Tibetaanse hoornen wat uitprobeer?’ vraagt de man al binnenlopend.

Hij klinkt als een Ier, hij oogt als een hobbit –†al helemaal wanneer z’n bolle wangen ook nog ’ns vuurrood aanlopen.

Meteen bij de eerste ademstoot sta ik perplex, hij tovert er een perfect geluid uit.†Als een doorgewinterde monnik ergens in de Himalaya.†Moet een muzikant in hart en nieren zijn.

Hij probeert een andere hoorn en produceert een heldere, zeer lage toon.

- Komt het door de lengte dat de ene hoorn lager klinkt dan de ander?

Altijd willen weten namelijk.

‘Nee, dat ligt louter aan de diepte van dit schoteltje.’†

Hij legt z’n vinger op het mondstuk.†

'Hoe dieper het kommetje voordat het in de hoorn overgaat, des meer je lippen vanzelf †blrblrblrblrblr doen.’

Alsof hij een tandeloze baby nadoet die voor de lol z'n pap er weer uitgooit.

Conch schelp 2

‘Heel anders dan deze Bengaalse schelp,’ zegt hij en haalt er meteen een lange, heldere klaroenstoot uit.†

Nog rooier.

‘Worden die niet gebruikt om te communiceren tussen bergkloosters en kluizenaars op verschillende berghellingen?'

Toegegeven, niet helemaal vrij van plagen, pak ik een Tibetaanse trompetje van menselijk dijbeen erbij.

Bijna niemand krijgt daar fatsoenlijk geluid uit, ook de monniken in de Himalaya niet. Meestal zetten zij het bot schuin aan de lippen om er met veel kracht een hoog, snerpend geluid uit te persen.

Allesbehalve strelend voor het oor.

schedeltrommeltje

De achterliggende veronderstelling is om met menselijke lichaamsdelen – een schedeltrommeltje bijvoorbeeld – geluiden voort te brengen die je tijdens diepe meditatie of overlijden zou horen: het suizen in de oren, het kloppen van het hart, het pulseren van het bloed, enzovoorts.

De meeste muzikanten schrikken ervoor terug om een mensenbot aan de lippen te zetten, maar hij neemt het met respect ter hand.

‘O, heb je d'r ook zo eentje?’ zegt hij verrast. ‘Nog persoonlijk gekend?’

Na enig passen en sabbelen haalt hij er een fraaie, iele klank uit - voor zover dat kan uit een stuk bot. En eindelijk begrijp ik ook de clou: heel zachtjes aanblazen.


Dijbeen + muzikant


‘Altijd leuk om vreemde voorwerpen aan de praat te krijgen,’ zegt hij bijna verontschuldigend, ‘maar ik ben eigenlijk gitarist, hoor. Daarvoor ben ik althans 'n dagje in Amsterdam.’

- Je treedt hier op?

‘Ja, gisterenavond, in de Ziggo Dome.’

- Kunnen daar niet… meer dan tienduizend mensen in?

‘Haha, ja, en het zat helemaal vol. Maar die kwamen niet voor mij, hoor, maar voor Paul Simon. Een van ons was hier gisteren bij je in de winkel, de drummer, hij kocht een paar van die cymbaaltjes. Zij lopen allemaal wat trager, maar ze zullen zo wel komen.’

- Ze..?

‘Ja, de groep is aan de wandel met Paul.’

– O… eh… moet ik daarna de deur sluiten…?

‘Hoe dat zo?’

- Nou, we hadden hier een keer Goldie Hawn in een strak hemdje en de winkel stond meteen stampvol.

‘Haha, ja, boobies, dan krijg je dat. Maar die heeft Paul niet, althans niet waarvoor er mensen komen. Hij valt niet op, glijdt er tussendoor, niemand merkt hem op, don’t worry.’


Twee dagen eerder

Om de hoek, op de Kloof, woont Bo. In een eerder leven had hij enig succes in de VS als drummer. Daarna als promotor. Terwijl ik de winkel open, komt hij met z’n hondje naast me staan en steekt meteen van wal:

’Kun je het geloven, man? Twee weken niets van je laten horen omdat je ‘sprakeloos’ bent. Je krijgt een Nobelprijs voor de literatuur en twee, drie weken kon je d’r even geen woorden voor vinden… What a schmuck.'

De dag van bekendmaking riep hij echter meteen hoe fantastisch het was dat Dylan de Nobelprijs voor de literatuur kreeg. ‘En zo terecht!’ Maar dat Dylan twee weken niets van zich liet horen, ging er bij hem niet in.

Ik haal m’n schouders op en zeg:

- Een Nobelprijs wžn je niet, je krijgt ‘m out of the blue, je hebt per slot nergens om gevraagd.'

Ik kan me trouwens ook voorstellen dat je niet geassocieerd wil worden met een organisatie die†Masters of War’†als †H. Kissinger en B. Obama een Vredesprijs gaf.

Dylan Obama

Maar bovenal plaag ik Bo graag een beetje, hij is een vriendelijke†mister know it all – zeker als het over Amerikaanse muziek of politiek gaat.

– Een bekende Nederlandse schrijver, Harry Mulisch, vond openlijk dat hij de prijsbeker moest krijgen. Ook in de zeventiger jaren gingen er al stemmen op voor Bob Dylan. Dat vond Mulisch ridicuul, Dylan was geen literatuur, dan hoefde hij ‘m niet meer. Dan kun je ‘m volgens hem nog beter aan Leonard Cohen geven, vond hij.

‘Leonard Cohen?! Zijn werk heb ik nooit muziek gevonden, man, daar kun je niet bij drummen. Die Mulisch heeft er niets van begrepen.'

Ik had geen zin de man uit de VS uit te leggen dat Mulisch het wellicht zei omdat bevriend collega Remco Campert inmiddels enkele teksten van Cohen in het Nederlands had vertaald.†

Frank Zappa vond dat hij na Like a rolling stone eigenlijk geen tekst meer†bij z’n muziekstukken hoefde te schrijven. ’It said it all.’

Kort geleden hoorde ik het lied nog eens voorbij komen. Nog steeds aan te bevelen, zeker, maar wie zing-spreekt die tamelijk paternalistische tekst tegen wie eigenlijk?


Ahh you've gone to the finest schools, alright Miss Lonely†

But you know you only used to get juiced in it

Nobody's ever taught you how to live out on the street

And now you're gonna have to get used to it

You say you never compromise

With the mystery tramp, but now you realize

He's not selling any alibis

As you stare into the vacuum of his eyes

And say do you want to make a deal?

How does it feel, how does it feel?

To be on your own, with no direction home

A complete unknown, like a rolling stone


Dylan what


– Je hebt helemaal gelijk, zeg ik om te voorkomen dat Bo meteen verbaal uit de startblokken vertrekt.†Ik vind namelijk dat je bij songwriters tekst en muziek niet kunt scheiden. Het een beÔnvloedt het ander, en geeft zo een meerwaarde. Zoiets. Dylans teksten are great maar of z’n muziek instrumentaal overeind blijft, betwijfel ik.†

‘Uh… daar heb je een punt,’ zegt hij†–†met enige tegenzin.

Wow, Bo geeft me gelijk, ik maak een vreugdedansje.†De uitstallende groenteman verderop kijkt er even van op.

‘Wat bedoel je daarmee…’†vraag Bo met enige argwaan, 'vind je me echt zo eigenwijs..?’

- Welnee, ik ben gewoon blij om overmorgen op reis te gaan, jok ik om hem gerust te stellen.

‘Welke muzikant had dan de prijs volgens†jou moeten hebben?’

- Iemand die tekst en muziek perfect aan elkaar weet te smeden… eh… Paul Simon misschien?

Literatuur, muziek, wetenschap, ik weet dat Bo graag mag selecteren onder De Geselecteerden, zeg maar, z’n eigen bevolkingsgroep.

Het hondje wil weg en hij geeft mee.

‘Daar moet ik nog ’ns over nadenken.’†


Paul Simon Ton Lankreijer


Dinsdag 2 november schud ik Paul Simon de hand. Rondkijkend vraagt hij hoe lang we de winkel al hebben. Het blijkt de inleiding tot iets waar hij kennelijk mee bezig is.†

‘Afgelopen week werd ik 75. Ik denk er vaak aan om te stoppen, ik kan er toch niet eeuwig mee door blijven gaan. Ik moet er hoe dan ook mee breken.’

In een ochtendkrant las ik dat hij in het Ziggo Dome ‘zowaar een dansje op het podium had gemaakt’. Kennelijk was dat nieuws.

- Hm, use it or lose it, zeg ik wijsneuserig. Toen ik begin dertig was, ondervond ik op een ruwe manier dat je niet moet breken maar wat je bereikt heb beter kunt transformeren naar een vorm die je wel wilt behouden. En toen ben ik gauw terug gerend.

Hij kijkt me aan en zegt langzaam:†

‘You were lucky to see that, then.’

- Transformeren is een betere term dan breken, hoor ik mezelf m’n hand overspelen.

M’n gedachte op zich is goed, maar een woordkunstenaar de les lezen… nota bene in z’n eigen taal……

De sfeer blijft echter heel gemoedelijk. De bandleden kijken geÔnteresseerd rond en kopen kadootjes voor thuisblijvers. De drummer staat te twijfelen over een oude sjamanenketting met een honderdtal verschillende belletjes. Hij kijkt nog ’ns naar de prijs en hangt ‘m terug. Paul pakt de ketting en legt ‘m op de toonbank met z’n creditcard ernaast.

‘Wat vind je Pauls beste plaat?’ vraagt een bandlid.

- The Capeman, zeg ik meteen.

Het is een van de weinige platen die Bo en ik gemeen hebben qua smaak.†

De groep reageert tamelijk verrast.†

Wat mij weer verrast.

‘Je bent de eerste in een lange tijd die dat weer 'ns zegt.’

‘Het kostte hem bijna de kop als enkele Portoricaanse†groeperingen hun zin hadden gekregen.’

‘Any song in particular?’ vraagt Paul.

- Trailways Bus.†

‘Yeah,’ knikt hij, even bedachtzaam en lijzig als hij op alles lijkt te reageren, ‘that is a good song.’

Trailways Bus handelt over een immigrant die na een illegale grensoverschrijving per bus naar het noorden vlucht. De melancholische, latijnse melodie en de verschillende stemmen sluiten perfect aan bij de tekst.


Trailways Bus

the capeman

A passenger traveling quietly conceals himself

With a magazine and a sleepless pillow

Over the crest of the mountains

The moon begins its climb

And he wakes to find he’s in rolling farm land

The farmer sleeps against his wife

He wonders what their life must be

A Trailways bus is heading south

Into Washington, DC


A mother and child, the baby maybe two months old

Capeman photo

Prepare themselves for sleep and feeding


The shadow of the Capitol dome

Slides across his face

And his heart is racing

With the urge to freedom

The father motionless as stone

A shepherd resting with his flock

The Trailways bus is turning west

Dallas via Little Rock

The border patrol outside of Tucson boarded the bus

Any aliens here, you better check with us

Capeman 2

How ‘bout you son?

You like you’ve got Spanish blood

Do you habla ingles? Am I understood?

Yes, I am an alien from Mars

I come to earth from outer space

And if I traveled my whole life

You guys would still be on my case

But he can’t leave his fears behind

He recalls each fatal thrust

The screams are carried by the wind

Phantom figures in the dust

Phantom figures in the dust

Ondertussen moet ik denken aan m’n eerdere conversaties met Bo. Het zou leuk zijn straks een beetje te kunnen opscheppen tegen hem.

Ik besluit onze eerdere discussie samen te vatten en begin aldoende aan een warrig verhaal. De oudere mannen luisteren geduldig en plaatsen af en toe snedige opmerkingen.

‘Dylan heeft al minstens dertig jaar geen†mýziek meer gemaakt. En zeker geen nieuwe muzikale ontwikkeling.’

‘Cohen…’ aarzelt Paul, ‘hardly made any good songs at all.'

- A few, kom ik in verdediging.

‘Susan?’ vraagt hij een beetje spottend.

- Nee, maar wel op de eerste elpee, ik geloof dat het the dealer song heet of zoiets.

Hij fronst, weet niet welke song ik bedoel.

- He was just some Joseph looking for a manger,†citeer ik een regel die komt bovendrijven.


Leonard Cohen

And then sweeping up the jokers that he left behind

You find he did not leave you very much,†

not even laughter

Like any dealer he was watching for the card†

that is so high and wild

He'll never need to deal another

He was just some Joseph looking for a manger...


‘O, ja… that one… okť, enkele goeie songs dan.

Beetje hakkelend begin ik aan m’n stelling dat je lyrics en muziek Łberhaupt niet kunt scheiden.†

De band zwijgt en luistert beleefd.

Ik ga dapper verder met dat ŗls er al een dergelijke prijs moet bestaan, dan zou die voor tekst Ťn muziek moeten zijn en dat mij als jarenlange fan thans de eer te beurt is gevallen om de Kashba Nobelprijs uit te reiken aan... Paul Simon.

Paul Simon Ton Lankreijer 3

Ze schieten allen in de lach en Paul neemt m'n kadootje - een vlug maar fraai ingepakt Tibetaanse zilver doosje - vriendelijk in ontvangst.†

Op z’n Aziatisch: zonder het open te maken.


Na een uurtje loopt de band de Staalstraat weer uit, een groepje oudere mannen, niemand kijkt ervan op.†

Phantom figures in the dust.

Een vriendinnetje komt aanfietsen.

- Je komt net te laat, kijk, daar gaat Paul Simon, he just left the building.

‘O, een BN’er, wat leuk, dat is toch die acteur?’

Dylan Adele kopie

Ze is 23 en ja, ook van Bob Dylan heeft ze gehoord.

‘Dat is die tekstschrijver voor AdŤle.†Toch...?

Wat staan jullie nou te lachen?’



Dylan portret 2


You would not think to look at him, but he was famous long ago,

for playing the electric violin on Desolation Row.


- Desolation Row, Bob Dylan 1965


PS†7 June 2017

Our songs are alive in the land of the living. But songs are unlike literature. They're meant to be sung, not read. The words in Shakespeare's plays were meant to be acted on the stage. Just as lyrics in songs are meant to be sung, not read on a page. And I hope some of you get the chance to listen to these lyrics the way they were intended to be heard: in concert or on record or however people are listening to songs these days. I return once again to Homer, who says, "Sing in me, oh Muse, and through me tell the story."

Nobel Lecture - Bob Dylan†


blog inhoud

Thuis aan de Oude Waal (nawoord)

blog inhoud

Deel 1 - 2 - 3 - 4 - 5


begin 3


Een nagelaten koffer: nawoord

Thuis aan de Oude Waal†

Aan het begin van deze serie dacht ik het woord ik pas te gebruiken als het verhaal in de tachtiger jaren aankwam, het moment dat Els en ik elkaar leerden kennen.†Bij de eerste zinnen werd natuurlijk duidelijk dat het een onmogelijk idee was: Ťlk woord is gekozen, gekleurd en subjectief.†

Oftewel: ieder ander had er ongetwijfeld andere accenten gelegd en een andere vorm eraan gegeven.

De koffer is nu leeg.

Eenmaal thuis aan de Oude Waal bewaart Els weinig meer †– †een paar foto’s, enkele knipsels, een tekening, een kattebelletje…†Dit nawoord berust bij gevolg vooral op mijn herinneringen.†

Enfin†zou Els schrijven.

‘Sudah,’†zou ze zeggen.


Els Mary Martha

Els van den Berg, Mary Loupatty en Martha Cohen

Na een reis van drie maanden door de Molukken komen Ais en ik in 1985 terug naar Amsterdam. Martha besloot ons te verrassen met een welkom-thuis etentje en Els bood haar aan om Indonesisch te koken.†

Als we aankomen, heeft ze net gebeld dat ze er aankomt. Nog even dit, nog even dat, jam karet, de elastieken tijd.

‘Zou je haar niet even met m’n auto ophalen,’ stelt Martha voor,†‘ze wil al dat eten op de fiets meebrengen.’†

Van Amsterdam-centrum naar -zuid is een behoorlijke fietsafstand.


Oude Waal 17a

Oude Waal in de winter, foto uit de koffer.


Oude Waal ligt in de Nieuwmarktbuurt. Op 17a bewoont Els de vierde, bovenste verdieping. Lange, steile trappen. Met op elke smalle overloop een stoeltje.

‘O, die zijn voor mij,’ wuift ze m’n verwondering weg, ‘voor als ik teveel te sjouwen heb.’

Ik weet niet dat ze inmiddels suikerpatiŽnt is.

Het eten staat klaar bij de deur: stapelpannetjes, tassen, bakjes, losse zakjes…

- En dit had je allemaal aan je fiets willen hangen?

‘O, ik heb ook nog een bagagedrager.’

Met een licht uitdagende blik schuift ze er nog een paar dozen bij.

’Ja, als we toch met de auto gaan…† wat van m’n bakjes en schaaltjes… dat staat zoveel leuker bij een rijsttafel.’

- Pardon, een rijsttafel?

‘Nou ja, een soort van.’

Toe maar, ze heeft een paar dagen staan koken.


Urtha-ELS-Laura

Urtha Ririhatuela, Els van den Berg en Laura Loupatty, september 1991.

‘Dit costuum is het enige dat ik van mijn Chinese oma heb,’ vertelde Els. Ze was er zuinig op en droeg het alleen naar speciale gelegenheden. Nu, na het uitdiepen van de koffer, veronderstel ik dat het een geschenk moet zijn geweest van de moeder van haar onbekende, Chinese vader. Wellicht bij de geboorte van Els aan haar moeder Johanna geschonken.


Nog even vlug-vlug grist ze van alles uit het stampvolle keukentje. Ik wacht in de woonkamer aan de straatkant. Het uitzicht over de boten in de Oude Waal is licht en wijds. Aan de overkant steunen zeventiende-eeuwse panden tegen elkaar, de Binnenkant. Oud, ongerestaureerd Amsterdam, prachtig. Behouden dankzij de Nieuwmarkt-rellen, waarvoor ook Els zich inzette waar ze kon.

De huiskamer is eenvoudig en gezellig. Als je de stekjes, planten en gedroogde kruiden wegdenkt, oogt het er misschien wat spartaans.

- Doet je verwarming het niet?

‘Ach, die heb ik meestal niet aan. Ik slaap graag met het raam open. Dat maakt de gaskachel overbodig.’†

In de slaapkamer ligt er een matras op de grond.

Een familielid vertelt: ‘Door hun huiskamer aan de Schubertstraat liepen de verwarmingsbuizen van de benedenburen. Joseph (Daddy) zei altijd dat hij gratis verwarming had tot en met de slaapkamers op zolder. Toch gingen ze ’s avonds met een slaapmuts op naar bed. De gaskachel ging daar pas aan als het min tien graden was of zo.’


Oude Waal

Oude Waal in de winter, foto uit de koffer.

Her en der zie ik aandenkens die ze duidelijk niet zozeer om hun schoonheid als wel om hun verhaal bewaart. Bovenop een kast rust een oude koffer. Een grote, vooroorlogse koffer met een vaag ruitje en op de hoeken afgezet met stukken leer. Met vaste hand staat er een grote letter D op geschreven.

‘Mooi, hŤ, die is nog uit IndiŽ meegekomen.’

- En die letter D…?

‘Daddy heet Duť.’

Ze ziet dat ik het niet begrijp.

‘M’n biologische vader heb ik nooit gekend. Daddy heeft ons groot-gebracht. Nou, dit is het wel zo’n beetje, denk je dat het allemaal in de auto past?’†

Het eten is belangrijker.

Ik sta in haar huiskamer†en kijk†naar de koffer die nu,†ruim dertig jaar later,†in mijn huiskamer ligt.


kindertekening

Els werkt inmiddels bij het Emma Kinderziekenhuis, gespecialiseerd in kankerbehandeling. Om de twee maanden krijgt ze twee weken vrij tot m’n verwondering.†

‘Het is zwaar werk, hoor.’

En dat is niet alleen doordat ze de nachtdienst op zich neemt (om de jongere collega’s met gezinnen te ontlasten).

‘Je gaat je aan die kinderen hechten, daar ontkom je gewoon niet aan. En juist in de stilte van de nacht is hun ellende nog aandoenlijker. Niet iedereen kan het aan.’

In de stilte van de nacht – ik neem aan dat ze op iets doelt als de klank van zacht jammerende kinderstemmetjes door een hoge kale gang van een gebouw uit de vorige eeuw, het beeld zou me altijd bijblijven.

In de buurt staat het Ronald Mcdonaldhuis waar de ouders tijdelijk kunnen intrekken. Op een dag merkt deze vegetariŽr op dat het toch van de gekke is dat een fastfood-keten eerst kinderen met slecht voedsel ziek maakt om vervolgens goodwill te kweken door met belastinggeld (want aftrekbaar) onder de slachtoffers….†

‘Je wťťt niet waar je het over hebt!!’ onderbreekt ze me, hevig verontwaardigd. ‘Het doet de ouders zů intens goed om dichtbij hun kind te blijven!’

Ik zwijg, we hebben beiden gelijk.

Zij 'n beetje meer dan ik.


Els Emma


Jaren later vertelt een oudere vriend dat hij op een keer met met voornaamste man van het kinderziekenhuis, de kinderoncoloog Tom VoŻte, door het Mcdonaldhuis liep. Hij had de professor ergens aan een bar leren kennen. ‘Dan zat die man er duidelijk even helemaal doorheen.’

‘Zie je die vrouw daar met die emmer in de weer?’ vroeg VoŻte hem. ‘Die woont ergens in ’t Gooi in een kast van een huis met personeel. Komt hier al jaren elke donderdag de toiletten schoonmaken.’

Ook Els droeg Tom VoŻte op handen. ‘Een fantastische vent.’

kind in mapje

Fotomapje aangetast door vergaan plastic.


Ouders

In 1988 gaat het kinderziekenhuis op in het AMC in Zuidoost. Het personeel mag bieden op goederen die niet mee verhuizen. Els koopt een hoog, verstelbaar bed. Voor het geval dat Daddy of Moeder thuis verpleging nodig mochten hebben.†

Ais en ik vervoeren het vooroorlogse ledikant in delen naar de Schubertstraat.†

De negenentachtig-jarige man kijkt enigszins lijdzaam toe en zegt niets. Als we willen vertrekken, roept hij zachtjes Ais terug en drukt hem een rolletje gekleurde Rang in de hand.


Reeks een

Helpen in een ver, arm oord is voor Els niet langer mogelijk. Suikerziekte dwingt de vluchtelinge uit IndiŽ – na honderden tijdelijke adressen tijdens haar leven – voorgoed tot een eigen vaste stek.†


Na getuige te zijn geweest van zoveel honger-ellende in Biafra, Bangladesh en wellicht ook tijdens de oorlogsjaren in IndiŽ, is het niet verwonderlijk dat ze zelf ook iets met eten had.†


Binnen het gezin, naast haar twee slanke en populaire zussen, bleef Els in moeders bewoording ‘ons Chineesje’.†

De enige keer in twintig jaar dat ik een woorden-wisseling met Els kreeg, was tijdens een etentje in ‘99.

Ik wilde iets zeggen over een vriendin van haar maar kende haar naam niet en noemde haar†die vrouw met die oog-afwijking. Het bestek viel net niet uit haar hand.†

Woedend!

‘Je duidt niet iemand bij z’n gebrek of handicap!’ Alsof ik haar persoonlijk had beledigd, stond ze op en liep weg.

Nee, niet om de rekening te ontlopen.†

Reeks 2

Omdat ze wist dat ik haar niet zou laten betalen, fietste ze een dag eerder naar het restaurant waar ik had gereserveerd. †Om alvast een aanbetaling te doen – die uiteindelijk dichtbij het eindbedrag kwam.†

Els had niet veel op met geld. Maar wel met schuld.†De vrouw die iedereen hielp, kon zelf aan niemand iets verplicht zijn.†

De wereld stond bij haar in het krijt, zeker.†Maar zacht gezegd, de wereld is kort van memorie.


Op latere leeftijd kwam er bij haar soms een zachte, onderhuidse wrevel naar boven, veelal over relatief kleine zaken, die zij met ‘oneerlijk’ duidde.†


De oorzaak leek me vaak dat zij – hoe kordaat en doortastend voor anderen ook – te weinig of te laat voor zichzelf was opgekomen.

Soms was het zelfs komisch.†

Recht van het ziekenhuis stormde ze op een middag hoogst verontwaardigd binnen omdat ze het zooooo oneerlijk vond dat zij, jarenlang verpleegster, voor een tamelijk urgent onderzoek in het ziekenhuis achteraan op een wachtlijst van maanden was geplaatst.†

Reeks 3

‘Als je bij de bakker werkt, krijg je toch ook gratis gebakjes mee naar huis!’


Ondanks al het geweld dat ze had meegemaakt, behield ze toch een rooskleurig beeld van de mensheid. Te rooskleurig misschien.†

Zo vond ze het oneerlijk dat haar zussen in het zonnige CaliforniŽ de zorg en verpleging van Daddy en Moeder zonder ooit een woord van dank of overleg al die jaren bij haar neerlegden.†

Beide zusters stonden evenwel op de stoep toen moeder stierf en eigenden zich zonder dank of overleg de familiejuwelen toe.†

‘Natuurlijk moeten die sieraden binnen de familie blijven,’ mopperde Els later, ‘en natuurlijk heb ik geen kinderen. Maar ik had mijn deel graag zŤlf over m’n nichtjes verdeeld.’


Af en toe kwam ze ook wel in opstand. Als de kwartaal-controle voor haar suikerspiegel goed was, liep ze regelrecht het centrale AMC-plein op en bestelde de allergrootste toeter softijs.†

- Zoveel zout, suiker en room… is dat niet 'n beetje veel van 't goede?

‘Vast wel,’ meesmuilde de doorgewinterde verpleegster, ‘maar je moet het allemaal ook weer niet tŤ serieus nemen.’


Reeks 4

Pas later, na haar overlijden, begrijp ik dat wat beter. Ik lees ergens over de†enigszins stoÔcijnse levens-lessen die een oude vrouw in de VS voorhoudt aan een groep jongeren.†

Ergens aan het eind van haar uitleg mompelt ze nog een laatste overweging: ‘Maar misschien had ik wat vaker een ijsje moeten eten.’


Typerend voor Els was haar verzet tegen de verbouwing van haar huis aan de Oude Waal. Namelijk te laat.†

Pas nadat de architect de bouwtekeningen goed-gekeurd en gestempeld afleverde, kwam ze voor zichzelf op.

Haar woonruimte zou na de restauratie namelijk over twee verdiepingen komen te †liggen.†

Nog meer trappen.†

Niet eerlijk.


Tegelijkertijd besefte ze wel dat ze door haar afnemende flexibiliteit er niet veel langer kon blijven.†

Rond de Oude Waal woonde echter een inter-nationale mix aan buren met min of meer eenzelfde achtergrond. Met velen was ze reeds jarenlang bevriend.


Reeks 5

Ze kreeg vervangende woonruimte aangeboden. Els eiste een tuintje en kwam daardoor aan de Marathonweg terecht, tamelijk ver weg van haar geliefde Nieuwmarkt-buurtje.†


Tijdens de millenniumwisseling maakte de wereld zich zorgen over de veronderstelling dat computerchips de overgang van 99 naar 00 niet konden verwerken.†

Heel vervelend bij atoomwapens, maar ook in een beetje strijkbout zat al een chip met een klokje ingebouwd.†

Uit efficiŽntie zette de fabrikant dat er namelijk standaard in en zo'n chip kon raar gaan doen – als de angstpraatjes al werden begrepen.

Dan zal het alarm wel afgaan, veronderstelden we. Een goede reden om met oudjaar een feestje in de winkel te houden.†

Zodra de teller in Nieuw-Zeeland op 2000 draaide, werd duidelijk dat de wereld niet zou vergaan – maar dat kwam de feestvreugde alleen maar ten goede.

Tegen 20:00 uur wandelde Els binnen. Sinds onze woordenwisseling in het restaurant had ik haar niet meer gezien.

‘Ja, als je me uitnodigt, dan kom ik ook.’†

Ik kon me†niet herinneren dat ik haar had uitgenodigd. Om het ijs te breken had ze dat zelf maar gedaan.

- Hoe meer zielen, hoe meer vreugd!


oudjaar stlstr 3 winkel

Staalstraat 3, Amsterdam, 31 december 1999.

Ais:†‘Wat me frappeerde, was dat ze niet langer dat eeuwige staartje droeg maar de haren eindelijk los liet hangen.†Zoals vroeger.’


Els Urtha Ron Oudjaar

Staalstraat 3, Amsterdam, 31 december 1999.

Wellicht was het een van haar laatste feestjes. In maart dat jaar besloten we mijn vijftigste verjaardag achter de hoge muren in de Verboden Stad van Beijing te vieren.†

‘Kan hij vast wennen aan het bejaardenhuis,’ lichtte Ais graag toe.


Volendam 1976 - versie 2

In de donkerte van de ochtend van vertrek stond onverwachts Els op Schiphol te wachten.†

Met een langwerpige doos onder de arm:†een Vader Abraham Koek van een meter.

- Huh?

Een half uurtje later moest de handbagage door de scan.†

‘Wat voor koek, zegt u?'

Ze vonden†‘m beslist te groot:†‘Kunt u ‘m niet even dubbel vouwen?’

In die jaren telde Beijing nauwelijks koffiehuizen of andere tentjes om even te ontbijten. Al helemaal niet in de tijdelijke eensteen-buurtjes buiten de buitenste ringweg. Abraham kwam goed van pas, tot de laatste kruimel.


Els van den Berg telefoon

Foto Marijke Heuff

Haar suikerziekte nam verder toe, haar vele vrienden en vriendinnen kwamen langs maar zelf kwam ze steeds minder buiten. Halverwege het jaar raakte ze plots in coma.†

Het ziekenhuiskamertje, hoog binnen een AMC-toren, stond vol jonge mensen uit allerlei windhoeken. Op het bed lag Els’ lichaam te vechten, het gezicht bleef onbewogen, het hart leek te bonken.†

In ongeloof keek een jong, Bengali meisje de kring rond toen de dosis pijnstiller opnieuw werd verhoogd. Maar niemand deelde haar paniek.†

Gezamenlijjk wachtten we op stoelen of hangend tegen de muren.

Zonder dat het duidelijk was uitgesproken ‘wist’† iedereen dat ze niet uit de coma zou ontwaken – en dat dit maar beter was ook.†

Aan de andere kant van het vechtende lichaam zat het enige aanwezige familielid, een dertig jarig nichtje uit de VS. Voortdurend fluisterde ze Els iets in het oor.†Christelijke boodschappen in het Engels, zo te horen. Het irriteerde me mateloos. Ik vroeg me af of ik mocht, kon en moest ingrijpen.†

Maar ik kwam er niet uit, familie blijft wellicht familie.


Met de laatste zucht trok over Els' gezicht een geel-groene waas. Plots bleek de strijd gestreden en lag er een levenloos lichaam. Met een vreemd, enigszins voornaam gelaat. Al het persoonlijke was op slag weg.†

Voor mij was het aanschouwen van het eigenlijke doodgaan volstrekt nieuw en moest het in de metro terug, tussen alle Ikea- of Praxisgangers, kwijt aan Ais:

’Alsof je ineens zicht krijgt op haar onbekende vader, grootouders… eigenlijk op ŗl haar voorouders…†op eeuwen van menselijk bestaan…’

‘Nu ineens gaat onze†belanda totok wŤl aan de goenagoena?'


Enfin.

Sudah.



Els van den Berg Ais


HANDTEKENING


rouwadvertentie Els

Het Parool, 10 augustus 2000


Elsje AdŤle van den Berg

geboren te Palembang 4 februari 1928

overleden te Amsterdam 8 augustus 2000


leendert-blok-2



Terug naar deel1†-†2†-†3†-†4†-†5

Home


blog inhoud

Verliefd in Bangladdesh (deel 5)

Deel 12 –†3 4

blog inhoud


Een nagelaten koffer, deel 5

Verliefd in Bangladesh


Els, Jac, Kleur



Wie weet waarom president Nixon op de White House Tapes van†december ’71†tekeer gaat over IndiŽrs als ‘the bastards’ en Indira Gandhi als ‘the bitch’ kan het eerste blauwe gedeelte overslaan en bij de kleurenfoto van het verliefde stel beginnen.†Het is echter wel een bijster interessante geschiedenis die enigszins toelicht waardoor Els in Bangladesh belandde.


16TH DECEMBER 1


De dertiende storm over de Bengal-delta in het najaar van 1970, de zogenoemde Bhola Cyclone, staat met† zo’n half miljoen doden nog steeds in het geheugen gegrift als een van de grootste natuurrampen.†

Concert for Bangla Desh

Aangrijpende tv-beelden maar ook †‘The concert for Bangladesh’ uit ‘71 † †–† georganiseerd door sitarspeler Ravi Shankar en Beatle George Harrison †– riepen de wereld op te helpen.

Grote delen van de Bengal-delta zijn eigenlijk niet geschikt voor bewoning doordat tijdens regentijden en even-tuele aardbevingen veel fijne aarde van het nog jonge Himalaya gebergte naar beneden spoelt, wat uiteindelijk de beddingen in de delta†verhoogt. †

Bij gevolg treden daar de rivieren buiten hun oevers en zijn er jaarlijks overstromingen.†Fijne aarde is echter zeer vruchtbare aarde, met name landlozen verbouwen er graag op.

In latere studies over de grote hongersnood van '71 lijkt men het erover eens dat er feitelijk slechts twee oorzaken toe hadden geleid.†

Binnenlands deugde de distributie niet. Buitenlands besloot de VS plotseling om de toegezegde 2,2 miljoen ton voedselhulp niet te leveren. Omdat Bangladesh jute exporteerde naar Cuba, luidde de officiŽle reden. De ware toedracht lag een stuk ingewikkelder. Daarvoor moeten we iets terug in de tijd, naar de ‘Freedom at midnight’ periode.


Viceroy Mountbatten


In 1931 oreerde Winston Churchill in zijn toespraak ‘Our duty to India’ dat ‘India snel zal terugvallen in de barbarij en ontberingen van de middel-eeuwen’ zodra de Britten hun profijtelijk kolonialisme zouden opgeven.†


Churchill quote a


Nog geen zestien jaar later, na de tweede wereldoorlog, kreeg de laatste Britse onderkoning in India, ‘Dicky’ Mountbatten 'a peer of the bluest blood' – de opdracht om zo snel mogelijk te dekoloniseren.†Afbouwen en wegwezen.

Het Britse leger desintegreerde namelijk ijlings sinds het einde van de tweede wereldoorlog. Evenmin had de politie nog veel zeggenschap. Britse ambtenaren en kolonialen namen een enkeltje naar huis. De Britse Raj ging rap ten onder, er moest subiet iets gebeuren.

Zonder enig overleg met Indiase opvolgers vervrÚegde Mountbatten de geplande overdracht plotseling met bijna een jaar. Hij verschoof de datum niet naar een traditioneel geaccepteerde Indiase feestdag, maar naar de datum dat ‘het Britse imperium twee jaar eerder de Japanners in India tot capitulatie dwong’, oftewel 15 augustus.

Dom, arrogant, wraak, of allemaal tegelijk?


Zoiets kŗn namelijk niet in een werelddeel waar leven en dood sinds mensenheugenis worden begeleid en bepaald door dorpsoudsten, sadhus, babas, priesters en astrologen.†

De laatsten waren dan ook unaniem van oordeel dat juist deze datum slecht en onheilspellend was voor de geboorte van een land. Trouwens, een vrijdag was sowieso geen geschikte dag.


Maar ook een strijd tussen de wereldlijke en geestelijke macht wordt gewoonlijk beslist door degene met de betere dwangmiddelen of wapens. De astrologen bonden in en bedachten de oplossing dat het om 0:00 uur noch de ene, noch de andere dag was. Alsof op dat moment een geboorte-horoscoop heel even buiten werking was, gelijk een vliegtuig boven de noordpool.

‘Freedom at Midnight’ werd een staande uitdrukking in India. Sindsdien begint bevrijdingsdag in de avond en eindigen de ceremoniŽn voor de lunch.


Oost west Pakistan India map

De onafhankelijkheid leidde echter meteen tot scheiding. Niet zozeer scheiding van land – India was trouwens het willekeurige resultaat van het aanhalen van een Britse lasso – maar scheiding van volkeren. Enorme aantallen inwoners dienden dankzij de politici plots hun heil elders te zoeken, op plekken die door andere inwoners juist in tegen-gestelde richting werden ontvlucht: hindoes naar India, moslims naar Oost of West Pakistan.


India wordt verdeeld of vernietigd, schreef†Muhammad Ali Jinnah†(alias Quaid-e-Azam, later de eerste premier van Oost en West Pakistan) maar een eigen moslimstaat is tien miljoen moslimlevens zeker waard.




nehru indra 20101025

Nehru Jawaharlal hield zich enigszins op de vlakte maar zijn achterban scandeerde eenzelfde fanatisme:†

'Hindu,†Hindi,†Hindustan!’



Van oudsher wonen er miljoenen moslims in Bengal, het deltagebied nabij Calcutta. Het zou onmogelijk zijn – want desastreus – om hen in grote getalen dwars door India naar het noorden dwingen te gaan. Veelal lopend.

Om een geheel nieuwe staat om die reden uit twee delen te laten bestaan – met een ander, groot land ertussen – zou dus even onzinnig zijn. Toch koos men ervoor. De betrokken politici, stammend uit het jarenlange verzet tegen de Britten waren ongeduldig en wilden aan de macht.†

Gandhi Jinnu

Op het laatst probeerde alleen nog Mahatma Gandhi de splitsing tegen te houden. Tevergeefs.

‘Ik heb de Britten nog slechts gezegd,’ verzuchtte hij toen de plannen definitief werden, ‘geef ons de chaos.’

De 47-jarige Louis Francis Albert Victor Nicholas George Mountbatten reageerde met: ‘De ideeŽn van de oude man over wat er gedaan moest worden, varieerden tussen metafysica en fantasie.’

De chaos leidde tot dood en verderf langs de nieuw getrokken grenzen.


Nog geen 25 later is Indira Gandhi voor een VN-vergadering in New York. Haar staf regelt tevens een ontmoeting met de heren Nixon en Kissinger in het Witte Huis.†

Want zo gaat het niet langer met Oost Pakistan.†


Indira Nixon z:w


Even kort, maar zeer belangrijk:†het geo-politieke schaakbord in die tijd.

China en de VS steunen kolonel Yahya Khan in West Pakistan.†

China is reeds in menig gevecht verwikkeld met India verwikkeld over de exacte grens door de Himalaya. (Na een paar jaar komt India er bijvoorbeeld achter dat China een nieuwe, geasfalteerde weg gemakshalve enkele kilometers over Indiaas grondgebied liet lopen.)

Noemenswaardig detail: vanwege de extreme hoogte huurt het Indiase leger Tibetaanse vluchtelingen in.†

En aan hun loyaliteit hoeft niet te worden getwijfeld.


Gandhi Russische postzegel

De VS steunt Pakistan omdat India zich meer en meer op Rusland verlaat.†

West Pakistan, waar centrale regering en leger zetelen, plundert en onderdrukt Oost Pakistan als was het niet meer dan een vazalstaat.†

Met name het opgelegde Urdu als landstaal leidt tot volkswoede. Zelfs het werk van Nobelprijs winnaar†Rabin-dranath Tagore wordt verboden literatuur.†

Om religie werd de tweedelige staat opgericht, om taal valt deze weer uiteen.

De bevolking van Oost Pakistan zoekt veiligheid in India, dagelijks komen er duizenden vluchtelingen de grens over. Als kolonel Yahya Khan tot ieders verbazing India op twee fronten aanvalt, besluit Indira Gandhi op 13 december 1971 de oorspronkelijke bevolking in Oost Pakistan aan zelfstandigheid te helpen: Bangladesh.

Het toesnellen naar de Bengaalse Zee†van de Amerikaanse vloot intimideert haar niet. Ze weet zich gesteund door Rusland en vertrouwt erop dat de VS naast Vietnam (met China) zich niet nÚg een oorlog in AziŽ kunnen veroorloven.†

Op The White House tapes zegt president Nixon tegen staatssecretaris Kissinger:†

‘Pakistan doet je pijn aan het hart. Om zo door de IndiŽrs te worden ingemaakt. En dat terwijl we that bitch zo hadden gewaarschuwd.’

Hij vraagt zich af of waarom hij tijdens haar bezoek zo voorzichtig met that goddamn woman†is geweest.


indira-gandhi

Er zijn er wel meer in New York die zich over Indira Gandhi verwonderen.†

Ramachandra Guha ('India after Gandhi'):†

‘Ver buiten India werd Indira Gandhi’s kalmte tijdens de crisis eveneens bewonderd door een vrouw die tijdens haar leven de nodige geschiedenis voorbij had zien komen, de filosoof Hannah Arendt.†

Hannah Arendt

Begin november ontmoette Arendt de premier bij een wederzijdse vriend in New York. Een maand later, terwijl de Indiase troepen oprukten naar Dacca, schreef zij aan de romanschrijver Mary McCarthy hoe zij op dat feestje Indira Gandhi zag, zeer knap, bijna mooi, heel charmant, flirtend met bijna elke man in het vertrek, zonder aanstellerij en volkomen kalm – ze moet toen al geweten hebben dat ze oorlog zou gaan voeren en ze genoot er waarschijnlijk zelfs van op een perverse manier.†De hardheid van deze vrouwen als ze eenmaal krijgen wat ze willen, is niet mis!’

Waar Indira Gandhi van genoot, was misschien niet in de eerste plaats het binnenvallen van Oost Pakistan – binnen drie maanden trok ze het leger weer terug – maar het vooruitzicht dat ze thuis, in de politieke chaos, vaster dan ooit in het zadel zou zitten.†Oftewel het aloude recept: als je thuis aan de macht wilt blijven, begin dan ergens in het buitenland een oorlog.

Indira Gandhi returns to india

En het jonge India telt vťle mogelijk-heden tot conflicten: ruim 4 kasten met duizenden onderafdelingen, 22 erkende talen en honderden dialecten, zeven brede religieuze stromingen met een eindeloos aantal afscheidingen, sociale klassen met een verschil van extreem rijk (ijsbanen in Bombay) tot extreem arm (sterven door droogte) – reden voor haar over te gaan tot 97% inkomstenbelasting, wat slechts de corruptie verhoogde.†

Nog afgezien van de positie van vrouwen die nog steeds tot zelfverbranding en infanticide aanzet.†

Min of meer dezelfde problemen gaan op voor Bangladesh.

Kisinger Gandhi

Wat weinigen konden weten, ook Hannah Arendt niet, was dat Indira Gandhi door de geheime agenda van heren Nixon en Kissinger gedwongen werd tot actie over te gaan.†

Uit geclassificeerde documenten –†die in de VS na vijftig jaar vrijkomen – werd onlangs meer bekend rond het ontstaan van Bangladesh. Het is nu nauwelijks voorstelbaar, maar het Witte Huis had nagenoeg geen contact met de communistische Mao Zedong en consorten. In tegenstelling tot de Pakistaanse kolonel Yahya Khan, die juist op zeer goede voet met hen stond.†

Om hem als go-between te kunnen aanwenden, waren Nixon en Kissinger meer dan royaal met wapenleveranties aan Yahya Khan. Het openbreken van de Chinese miljoenenmarkt voor het Amerikaanse zakenleven was hun enige doel en zou uiteindelijk ook als wapenfeit de officiŽle geschiedschrijving halen – zonder enige referentie aan de tienduizenden doden en een meervoud aan vluchtelingen in India, Oost- en West Pakistan. Voor Nixon waren het eigenlijk allemaal IndiŽrs en†’the Indians are bastards anyway.’


nehru-gandhi


Ook hulporganisaties als Terre des Hommes groeien uit tot professionele ondernemingen.†

Was Biafra twee jaar eerder nog een tamelijk onbevangen, medemenselijk initiatief waar Els zich spontaan voor opgaf, in de eerste brief naar huis van 18 januari ’72 klinkt het heel anders.


Groep kinderen B'desh


‘John is met Max Gordon - de grote baas van ‘Save the Children Fund’ – voor een week of langer naar Bangladesh. Om de situatie opnemen en misschien ’n project te openen. Ik ga met ze mee. Save is namelijk internationaal en net als TdH alleen voor kinderen. Zij krijgen op ’t ogenblik ook van TdH geldelijke hulp. Vandaar dat ik ben gevraagd om mee te gaan.’

Met andere woorden: geldstromen bepalen wie er mag helpen.

Aanvankelijk is Els werkzaam in de kampen rond Salt Lake (nabij Madras) die echter rap dienen ‘te worden opgedoekt’.†

De treurnis herinnert haar aan IndiŽ.


groep kinderen bangladesh


‘Als het straks leeg is, wordt het als ‘transit camp’ gebruikt voor de noordelijke kampen. Maar per 1 maart moet iedereen ‘de deur uit zijn’. Vaak voel ik me als ons in 1946 – wat krijgen ook zij er voor terug? Zo triest als ze daar in vodden gehuld op die open nachtwagens teruggaan. De kinderen zien allerberoerdst uit. Ofschoon de opvang van de evacuťs goed is georganiseerd, is een rantsoen van 14 dagen echt niet voldoende. En de oogst is er pas over zo’n 6 maanden. Ook nu moet iedereen bijspringen. Ik denk dat het weer een wedloop van organisaties wordt.

Wanneer ik naar Bangladesh zelf ga, weet ik niet precies. Blijf zolang hier in ’t zuiden hangen. Geheel anders dan Calcutta. De mensen zijn vriendelijker en behulpzamer.†

De vrouwen zijn allemaal even prachtig. De meisjes tot 12 jaar dragen lange rokken en blouses. Dan tot 18 jaar: een blouse, rok en halve sari. Daarna, of als ze eerder trouwen, de gangbare sari’s. Bloemen in ’t haar is hier een gewoonte. Elke morgen en middag een verse slinger.

Geweldig gezicht. Als ze bijvoorbeeld 30 paisa verdienen, besteden ze 10 paisa aan dit soort versiering. Dit moeten goede mensen zijn.’

twee vrouwen was bangladesh


Ontw werkers eten achter tralies

Maanden later, kerst 1972, tikt Els een verslag voor Terre des Hommes waarvan een kopie in de koffer achterbleef. Het is haar laatste beschrijving uit Bangladesh.

‘Hier in huis is de sfeer als in oorlogstijd. Van ťťn apparaat is al een set batterijen gestolen. En als de medische studenten hier komen ontbijten, is hun eerste gang altijd de radio. Mind you, at 6 o’clock in the morning Radio Bangladesh. En dat gaat dan dag en nacht door. Ons aller Bidie wordt soms furieus en draait dan keihard Dave Brubeck of zo. Kakofonie van geluiden.†

Van werken komt niet veel. John zegt: ‘Ze hebben geen interesse meer nu ze weten dat ze bijna terug kunnen.' Hun hospitaal telt dan ook vele lege bedden en ik moet zeggen: ook bij Caritas eenzelfde beeld.†

In de blocks is van alles te weinig. Te weinig water, te weinig eten, te weinig kleding. Vanwege de sociale indicatie (de plaatselijke cultuur) is het gemiddelde van 5 geboortes per dag nog niet eens zo hoog.†


journalisten


Jongens B'desh

In het kamp zijn de hulporganisaties hard bezig met distributie van kleren en dekens. Van de laatste 1 per familie. Veel te weinig, het kan hier zo koud zijn, vooral in de hutten. De voedingstoestand van de kinderen is nog steeds niet best, ondanks alle feedingcentres. En wat moeten ze als ze weer terugkeren?

25 December begon heel stemmingsvol maar eindigde in een vechtpartij. Een tourist gaf zomaar Rs 8000 voor de kinderen en daarvan mochten we eindelijk iets kopen wat ze niet alle dagen kregen. Na veel geharrewar kreeg ik wat los voor de Alhpa-centres: 6000 kids.†

Het was rampzalig.†

Groep mannen B'desh


6000 greedy hands. Keus genoeg. Teveel zelfs. Dus was het steeds maar ruilen. Wie heeft er nou ervaring met kids in een speelgoedwinkel – en dat dan verduizendvoudigd. Inclusief de moeders en vaders. Er was geen houden meer aan. Ze sprongen over de hekken, vertrapten onze zorgvuldig opgestelde loophekjes etc.†

Jac Smit Els B'desh gezin

De chauffeur van Save, die Max Gorden me had gestuurd, trof me in een clinch met volwassenen.†

Twee mannen B'desh





Er ging een gejuich op als ik het voor elkaar kreeg om een paar van die sterke beren terug over het hek te smijten.†

Niet de macht van ‘de witte huid’ maar gewoon de kracht van een klein mandarijntje.†



Vrouw waterpot B'desh


Het werk in Bangla Desh valt zwaar, zwaarder dan in Biafra. Met zoveel honger om haar heen, eet Els zelf slecht, soms niet meer dan een handje rijst. Het werk wordt er alleen maar zwaarder door.

kindervoeding

Onder de vele internationale hulpverleners ontmoet ze echter een veertiger uit de VS met wie het meteen klikt.†

Hij werkt voor de UN Development Programs en probeert met cijfers en rapporten overheden te overtuigen om niet blindelings voor grootschalige landbouw te kiezen maar meer geld en aandacht te besteden aan kleinschalige voedselvoorziening in en rond het huis. Een paar kippen, misschien een geit of een koe, een moestuin, grote bakken met aarde – bij elkaar vormt het zelfs in rijke landen minimaal zo’n 20% van de voedselketen.†


Tribute to Jac Smit met Els

Jac geheel links, Els geheel rechts.

Later geeft Jac smit er de naam urban farming aan: de zelfvoorziening in voedsel - en brandstof - die wereldwijd de beginfase van vrijwel elke stad, dorp en gehucht bepaalt maar door o.a. industrialisatie aan het verdwijnen is. En daarmee de sociale en psychologische park-achtige voordelen als onderling contact, saamhorigheid, groen, rust, enz.

jac smit portret Bangladesh

Na twee jaar loopt beider werk in Bangladesh ten einde. Het verliefde stel reist naar Java om de Borobudur te zien.†

Een jaar later, eenzaam in een hardhouten logement in Tokyo, is Jac er nog steeds vol van.

'Het was in kleine ryokan dat ik je het meeste miste, liggend op de vloer, orchideeŽn in het raam, gele gingko biloba, rode esdoorn, langdurige schemering en gedroogde chrysanten drijvend in heet water…

Je Garuda en ik zijn vrienden, we zijn inmiddels op vele plekken geweest (Kyoto, Nara, Osaka). Hij slaapt in m’n rugzak, in een fraai gevoerd tasje. Het is een bijzonder beeldje. Dank (met ’n beetje vocht in m’n ooghoek).†

Ik lees ‘Snow country’ van Kawabata, een prachtig verhaal uit de vijftiger jaren.

De avond schemerde lang en slapen onder een dekbed in de kou voor het open raam was geweldig. Ben in de ochtend eindeloos gaan wandelen, onopgemerkt, behalve dan door vier giechelende schoolmeisjes.

Borobodur Bali Els

Els, je weet niet half hoe zeer ik genoot om samen met jou IndonesiŽ te zien. Het was geweldig. Waarom zoiets zeggen? Omdat het me nog steeds verbaast. Nog afgezien van het reizen en kamperen met jou dat ik nog leuker vond dan de reis zelf.

Jac Smit Borobudur 2

Els woont inmiddels weer in Amsterdam, terwijl haar geliefde de wereld rondvliegt. Op zoek naar opdrachten en subsidies. Ze schrijven elkaar eindeloos veel brieven.



4 november 1974, Thanksgiving, New York.†

Vandaag een zeldzaam perfecte dag in Central Park. De hazelaar staat in bloei en de meidoorn heeft bessen als sneeuwballen zo groot. Voetballers raken gewond en puberende meisjes juichen de blauwe plekken toe. De fietsers proberen fanatiek ergens te komen terwijl de ruiters hobbelend een end wegkletsen. Een man en vrouw van onze leeftijd kochten een Aziatische vlieger aan een nylon touwtje. Ze willen de vlieger laten vliegeren maar hij houdt z’n NY Times onder z’n arm geklemd en zij haar handtas.†

NY City for you.

Op de tonen van een Caribbean steel drum danst een bebaarde man (van mijn leeftijd) met enkele kleine kinderen. Als hij echt gek doet, rennen ze weg en gooien bladeren omhoog om hun nervositeit te verbloemen.

Een mooi jong stel legt hun even mooie jassen af om te gaan dansen, maar hun bewegingen, zo te zien opgedaan in discotheken, passen niet bij de muziek bij de boom.†

Ponder this

Kastanjes kosten er een dollar per dozijn.

Zoals je ziet, Els, ik heb niets te vertellen.†

Dank voor je brieven.

Els, ik ben blij met mijn wedergeboorte. Sorry, the Seventh Veil heb ik nooit gezien. Ik moet me nu aankleden voor het diner. Was je maar hier!



20 november 1974 Newton, Ma, VS.

Koud en regenachtig. Ik zou je - heel graag - hier willen hebben.†

Beneden zijn er gasten. En drank. En eten. Ik dacht dat NY koud zou zijn en Boston warm, vriendelijker, maar het is andersom.

Landbebouwing Bangladesh

Via Oxfam America heb ik van alles geprobeerd voor Bangla-desh. Morgen hebben we een redactioneel stuk in de NY Times dat hopelijk geld gaat opleveren. Ik vind het pijnlijk om over ‘mijn hongerend volk’ te spreken terwijl ‘mijn regering’ aan consumptie bezwijkt.†

Hier in Boston voel ik me Bengali. †En jij?


8 december 1974 New York:

Zag vanavond Fellini’s Amarcord. Het is een soort ijssalon pistache, herinneringen aan betere tijden (m.u.v. de dood van z’n moeder). Een film die je jong en vrolijk laat voelen. Na de voorstelling liep ik langs een tent die Ice Cream Parlour op de gevel had staan. Gebogen hout, marmeren tafels, Tiffany glas in lood lampjes en andere aankleding uit de twintiger jaren. Ik ging naar binnen want het oogde als het verlengde van de film.†

Jammer genoeg kon ik niet als in de film de serveerster in haar kontje knijpen, er werkten alleen homoseksuele jongens.†

Dus had ik een sandwich… de beste ooit.

Op een fraaie schotel kreeg ik twee sneetjes bruinbrood, twee ons ricotta, plakjes appel en komkommer, bestrooid met gesneden paddenstoelen en gegarneerd met geraspte mierikswortel, knoflook en een toefje limoensaus.

Heerlijk.

Jac Smit Borobudur 3

Pas vanavond realiseerde ik me hoe leuk ik het hier vind in deze prachtige steden. NY en Boston. Met werkelijke vrienden – en tijd te spenderen. Als ik zeg dat ik wou dat je hier was dan is dat alleen opdat je er ook van kon genieten. Niet dat ik je hier in NY wil hebben maar meer dat het leuk zou zijn om m’n kamer met je te delen.

Els, ik heb geen idee waarom je nooit bent getrouwd. Voor mij is het geen teken van iets. Ik ben ervan overtuigd dat twee mensen van in de veertig niet in de gebruikelijke zin trouwen maar alshetware tot een ‘overeenkomst’ komen.†

Huwelijk is voor jongeren die het leven noch zichzelf kennen.

Jij houdt van mij en ik van jou. Ik denk dat van mij houden voor jou belangrijker is dan het voor mij is om van jou te houden. Niet dat er iemand anders is die net zo belangrijk is als jij. Ik ben echter zeer, zeer belangrijk voor mezelf. En in het verlengde ervan: mijn carriŤre, mijn vrienden, mijn interesses, mijn plezier, enzovoorts.

Als een man of vrouw in een Amerikaanse film tot iemand van het andere geslacht ‘I love you’ zegt, impliceert dit dat die ander hun verwachtingen moet waarmaken. Hun liefde waardig dient te zijn. Jij bent een ongelooflijk mooi mens die een edele vorm van liefde uitstraalt en ik ben niet van plan ook maar te proberen daaraan te voldoen.†

Dit is mijn (Amerikaanse) probleem, niet het jouwe.

Ja, ik herinner me de jongen zonder penis.†Ja, ik weet de maand wachttijd na vasectomie.†

M. doet je de groeten.

Je zou me hier niet herkennen: dagelijks in een grijs pak met een rood gestreept overhemd, laatste stijl bril en schoenen…

Els, de VS is best okť, over het algemeen is de sfeer niet zo slecht, het voelt aan als een tijd van afwachting.†

Ik zie je met Kerst, ik wil in je hoofd en lichaam zijn. - Jac.


Oude Waal 17a


In Amsterdam verhuist Els per 1 januari 1975 naar Oude Waal 17a. De bovenste verdieping geeft breed zicht op schepen in de gracht en oude panden langs de Binnenkant.

Ze is zeer gelukkig met de etage maar ook met de locatie, zo vlakbij de Chinese buurt en de Binnen Bantammerstraat. Bovendien kan ze om de hoek, op een stuk braakliggend Nieuwmarkt terrein, er een volkstuintje op nahouden.†

Aangezien junks er ’s nachts van alles uitspoken, kweekt ze geen eten maar allerlei bloemen, voornamelijk zonnebloemen.†


Bezoekers Oude Waal 17a

Vrienden op bezoek aan de Oude Waal in de zeventiger jaren.


Af en toe lukt het Jac om onderweg naar of van Cairo, Sheffield, Dacca, Dar es Salam of New York een paar dagen te komen logeren.†

Als hij ergens dichtbij moet zijn, zoekt Els hem op – als ze tenminste tijd vrij weet te krijgen van het Binnengasthuis.


9 februari 1975, Sheffield:

Eenzaam en depressief, Kinta, ik heb niets te zeggen. Ik absorbeer Engeland van politiek tot voetbal. Dit huishouden is een en al kennis en belangstelling zolang het maar over Engeland gaat: tuinieren, schaken, linkse politiek, universiteitsbeleid, geschiedenis, televisie enzovoorts. Ik herken het uit m’n jeugd om de wereld te zien vanuit een campus.†

En wat zie ik dan helemaal?

Allemachtig, het eten is verschrikkelijk. Elke dag kool. Alhoewel, er was ’n dag met broccoli. Soms is er ’n potje gemengd vlees. En pudding. Grrr… Schat, ik weet dat je nooit klaagt en ik weet dat je dit ook allemaal weinig kan schelen.

Ik heb je paperwhites (hyacinten) maar geplant, kon niet langer wachten, ze werden groen.†

Moest je huilen op de boottrein terug?

Els kind kleur Bangladesh

Vandaag heb ik zitten schrijven over de Bengaalse hongersnood van ’74. Nog niet over de politiek, alleen over de achtergrond (zonder het lijden van de mensen).

De winter is aangebroken, vochtig en koud, en ik zit zonder wolletjes. Mijn studenten (voor de helft Bengali) zijn aardige mensen, werkelijk geÔnteresseerd in wat ik te zeggen heb. Nog geen stimulans gehad van een andere faculteit – waar ik wel op had gehoopt.

Ik weet, dit is geen manier om te eindigen.†Ik smacht naar je aanraking. Love, Jac.


11 februari 1975, Sheffield:

Geweldig om je stem te horen, ik voelde me daarna urenlang goed, neuriŽnd en zingend. Terwijl het een zware dag is: vier uur college. Ook ontving ik twee brieven van je. Dankjewel. Je schrijft erg goed.†

Beter dan je spreekt.†

Ooit had ik een baas die een aanmerkelijk betere persoonlijkheid aan de telefoon had dan in het echt. Een vriendin van me had een veel beter karakter in het Frans dan in het Engels, terwijl haar moedertaal nota bene Duits was en ze ook nog tamelijk slecht op papier is.

Terwijl ik dit schrijf - tegen middernacht - deel ik mijn gevoelens met een opiumgewicht en een Indiase dame met vier oren en malle armen die slechts tot haar taille komen.†

Buiten mist het.†

Welnu, vele dagen en nachten heb ik ‘geworsteld’ met het conflict rond trouw, geloof en loyaliteit in mijn relaties met vrouwen en mannen. En binnen het huwelijk. Zelfs nu ik het opgelost denk te hebben, achtervolgt het me nog aangezien de meeste van mijn vrienden niet bevrijd zijn van deze wurggreep waarmee geschiedenis ons vasthoudt.

Loyaliteit heeft me heel wat schade opgeleverd tijdens m’n leven. Ik heb teveel vertrouwen in m’n medewerkers en vrienden. Ik blijf langer loyaal aan mijn omgeving dan omgekeerd. Ik ben er sterk genoeg voor, dat wel, en kan ook vertrouwen in zwakkeren hebben.†

Ik ken echter geen trouw.†

Els, het zal me meer dan verbazen als ik je een dag trouw kan bieden. (Dit kun je aan je punten ter discussie toevoegen.) Jij zegt niets over jouw gevoelens en opvattingen, behalve dat je ‘erover nadenkt’.†

Blijft je laatste woord over dit onderwerp dan ‘oneerlijkheid’?

Het is niet zo dat er andere geliefden zijn. Het is wel zo dat ik voor anderen vriendschap en genegenheid koester – en zij voor mij.

Ik kan ook om regen bidden zÚnder in God te geloven.

Een is onleesbaar

Happy Valentine’s Day!†

Ik zal het vieren door een etentje te hebben met twee plaatselijke communisten (die met verve ‘gewapende strijd’ in Bangladesh promoten).

PS: Wat er met R. speelt, is dat ze nog steeds niet volwassen is. Zij niet en haar Ierse vriendje ook niet. Ze zijn zeer aardig. Zij is slim maar adolescent en bang om op te groeien.†

Maar mijn schouder is geen kruk.


16 februari 1975 Sheffield

Mijn probleem, schat, is dat ik vandaag niet veel te zeggen heb.†

‘Vrijheid, keuze, vrije wil’? Heeft het individu enige vrijheid als hij lid is van een machteloze groep? Het beste antwoord dat ik ken, was The Blacks (toneelstuk van Jean Genet) dat ik in Zuid-Afrika zag.†

Jij en ik, wij zijn zo vrij (wij immigranten en nakomelingen van immigranten). Hoe begrijpen wij het gebrek aan vrijheid van de meeste van onze vrienden en cliŽnten?

Happy Chinese New Year!


26 maart 1975 23:45 London

Bedankt voor je brief. Zeg alsjeblieft tegen Ron: satelliet onderzoek toont 185 miljoen hectaren vruchtbare, goed bewaterde grond in Sudan (Sahel) dat momenteel niet wordt bebouwd maar waarop wel tarwe, gierst, maÔs en katoen kan groeien.†

Autoraamautoraam 2






De vraag is of bebouwing zal worden uitbesteed aan multinationale onder-nemingen met alle winst aan hen en aan de regering van Sudan of dat de boeren uit de rondom liggende, overbevolkte landen (te beginnen met Egypte) het mogen verbouwen.†

Zoals de hongerige Europeanen ooit deden met Noord-Amerika.

Had een Japans etentje met R. en G. Hij houdt van haar en zij houdt van haar. Zij kan geen genegenheid uiten, als ze die al voor hem koestert. Misschien is ze wel verliefd op het verliefd zijn. Hoe dan ook, ze bewondert jou.

Op 6 april vlieg ik Cairo-Brussel-Amsterdam. Okť?

Ik accepteer in zekere zin (niet helemaal) dat wij een ‘onderbroken relatie’ hebben. Als ik onze relatie als ‘gewoonlijk samen’ zou bezien, dan zou ik me beklagen en ongerust voelen totdat die weer werd onderbroken.

De afgelopen twee jaar hebben we ongeveer de helft van de tijd samen doorgebracht. Ik denk (en hoop) dat we langdurig samen zullen blijven. Op die manier bescherm ik mezelf ook tegen de angst voor afscheid.

Ongeacht alle onzin - ik ben een vrij beest - zal ik vrij rondzwerven. Evenals jij. Wij zijn niet geschikt om te nestelen. Niet dat we het nestinstinct niet kennen. Het zwerfinstinct is echter sterker – op de lange duur.†

Of zit ik er ver naast?†

Love, love, love Jac.


Tribute bedden



25 maart 1975 Bombay, India

Deux Cheveaux Bangladesh 1972

Kan ik 16-17 april langskomen? Na m’n maandje India is er heel wat dat ik met je wil bespreken. Ik vond het leuk om hier te zijn tijdens de verkiezingen. Ongelooflijk. Het land lijkt uit een lange slaap tot leven te komen.†

De inwoners van Delhi waren te bang om te telefoneren, te bang om te praten in een restaurant. Er waren regelmatig arrestaties zonder enige aanleiding. Vijfhonderdduizend armen werden voor de verkiezingen onder dwang de stad uitgezet, naar gebieden zonder water.†

Plotseling was iedereen kritischer dan ooit tevoren.


In die tijd kwam ook ik regelmatig in New Delhi. De Congress Party van Indira Gandhi had voor de verkiezingen alle bedelaars gearresteerd, in vrachtauto’s geladen en in open velden ver buiten de stad weer vrij gelaten. Ver genoeg om hoogstens nŗ de verkiezingen de stad weer - lopend - te kunnen bereiken.†

In diezelfde tijd verschenen er hoge borden langs Cannaught Circus met verkiezing-slogans als ‘The nation is on the move’!'

Nog een andere die ik me herinner:†‘Keep up with tradition, join the army!'


April fool 1975 Londen

19 aug 1975 Terre des hommes

Ik mis je heel erg. Tegenover me staat je foto. Over een week ontmoeten we elkaar gelukkig. Waarom ik tussentijds een telefoon-mogelijkheid had geregeld? Sinds de Nieuwmarkt-rellen heb ik geen bericht meer van je gehad.†

En ik ben van slag door Faisal’s overlijden en Kissinger’s mislukking.


19 april 1975, Cairo

Kinta, vanuit mijn perspectief voel ik dat jij, evenals ik, heel bijzonder bent.

Als ik de spiegel kijk, zijn we beiden tamelijk gewoontjes.

Maar ach, weet die spiegel veel.

Ik liet A. jouw nagelschaartje gebruiken; misschien is dit een belangrijkere mededeling dan bovenstaande. Hij vindt het belangrijk hoe hij overkomt. En jij mag ‘m wel. En ik z’n vrouw. En jou.

Els, schat, Cairo is goed, je zult het hier leuk hebben.†


22 april 1975 Cairo. Briefhoofd: Master plan studies for the Suez Canal Zone, Arab Republic of Egypt: United Nations Development Programme, Regional Development Advisory Group. Study adviser: Jac Smit

Schrijvend tegenover een spiegel zie ik dat ik al aardig gebruind ben. Maar m’n buik is groter dan ooit. Moet jij soms ook enkele kilo’s kwijt? Het zal meer dan leuk zijn om samen te zijn. Kinta, het zal echter niet zo leuk zijn om met mij te zijn. Te druk. Het werk is moeilijk en veeleisend. Natuurlijk ben ik er blij mee.

potzegels en munt

De mensen met wie ik werk zijn goed en warm. Ze waarderen me. Tot dusver heb ik geen tijd gehad om naar een appartement te zoeken, te gaan winkelen of ook maar iemand buiten het kantoor te ontmoeten.

Zoals je weet ben ik, anders dan Cyrano, stil zodra ik liefde voel.

Een uitstekend rapport van M. over de Freedom Fighters. Helaas, buiten hemzelf geen enkele vermelding van medewerkers.†

Typisch M.


24 april 75 Cairo

Hoe is het met je? Vreemd om zo lang niets van je te vernemen. Hopelijk komen mijn brieven wel aan. Net terug van twee dagen langs het Suezkanaal.†Geweldig. Voel me sterker.†

Goede mensen die verkeerde dingen doen. Ze doen het ene†project†na het andere zonder enige planning. Als ik voorstel†‘Het is beter om eerst een plan te maken’†zeggen doen ze†‘Okť, goed, maar dan zonder de boel te vertragen, anders kost meer geld.'

Ondertussen huurt de regering een engineer-consultant uit New York, een gepensioneerde professor in stadsplanning. Zonder enige project-ervaring.†

Tel uit je winst.

De woestijn is… spannend! Behalve dan dat het verkloot is door het militaire†etablissement. Van hier tot de SinaÔ niets anders dan grote legerbases. Intens lelijk.

Jac Smit, vrouw kind B'desh

De voornaamste ingenieurs en de†gouverneur†van het Suez-gebied zijn elk ex-militairen. De contracten gaan allemaal naar bedrijven die volledig eigendom zijn van het†ministerie voor volkshuisvesting en wederopbouw… waar wij dan weer voor werken….

Nu weet je meer dan je had willen weten.†

Het is een hete dag.

Love, Jac.



29 april 1975† Cairo (The Development Advisory Group briefhoofd)

Lieve Els, hoe gaat het? Vannacht is het alsof ik nooit in Europa heb geleefd maar hier rechtstreeks terechtkwam vanuit Bangladesh. Dit is dezelfde tikmachine die ik ooit voor de Freedom Fighters kocht.

Ik heb m’n bril in het vliegtuig laten liggen, dus doe ik nu maar een cursus blindtypen. Gemiddeld heb ik minder werk maar meer rapporten te schrijven. Hť, deze machine heeft een ij en een fl-teken!

Tot over twee maanden in Amsterdam.


3 mei 1975 Cairo†

Lieve Els, je bent nummer 1. Daarnet droomde ik in bed te liggen met twee vrouwen. Totdat een van hen vertrok. Ik draaide me naar de andere en dat was jij. Het maakte me erg gelukkig.

Morgen verhuis ik naar m’n tijdelijke flat.†

Het werk is slopend.†

Ik heb ‘Sometimes a Great Notion’ van Ken Kesey uit. Zeer, zeer goed.†

En ga nu over op Janis Joplin.

Ja, kom met me mee naar Londen. Dan brengen we de maandag door in Amsterdam. Dins- en woensdag weer in Londen. Dan terug naar Cairo op donderdag. Maar misschien heeft het zin om donderdag in Rome te stoppen voor besprekingen over een project in Tunis.


Binnen gasthuis briefje 75

9 mei 1975†Cairo

Mijn nieuwtje is dat de dame op wie ik ooit verliefd was, gaat trouwen met een ander (ook van Hollandse komaf). Ik ben blij voor haar. Niet zozeer voor hem, ze is niet erg volwassen.

Verder? ik zit hier nog 2 tot 3 weken. M’n werk wordt goed geaccepteerd maar het project wordt zo slecht beheerd dat het wel weer verloren zal gaan.

landbewerking bangladesh

Ontmoette een vent bij de plaatselijke sportclub (ik rende vandaag meer dan 5 mijl) die net terugkwam uit Bangladesh.†

Misschien kan ik maar beter daar gaan werken, in armere landen dan Egypte.

Heb je Pramoedya Ananta Toer gelezen? Ik heb net ‘Bumi Manusia’ uit. Het speelt in Surabaya en zal je bekend voorkomen. Ik kijk uit naar de andere drie delen in de post. Ondertussen worstel ik me door ‘The second sex’ van Simone de Beauvoir.

Moeder kind Bangladesh

O, nog een nieuwtje. Ik heb een succesvolle vasectomie achter de rug. Nog steeds veel pijn maar ik voel me beter mŤt dan zonder.†

Kon ik het opnieuw doen dan liever niet zonder een geliefde erbij.†

Beter delen.


13 mei 1975 Cairo

De eenzaamheid verteert me. De pijn is intens en constant. Niet veel werk. Kameraadschap helpt. Ontbijt met de een, squash met een ander, ik vermijd nachtclubs. Soms probeer ik het te compenseren met paardrijden in de ochtend. Of met joggen in m’n eentje tijdens zonsopkomst, ook fraai.

Squash: won er 1 en verloor er 3. Tegen een 15 jaar jongere speler.†

Alsof het jou wat kan schelen, ik weet het.†

Maar mijn werk gaat goed.

Moeder baby Bangladesh

15 april was de datum van je laatste brief. Hoe kan ik vertellen zonder vragen?†

De dominostenen vallen om, triest voor mijn en jouw vrienden in Laos en Cambodia – en voor voedsel in de wereld.†

Vierhonderd miljoen dollar voor 115.000 Vietnamezen en geen vier miljoen dollar voor miljoenen Biharis.†

Waarom heb ik het er nog over?

Ik zit (en drink) in M.’s pyjama en lees Equus.

Hť, wil je (nog) iets voor me doen: vraag J. of ik een vertrouwelijk exemplaar van de Fokker uitgave over binnenlands transport mag hebben.†